Nog even doorpraten en Schiphol ligt vanzelf in zee – gratis

Het LBBL (Landelijk Burgerberaad Luchtvaart) heeft onderstaand persbericht uitgebracht. Het LBBL is de koepel vna organisaties van omwonenden rond vliegvelden – mijn organisatie BVM2 is een van de oprichters).
Toevallig stond op de dag dat dit bericht de deur uit ging, dat belangrijke Nederlandse kenniscentra al noodscenario’s opstellen voor het geval de zeespiegel in een niet nader aangeduide toekomst 2 tot 4m stijgt.
De samenloop in de tijd was toeval, maar het tekent het probleem.

Ik neem dit persbericht van het LBBL over.

Het LBBL zegt: a little less conversation, a little more action please

Amsterdam, 1 oktober 2019 – Op woensdag 2 oktober is er in Den Haag, op voorstel van een aantal leden van de Tweede Kamer, een rondetafelgesprek over de mogelijkheden voor een luchthaven op zee. “Best interessant”, zegt het LBBL (Landelijk Burgerberaad Luchtvaart), “maar wat de regering vooral zou moeten doen is rigoureuze maatregelen nemen tegen de groei van luchtvaart – en wel ogenblikkelijk.”

Meerdere nieuwe rapporten geven daar volgens het LBBL alle aanleiding toe. Zo beschrijft “Changing climate both increases and decreases European river floods” (Nature, 573, pages 108-111) hoe toenemende regenval in de herfst en winter nu al leidt tot vaker overstromende rivieren in Noordwest-Europa en dat dit goed te verklaren is met de bestaande klimaatmodellen.

Dan is er ook het recente IPCC-rapport over de oceanen en de cryosfeer, dat, naast allerlei ander leed, ook de te verwachten zeespiegelstijging bespreekt. Bij ongewijzigd beleid zal de zeespiegel waarschijnlijk met 60 tot 110 cm gaan stijgen. Het IPCC schenkt, meer dan voorheen, ook aandacht aan meer extreme uitkomsten zoals een denkbare stijging van 200 cm. Ook heftige stormen op zee zullen steeds vaker voorkomen en onze rivieren zullen aan-merkelijk forsere hoeveelheden neerslag te verwerken krijgen.

En tot slot het Remkes-rapport. Dit maakt duidelijk dat drastische maatregelen nodig zijn om de stikstofdepositie op Natura2000-gebieden terug te dringen tot wettelijk toegestane niveaus. Eén van die maatregelen is het terug-dringen van de verbranding van fossiele brandstoffen bij hoge temperatuur.

De drie rapporten wijzen eenzelfde kant op: de noodzaak om het gebruik van fossiele brandstoffen sterk te verminderen – zeker in de luchtvaart. Waarom? Omdat een hogere zeespiegel en almaar toenemende hoeveelheden neerslag die onze rivieren overbelasten het risico vergroten dat steeds grotere delen van Nederland simpelweg zullen overstromen.

Schiphol en de andere luchthavens
Het moge in eerste instantie ironisch lijken: een onderneming als de Schiphol Group kiest voor verdere groei, waarmee ze in steeds grotere mate bijdraagt aan het risico dat op termijn haar eigen bedrijfscomplexen onder water staan. Wij verwachten van Schiphol dat ze ‘de knop omzet’ en net als andere sectoren een strategie ontwikkelen gericht op maximale vermindering van broeikasgasemissies.
Een stuk minder ironisch is dat heel Nederland de dupe wordt als het echt tot extreem weer, flinke zeespiegelstijging en andere klimaatellende komt.

Natuurlijk mogen burgers en organisaties vragen onderzoek te doen naar de mogelijkheden voor een luchthaven in zee. Maar de regering zou nu in de eerste plaats haar verantwoordelijkheid moeten nemen in het waarborgen van een veilige leefomgeving.

De signalen zijn overduidelijk, we ontkomen niet aan een snelle en zeer sterke vermindering van CO2-emssies. Het Parijse Klimaatakkoord, waar Nederland zich in 2015 bij aansloot, legt vast dat de CO2-emssies in 2050 nihil moet zijn. Luchtvaart kan zich daar niet aan onttrekken. Schrap om te beginnen Lelystad Airport.

Chubu International Airport, Nagoya, Japan

Luchtruimherziening gaat in procedure

Vanuit de verkeerstoren op vliegveld Eindhoven

De Herziening van het Nederlandse luchtruim is in procedure gegaan.

Deze Herziening is vooral aan de orde geweest vanwege Lelystad, maar heeft zijn effecten ook elders in het land, waaronder in Zuid-oost Nederland. De herziening gaat over zowel het civiele als het militaire verkeer.

Op dit moment (tot en met 07 oktober) staat de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) open voor zienswijzen.

Deze Notitie heeft nog een hoog abstractieniveau. Hij geeft alleen zaken als de doelen en de toetsingscriteria voor de nieuwe indeling. Wie dus vindt dat de vliegtuigen een ruimere bocht rond Son moeten nemen of bij Kleine Brogel rechtdoor, kan dat nu niet vinden. Wat er in dit verband wel staat is dat het belang van bewoners op de grond een toetsingsfactor is.
De NRD is de eerste stap tot een Plan-MER en daar wordt het concreter.
De notitie is te vinden op www.platformparticipatie.nl/projectenlijst/programma-luchtruimherziening/index.aspx . Men komt dan op een pagina met informatie. Onder de TAB ‘Voornemen’ staat een tweede pagina, met een link naar de tekst van het document en naar de locatie om in te spreken (www.platformparticipatie.nl/projectenlijst/programma-luchtruimherziening/voornemen/ )

Bernard Gerard heeft voor zichzelf, en voor BVM2, een zienswijze ingediend die op twee aspecten ingaat. Hieronder staat hij.


Zienswijze van
Bernard J.M. Gerard
secretaris Beraad Vlieghinder Moet Minder (BVM2)

Het Beraad Vlieghinder Moet Minder (BVM2) is een platform met 32 aangesloten organisaties (milieugroepen, politieke partijen, dorps- en wijkraden, enz), en ca 2000 rechtstreeks aangesloten individuele ondersteuners.

Ik wil, als persoon en namens BVM2, de volgende twee zaken inbrengen:

— Om aan de eisen van het Klimaatakkoord van Parijs te kunnen voldoen, kan de luchtvaart, ondanks diverse (beweerde) technische verbeteringen niet verder groeien. Mogelijk moet ze zelfs krimpen.
Ik vind het dan ook niet nodig dat (zoals onder de Doelen, hfdst 1.2, blz 9 en ook elders), dat gestreefd wordt naar een grotere capaciteit van het luchtruim.
Door niet te streven naar uitbreiding van de capaciteit, ontstaat extra beleidsruimte om andere gewenste doelen beter te kunnen realiseren.

— Onder de Toetsingscriteria in hfdst 3.1, blz 28 en 29, wordt het klimaat slechts ingevoerd via de CO2-emissies (zie de tabel op blz 29).
De uitlaatgassen van vliegtuigen op kruishoogte (10 a 11km) leiden echter tot een extra klimaateffect, de “niet-CO2 – effecten”. Deze leiden tot een rechtstreeks beïnvloeding van de stralingsbalans van de aarde door aerosolen, tot indirecte beïnvloeding door chemische reacties met reeds in de atmosfeer aanwezige gassen, en tot de vorming van contrailstrepen en cirrusbewolking. Met name deze contrails en cirruswolken hebben een sterk opwarmend effect. Verder beïnvloeden deze wolkvormen de beleving van de mensen aan het aardoppervlak van een blauwe hemel.
De wetenschappelijke literatuur wijst uit, dat het opwarmend effect van deze niet-CO2 – effecten in dezelfde orde van grootte is, of mogelijk groter, dan de opwarming die op gangbare wijze berekend wordt met alleen CO2.
Ik verzoek u om genoemde niet-CO2 – effecten mee te nemen als toetsingscriterium in de Plan-MER.

Het luchtverkeerssysteem

Nieuwsbrief BVM2 september 2019 is uit

BVM2 brengt op gezette tijden een nieuwsbrief uit. Op 25 september is onderstaande nieuwsbrief naar de ondersteuners van BVM2 verzonden.
Hieronder de inhoudsopgave en daaronder de volledige tekst als bijlage.

Nieuwsbrief september 2019

Er vinden rond het vliegen belangrijke ontwikkelingen plaats, zowel rond vliegveld Eindhoven als landelijk.
Daarom een nieuwsbrief voor de achterban van het Beraad Vlieghinder Moet Minder (BVM2). Hierin de volgende onderwerpen:
• De Klimaatstaking en Klimaatmars
• De kennisdag van het LBBL op 12 oktober 2019
• De minister en het Proefcasus – advies van Van Geel
• De Luchtvaartnota 2020 – 2050
• Greenpeace – actie

Tegen de schrijftafelroof in Frankfurt!

Iedere keer als mijn porem op de homepage van deze site weer duizend keer is aangeklikt, schrijf ik een keer over een ander onderwerp dan mijn normale repertoire over energie en milieu. Overigens zit er tussen twee opeenvolgende 1000-tallen geleidelijk aan steeds minder tijd.
Ik ben zojuist de 21000 gepasseerd. Niet slecht voor toch een tamelijk specialistische site.

Nu maar eens over een andere bezigheid. Ik stond op vrijdag 20 september met de SP op de 50+ beurs in Utrecht met een krant over de pensioenen – zijnde mijn hoofdinkomsten.

De SP vond het pensioenakkoord te slecht en heeft er niet mee ingestemd. Ook ik ben tegen deze schrijftafelroof vanuit de Europese Centrale Bank in Frankfurt. Talloze andere aanwezigen op de 50+ beurs vonden dat ook.
En het akkoord helpt niet eens, want de inkt was nog niet droog of de volgende drastische verlaging komt er al weer aan. Reden voor mij om met de actie me te doen.

Zie verder www.sp.nl/nieuws/2019/06/marijnissen-voor-rechtvaardig-pensioen-is-meer-nodig .

In gesprek met een links heerschap van de Omroep-Max.
Dat partijleider Lilian Marijnissen over de schouder meekijkt, berust op toeval.

Fototentoonstelling over rijzende zeespiegel

Foto Kadir van Lohuizen

De fotojournalist Kadir van Lohuizen heeft de hele wereld afgereisd om foto’s te maken van problemen, die de rijzende zeespiegel nu al met zich meebrengt. Mogelijk de vriendelijkste uit de serie staat hierboven afgedrukt.

Het dagblad Trouw schrijft een artikel over de foto’s onder de titel:”De onontkoombare verwoesting in beeld gebracht“. Dit is te zien op www.trouw.nl/duurzaamheid-natuur/de-onontkoombare-verwoesting-door-de-stijgende-zeespiegel-in-beeld-gebracht~b4ad180f/ .

De tentoonstelling Rijzend Water vindt plaats:
In het Amsterdamse Scheepvaartmuseum
tot 10 mei 2020 .

Milieudefensie publiceert studie naar fossiele energie-subsidies in EU

Context en bronnen
De Europese Unie eist van de deelnemende landen dat die een National Energy and Climate Plan maken (NECP). De Nederlandse versie daarvan heet het Integraal Energie- en klimaatplan 2021-2030 (INEK). De EU-landen hebben inmiddels een concept (‘draft’) ingeleverd (meestal rond december 2018) en de Europese Commissie (EC) heeft daar juni 2019 zijn reactie op gegeven. Eind 2019 moet de definitieve versie geleverd worden.

Een onderdeel van zo’n NECP is dat de bestaande subsidiestromen voor fossiele energie in kaart gebracht worden. Die subsidies verstoren immers de gelijke kansen van duurzame energie en zijn in strijd met de intentie van het Klimaatakkoord van Parijs. Bovendien kunnen sommige subsidies ertoe leiden dat landen zichzelf opgehangen hebben aan het resultaat van een dure subsidie.
Alle EU-landen moeten daarom van de EU (en dus van ook henzelf) in 2020 die fossiele subsidies uitgefaseerd hebben.

De organisaties ODI, CAN, ETTG en Milieudefensie (via de Friends of the Earth-koepel) hebben de concept-versies van deze NECP’s onderzocht. Het onderzoek is in Nederland gepubliceerd door Milieudefensie. Auteur zijdens Milieudefensie/Friends of the Earth is Laurie van der Burg.
Het onderzoek is te vinden op www.odi.org/publications/11430-fossil-fuel-subsidies-draft-eu-national-energy-and-climate-plans .

De NRC heeft, bij monde van Jan van Poppel, een artikel aan het onderzoek gewijd. Het staat in de NRC van 10 september 2019 en is te vinden op de website www.nrc.nl/nieuws/2019/09/10/onderzoek-twee-keer-zoveel-subsidies-voor-fossiele-brandstoffen-als-voor-duurzame-energie-a3972776 . Hij heeft daartoe wat rondgebeld en extra informatie toegevoegd, oa dat van der Burg vindt dat de accijnsvrijstelling van kerosine moet vervallen. Het ministerie verklaart, desgevraagd, dat dat niet mag van het Verdrag van Chicago, maar dat is niet waar. Zie www.bjmgerard.nl/?p=9345 .

Bij het Milieudefensie-onderzoek hoort een waslijst aan geraadpleegde literatuur. Ik heb daaruit één publicatie geselecteerd, namelijk Phase-out 2020: Monitoring Europe’s fossil fuel subsidies, ook van ODI en CAN. Zie www.odi.org/sites/odi.org.uk/files/resource-documents/11762.pdf . Dit gaat over 11 EU-landen, waaronder Nederland, en over de EU zelf.
Ik heb enkele tabellen uit deze publicatie overgenomen, met name ten behoeve van Nederland.

Ik vind het subsidieren van fossiele energie onwenselijk (en steun daarom de gedachte dat deze subsidies moeten verdwijnen), maar ik vind ze soms niet onbegrijpelijk. En moreel niet altijd zwart of wit.
Het gele hesjes-protest in Frankrijk vlamde op omdat Macron autodiesel duurder wilde maken, maar was zo giftig omdat de achterliggende oorzaak was (naar men zegt, ik heb het niet persoonlijk gecontroleerd) omdat wonen in Parijs zo duur was geworden, dat de lage inkomens de stad moesten ontvluchten en per diesel moesten gaan forensen. En nou werd die diesel ook duurder…  
“Subsidie” is een ruim begrip en heeft vele sociale aspecten waaraan aandacht besteed moet worden.

Cruciaal is wat men bedoelt met “subsidies”. De onderzoekers gebruiken de volgende definitie:

(Rebate = korting, revenues foregone = gederfde inkomsten)

Let wel dat de definitie puur financieel is en bijvoorbeeld geen ziekenhuiskosten door luchtvervuiling of klimaatschade omvat. De maatschappelijke kosten zijn dus groter.

De definitie is afkomstig van de hierboven genoemde VN-organen en van de OECD en die komt weer van de Wereld Handels Organisatie (WTO). De EU kijkt wel naar deze definities, maar heeft ze nog niet formeel overgenomen. Een van de onderzoeksaanbevelingen is om dat wel te doen.

Resultaten voor Europa als geheel
Uit het Milieudefensie-onderzoek blijkt dat geen enkele lidstaat van de EU alles goed doet.
De gesignaleerde reacties van de lidstaten worden door de onderzoekers in acht categorieën ondergebracht, die als kopjes boven onderstaande afbeelding staan.
Het betreft hier overigens nog een concept. Lidstaten kunnen dit concept nog aanpassen als ze de definitieve versie opstellen.

Fossil fuel subsidies in draft EU NECP’s

De EC schat in dat de regeringen van de lidstaten samen in 2014, 2015 en 2016 een grofweg constant blijvend bedrag aan fossiele energie-subsidies uitgegeven hebben van ca €55 miljard per jaar.
Worden daar de uitgaven bijgeteld van Public Finance Institutions (PFI) en State Owned Enterprises (SOE), dan is dit bedrag ca 112 miljard per jaar. Verwezen wordt hierbij naar het door mij geselecteerde onderzoek uit de literatuurlijst).
Wat een PFI of SOE is, zal ik uitleggen aan de hand van Nederland.

Voorbeelden van mogelijke subsidieroutes (Phase-out 2020)

Nederland
Nederland beweert dat het geen fossiele energiesubsidies verstrekt. Een “subsidie voor de gaswinning op de Noordzee” mag van minister Wiebes niet zo heten, omdat het geld dient om “de economie te stimuleren, niet om de fossiele industrie te sponsoren”. Aldus in het bovengenoemde NRC-artikel. Een dergelijk gesjoemel met definities is exemplarisch. De regering hanteert haar eigen definities.
De korting, die grootverbruikers van elektriciteit krijgen op de energiebelasting , telt dus voor de regering niet als een subsidie. Want het is een belastingkorting en geen subsidie. Daar denken de WTO, de VN-organisaties en de OECD dus anders over.

Het Milieudefensie-onderzoek stelt dat over de jaren 2014, 2015 en 2016 de Nederlandse regering per jaar gemiddeld €2,47 miljard aan fossiele energiesubsidies verstrekt, tegenover €1,1 miljard aan hernieuwbare energie.
Als men de PFI’s en SOE’s meetelt, komt Nederland (in plaats van aan €2,47 miljard) aan €7,6 miljard aan subsidie ten behoeve van de productie en consumptie van fossiele energie. (zegt Phase-out 2020).

De Nederlandse PFI’s en SOE’s zijn

(Phase-out 2020)

Phase-out 2020 geeft tabellen waar de subsidiegelden aan besteed worden. Men komt bijvoorbeeld een Nederlandse PFI-investering tegen van €192 miljoen in een kolenmijn buiten de EU.
Een (niet volledige) greep uit een interessante reeks tabellen:

Phase-out 2020

Eerdere publicaties
Ik heb eerder over het onderwerp “energiesubsidies” gepubliceerd. Zie www.bjmgerard.nl/?p=1075 en www.bjmgerard.nl/?p=1083 .
Het eerste artikel is op basis van IMF-rapporten, het tweede op basis van een CE Delft-studie.
Beide instanties tellen ‘externe kosten’ wel mee (luchtverontreiniging, klimaat en dergelijke). Men moet ze dus met enig onderscheidend vermogen lezen.
En, ze zijn al weer wat ouder. Desalniettemin interessant vergelijkingsmateriaal.

SAS voert vrijwillige betaling voor biokerosine in

De Scandinavian Airlines System (SAS) liet op 18 september 2019 weten dat passagiers op vrijwillige basis extra kunnen betalen voor biobrandstof.
Het persbericht is te vinden op www.sasgroup.net/en/sas-travelers-can-now-buy-biofuel/ . Uitleg voor passagiers op www.flysas.com/en/fly-with-us/travel-extras/biofuel/ .

Wat kun je kopen?
Reizigers kunnen meerkosten voor biobrandstof kopen voor blokken van 20 minuten. Dd de start van het initiatief kostte een blok €10 .
Een blok is goed voor het brandstofverbruik per passagier in die tijd, rekenend op basis van gemiddeldes. De SAS legt het niet helemaal begrijpelijk uit: het is niet duidelijk of de passagier dan de volledige brandstofkosten betaalt, of alleen de biobrandstof(meer)kosten.
De betaling (die je uitvoert als je een vlucht boekt) is niet noodzakelijk gekoppeld aan die specifieke vlucht waarvoor je boekt. Het kan ook zijn dat een ander vliegtuig biokerosine tankt. Voor het gevoel minder leuk, maar macro maakt het natuurlijk niet uit.

De SAS geeft aan geen winst te maken op de ingebrachte meerbedragen.

Wat zijn de ambities van de SAS?
De SAS wil verduurzamen en wil in 2030 zijn CO2 – emissies met 25% teruggebracht hebben, onder andere door in 2030 17% van zijn brandstof uit biokerosine te laten bestaan. (Het verschil in percentages is omdat er meer verduurzamingsmogelijkheden zijn dan alleen biokerosine).
Voor een meer gedetailleerde beschrijving van de ambities van de Nederlandse luchtvaart zie Actieplan Slim en Duurzaam .

Op dit moment is er in de wereld bij lange na niet genoeg biokerosine voor de ambities. De SAS koerst op grootschalige biokerosineproductie binnen Scandinavië.
Omdat biokerosine 3 tot 4 keer zo duur is dan gewone kerosine (afhankelijk van enerzijds techniek en grondstof, en anderzijds de prijs van conventionele kerosine die nogal jojo’t ), kost de biobrandstof meer. De SAS wil dus passagiers de gelegenheid geven bij te dragen aan dekking van dit prijsverschil.

De biobrandstof van de SAS kan vooralsnog (om redenen van motortechniek) tot 50% bijgemengd worden met conventionele kerosine.

Miscanthus, een potentieel gewas als grondstof voor biokerosine.
Door Miya.m – Miya.m’s photo taken in 熊本県産山村, Japan., CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=337594

Welke duurzaamheidsgaranties geeft de SAS?
De duurzaamheid van biobrandstof is een omstreden punt, hoewel dat omstrijden niet altijd met evenveel kennis van zaken gebeurt. De luchtvaart heeft de eerste, primitieve stappen in de biobrandstof overgeslagen en is vanaf het begin op hogere duurzaamheidseisen gaan zitten.

Biokerosine kan tot 80% van de CO2 – uitstoot besparen, over de gehele levenscyclus gerekend.

In het persbericht beperkt de SAS zich tot bronnen die niet als voedsel dienen, die de biodiversiteit en de beschikbaarheid van drinkwater niet verminderen, en die weinig bouwland nodig hebben. In praktijk zijn de voornaamste bronnen op dit moment afvaloliën en -vetten.

Uitgebreidere uitleg is elders te vinden. De SAS is lid van de SAFUG (de Sustainable Aviation Fuel Users Group). Deze organisatie heeft zichzelf op basis van onderlinge vrijwilligheid op duurzaamheidseisen vastgelegd. Deze zijn te vinden op http://www.safug.org/ onder “Our pledge”.

Een uitgebreider verhaal over biokerosine, en ook over de voordelen daravan voor de luchtkwaliteit rond luchthavens, is te vinden op ‘Afstudeerscriptie synthetische kerosine‘.

Rechter verplicht Enexis tot aansluiting wind- en zonne-energiepark

De casus-Pottendijk Emmen
Energiepark PottendijkBV wil een wind- en zonnepark aanleggen in de gemeente Emmen. Op zich is dat buiten het focusgebied van deze site en daarom ga ik op de details niet nader in, behalve dat het om 50MW wind gaat en 8 en 33 MWpiek zon. Wie interesse heeft, kan bij de gemeente Emmen kijken op https://gemeente.emmen.nl/bouwen-en-wonen/milieu/windenergie . Dat is op zich wel een leerzame pagina hoe je als gemeente met deze problematiek kunt omgaan.

Energiepark Pottendijk wil door Enexis op het middenspanningsnet worden aangesloten met infrastructuur (de aansluiting) ter grootte van 60MVA en transportcapaciteit 60MW. De voorjaarsbeschikking stelt SDE+ – subsidie ter beschikking, maar daar hangt een termijn aan.

Enexis beheert daar het net en zoals bekend, heeft het net in de noordelijke provincies capaciteitsproblemen. Enexis wou niet. Vanwege het spoedeisende belang (de SDE+ – termijn) kwam er een kort geding voor de Rechtbank in Den Bosch (dit omdat Enexis zijn hoofdkantoor in Brabant heeft – Enexis beheert ook het Brabantse net).
Energiepark Pottendijk BV won. Enexis moet het park aansluiten en moet onder voorbehoud de geproduceerde energie transporteren, en draait voor de proceskosten op.

Ik laat nu alle zaakgebonden details weg en concentreer me op de algemene geldigheid.

In essentie zei de Rechtbank dat Enexis alleen op papier bepaald had dat de grens van de capaciteit bereikt was. Enexis had de bestaande aansluitingen, zoals die op papier staan, opgeteld en niet gekeken of die aansluitingen in praktijk tot hun maximum gebruikt werden. Het was dus denkbaar dat er in praktijk nog wel aansluitcapaciteit was.
De Rechtbank volgt de ACM die stelt dat een netbeheerder de in de Elektriciteitswet 1998 en in de Netcode Elektriciteit bepaalde congestieprocedure volledig gevolgd hebben, alvorens transport geweigerd mag worden. Bestaande en nieuwe aangeslotenen moeten gelijkwaardig behandeld worden. Een gespecialiseerde advocaat legt dat in de nieuwsbrief Solar uit ( https://solarmagazine.nl/nieuws-zonne-energie/i19381/advocaat-chatelin-over-veroordeling-rechtszaken-gaan-elkaar-snel-opvolgen-als-enexis-aansluitbeleid-niet-verandert?utm_source=Solar%20Magazine&utm_campaign=95a7dd4480-EMAIL_CAMPAIGN_2018_05_14_COPY_01&utm_medium=email&utm_term=0_54b49bf328-95a7dd4480-8751229 ).
Verder bepaalde de Rechtbank dat Enexis wel volledig de gevraagde aansluitcapaciteit moest aanleggen, en niet gerechtigd was om het bijbehorende maximale transportvermogen contractueel te beperken, maar dat Enexis niet verplicht was om onder alle omstandigheden dit volle transportvermogen te leveren. Als het net het niet meer aankan, moet de capaciteit eerlijk onder de aangeslotenen verdeeld worden.

De reactie van Enexis is te vinden op www.enexis.nl/over-ons/wie-zijn-we/over-ons/nieuws/kort-geding-pottendijk .

Het kantoor van Enexis in Den Bosch

Het onderliggende probleem
Zoals wel vaker, is er sprake van een volumevraagstuk en een verdelingsvraagstuk.

De zaak-Pottendijk gaat over een verdelingsvraagstuk. Het nieuwe varken moet van de rechter op gelijke basis tot de trog worden toegelaten als de oude varkens.
Het onderliggende volumeprobleem is niet opgelost. De trog wordt niet groter en de boer hoeft er van de rechter niet meer voer in te doen.

In zijn reactie op bovengenoemde site zegt Enexis Netbeheer dat ze door de netwerken aan te passen en te verzwaren de komende twee jaar transportcapaciteit op haar netwerk zal realiseren voor nog eens zo’n 1350 MW zonne-energie. 280 MW in de zuidelijke provincies en 1070 MW in de noordelijke provincies.
Enexis beheert het tussen- en middenspanningsnet (50kV en 20 a 25kV), deze versterking is dus een andere dan die van het hoogspanningsnet van Tennet – welke laatste instelling echter wel met hetzelfde probleem zit.
Enexis gaat dus meer voer in de trog doen.

Naast netverzwaring moeten er ook andere technieken toegepast worden, zoals lokale netten en opslagtechnieken. Daarover op andere momenten meer, maar zie op deze site alvast https://www.bjmgerard.nl/?p=10089 en Nationaal plan energieopslag en Overgaan op gelijkstroom?.

Gelijkspanning in de wijk (DC-Groot gelijk – boek van Eneco)

Subsidie beschikbaar voor verduurzaming sportaccommodaties

Infraroodopname van een sportkantine

Het Rijk heeft een heel verhaal over de mogelijkheden om sportaccommodaties te verduurzamen. Dat is te vinden op https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaam-ondernemen/gebouwen/verduurzaming-utiliteitsbouw/verduurzaming-gebouwen-sportaccommodaties . Voor een bestuurder van een sportclub is hier veel interessants te vinden.

Een van de doorklikmogelijkheden op deze pagina is de Stimuleringsregeling Bouw en Onderhoud Sportaccommodaties ( https://www.dus-i.nl/subsidies/stimulering-bouw-en-onderhoud-sportaccommodaties  ). Op deze tweede site staat precies uitgelegd wat er wel en niet kan.

Deze is op 01 januari 2019 van start gegaan met €89 miljoen. Subsidieaanvragen worden op volgorde van binnenkomst verwerkt.
Volgens de nieuwsbrief Solar is daarvan op 06 september 2019 nog 29 miljoen over.

Wellicht een idee voor sportverenigingen?

Clubhuis vv Tivoli Eindhoven

Kabinet neemt advies-Van Geel over Eindhoven Airport slechts beperkt en oppervlakkig over

Het advies – van Geel en de aanbieding door de regio
Op initiatief van de lagere overheden en de provincie is in 2018 de “Proefcasus-procedure” ingezet om tot een door de regio gedragen advies over de toekomst van Eindhoven Airport vanaf 2020 op te stellen. De trekker daarvan was Pieter van Geel (ex-staatssecretaris Milieu, CDA). Het eindadvies “Opnieuw verbonden” duidt op een poging om de sterk verslechterde relatie tussen Eindhoven Airport en de omgeving te verbeteren.
De context van het advies is te vinden op context proefcasusadvies
Een samenvatting van het advies is te vinden op samenvatting proefcasusrapport .
Het commentaar van BVM2 op het advies is te vinden op reactie BVM2 Proefcasus .

Voorpagina van het Proefcasusrapport

Het advies leidt inderdaad tot een verbetering. Noch de kool noch de geit komen er helemaal ongeschonden van af, en daarom zijn er ook wel zaken die diverse partijen in hun eigen belang liever anders hadden gezien. Zo ook BVM2.
Dit neemt niet weg, dat de Stuurgroep, waarin de regionale partijen vertegenwoordigd zijn, zich unaniem achter het advies heeft gesteld en dat in een brief aan de minister laten weten. Er is ook instemmend commentaar van regionale partijen buiten de Stuurgroep.
De brief van de Stuurgroep aan de minister, met aanhangend commentaar, is te vinden op brief Stuurgroep .

De reactie van de minister op het advies – Van Geel

Op 06 september 2019 heeft minister Van Nieuwenhuizen namens het kabinet (meer specifiek ook namens de Staatssecretaris van Defensie, Vliegbasis Eindhoven is een militair vliegveld) gereageerd op het advies. De brief van de minister kan worden gevonden op https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2019/09/06/eindhoven-airport-na-2019-reactie-op-het-advies-van-de-heer-van-geel-opnieuw-verbonden . De brief van de Stuurgroep en de aanhangende reacties zijn hier (nog eens) te vinden.
De minister ziet het advies – van Geel als een ‘zeer waardevolle basis om de ontwikkeling van Eindhoven Airport in gezamenlijkheid verder vorm te geven”. Ze hoopt in 2022 met de nieuwe systematiek te kunnen beginnen.
Het is in dit soort situaties echter verstandig de minister niet alleen maar op haar mooie ogen te vertrouwen, en om te kijken wat ze precies zegt. Zeker als het een VVD-minister is die over de luchtvaart gaat.

Geluidscontouren in 2020_civ+mil_Luchthavenbesluit

Geluid, aantallen en openingstijden bij de minister
De minister neemt de bevriezing van het aantal vliegbewegingen op 41500 over de jaren 2020 en 2021 over, en ze wil de eindtijd 23.00 uur invoeren m.i.v. de zomerdienstregeling 2020. Velen in de regio zijn hier blij mee. Het is eenvoudig te begrijpen en doet het goed in de pers. Een “stille revolutie” vond de NRC. Dat is echter een te groot woord.

In de brief van de minister zal men bijvoorbeeld vergeefs zoeken naar de term “30% inkrimping van de contour binnen de 35Ke”, die er bij Van Geel specifiek wel staat. Bij de minister is dat een “substantiele afname” geworden en “bezien moet worden welk percentage aan geluidsreductie zowel ambitieus als haalbaar is”.
Voor Van Geel is de inkrimping van de oppervlakte binnen de contour het doel en een vlootvernieuwing van 60% een van de middelen (van welk doel hij inschat dat het in 2030 bereikt kan worden). Bij Van Geel is ook inkrimping van het aantal vliegbewegingen een middel.
De minister brengt de vlootvernieuwing, zonder gegarandeerd eindresultaat, als doel op zich. Waar bij van Geel staat dat eventuele verdere groei mogelijk is als de civiele geluidscontour 30% kleiner geworden is, staat bij de minister dat die groei mag beginnen als de 60% vlootvernieuwing bereikt is (ongeacht of dat daadwerkelijk tot een 30% kleinere contouroppervlakte geleid heeft).

Verder laat de minister de observatie van To70 buiten beschouwing, die als resultaat van optreden van Van Geel gemaakt is, dat de oppervlakte binnen de 35Ke-contour feitelijk 12,1km2 is en maar 10,3km2 mag zijn. Eindhoven Airport draait dus illegaal. Van Geel is zich bewust van deze situatie, maar kiest uit realisme voor de feitelijke situatie. De minister laat het in een vloedgolfje van procedureel gepraat onvermeld.
Van Geel liet in het midden of de nieuwe situatie 70% van 10,3 of van 12,1km2 moest zijn. De minister noemt geen van deze getallen.

Bij Van Geel is de 30% kleinere 35Ke-contour hard en moet deze in 2022 geborgd zijn in een nieuwe Medegebruiksregeling en een nieuw Luchthavenbesluit.
De minister “geeft opdracht aan het NLR om actuele geluid- en prestatieprofielen specifiek voor Eindhoven Airport op te stellen” en “verwachtingen op te stellen voor het vliegverkeer richting 2030”, waarna na een aantal extra voorwaarden in een niet genoemd jaar een nieuw Luchthavenbesluit zal worden vastgelegd.
De huidige Medegebruiksvergunning wordt voor de jaren 2020 en 2021 verlengd. Over de Medegebruiksvergunning vanaf 2022 doet de brief van de minister geen uitspraak.

Publiek Proefcasusbijeenkomst 29 nov 2018 PSV-stadion

Meer publieke sturing van het bestemmingennetwerk
De intentie van de regio, en van Van Geel, is dat het bestemmingennetwerk meer conform de behoefte van de regio is, en minder conform de zonvakantieaanbieders. De minister neemt deze intentie over, maar is gebonden aan Europese regelgeving. Die is nu gericht op bescherming van de geliberaliseerde luchtvaartmarkt. De Europese Commissie gaat van 2020-2022 werken aan een nieuwe slotverordening. Nederland zal proberen daarin meer vrijheid voor nationaal beleid te krijgen.

Luchtkwaliteit en klimaat
De minister bevestigt de vrijheid van Eindhoven Airport om met zijn luchthaventarieven te sturen op geluid, luchtkwaliteit en klimaat.
Als het aan de minister gelegen had, hadden luchtkwaliteit en klimaat geen rol gespeeld in het advies van Van Geel. In de opdrachtbrief zal men deze woorden niet tegenkomen – dit geheel conform de VVD-lijn. Maar Van Geel heeft er zelf voor gekozen (mede op aandrang van de regio en niet in het minst van BVM2) om hieraan wel aandacht te besteden.
Van Geel noemt hierbij een aantal mogelijkheden, zoals CO2-compensatieprojecten, een klimaatfonds, elektrificatie van de grondoperaties, en zorg voor afval- en reststromen. Het zijn goed bedoelde kleine stappen die in de brief van de minister niet terugkeren.
Daarnaast pleit Van Geel voor 5% biobrandstofbijmenging in 2023 en voor 14% (liefst 20%) in 2023. Synthetische kerosine (vooralsnog biokerosine) is zowel g oed voor de luchtkwaliteit en het klimaat. De minister verengt dit tot 14% in 2030. Dat kan ze veilig doen, want in het plan van de luchtvaartsector ‘Slim en Duurzaam’ dd 3 oktober 2018 staat dat ook (zie Plan Slim en Duurzaam) .

De minister ziet, net als Van Geel, industriepolitieke kansen voor de regio ten aanzien van het (hybride) elektrisch vliegen. Deze gedachte is (zoals wel meer gedachtes bj Van Geel) van BVM2 afkomstig.

De nieuwe permanente overlegstructuur
De minister neemt de gedachte over dat er een nieuwe permanente overlegstructuur moet komen met omwonenden, bedrijfsleven, overheden en milieuorganisaties, en met een rol voor de, wettelijk verplichte, COVM.

Ultrafijnstof cpncentraties rond het vliegveld (de stippen vlnr Oerle, Waterrijk-Noord en Zandrijk-Noord). Computerschatting door de gemeente Eindhoven.