ECN-vinding kan bio-ethanol goedkoper maken ….

Hoewel dit mogelijk niet-chemici vreemd in de oren klinkt, bestaat cellulose geheel uit suiker (glucose). De suikermoleculen zijn aan elkaar gehaakt tot lange ketens en die vormen de basis voor veel plantenvezels. Het zijn erg stabiele polymeren, die slechts door enzymen kunnen worden teruggesplitst tot de afzonderlijke suikermolekulen. De maag van een koe of een termiet bevat bacteriën die dergelijke enzymen afscheiden en daarom kan een koe gras verteren. Ook in de bodem zitten bacteriën en schimmels die met enzymen cellulose kunnen afbreken.

Zetmeel heeft ongeveer dezelfde samenstelling als cellulose, maar de manier waarop de glucosemolekulen aan elkaar zitten is anders.
Van zetmeel is al sinds de oudheid bekend dat je er alcohol (ethanol) uit kunt stoken. Maar zetmeel (bijvoorbeeld aardappels) is ook voeding. Als men grootschalig alcohol wint uit zetmeel om dit in benzine bij te mengen (zoals de bio-ethanolwinning uit mais in de VS), concurreert dit met voedsel. Deze ‘eerste generatie’ energiewinning is om die reden erg omstreden. Deze behoedzaamheid vind ik terecht, hoewel het te ver vind gaan om al bij voorbaat alle ‘eerste generatie’-bioenergieproductie verboden te verklaren. Het moet mogelijk zijn om in afzonderlijke situaties afwegingen te maken.

Veel ethische zorgen zouden verdwijnen als men bio-energie kon maken uit materiaal dat geen voedsel is, bijvoorbeeld uit afval van de voedselproductie. Er is veel meer afval dan voedsel en dat afval bestaat voor een groot deel uit cellulose. Vandaar dat er overal ter wereld gezocht wordt naar methoden om op een betrouwbare en betaalbare wijze cellulose terug te splitsen tot glucose. Vorig jaar heeft een dochteronderneming van de DSM in de VS een fabriek geopend die deze taak (naar eigen zeggen) op commerciële wijze uitvoert.
Zie http://www.dsm.com/corporate/media/informationcenter-news/2014/09/29-14-first-commercial-scale-cellulosic-ethanol-plant-in-the-united-states-open-for-business.html

Op 16 april 2015 bracht het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) een persbericht uit dat het een procedé had ontwikkeld dat de afbraak van cellulose uit plantaardig materiaal goedkoper kan maken. Het werkt vooral goed met niet-houtig materiaal als bijvoorbeeld stro. De grootste kostenpost in de behandeling wordt gevormd door de enzymen. Door de ECN-aanpak kunnen die efficiënter worden ingezet. Dat scheelt (volgens ECN) uiteindelijk 10 tot 15 cent per liter biobrandstof.
Zie https://www.ecn.nl/nl/nieuws/item/uitvinding-ecn-maakt-biobrandstof-goedkoper-1/
ECN probeert nu deze methode bij ondernemingen op dit gebied aan de man te brengen.

…. maar behoedzaamheid toch op zijn plaats

Hoewel ik dit soort ontwikkelingen in principe positief beoordeel, vind ik ze toch reden tot bezinning. Cellulose wordt nu ook gebruikt. De stof stapelt zich niet in eindeloze afvalbergen op.

Op de eerste plaats wordt cellulose nu teruggebracht in de bodem om humus te vormen. Die toepassing moet doorgaan, waarbij de vraag is het hoeveelste deel van de cellulose daarvoor nodig is. Ik deel de mening niet van sommige milieuorganisaties dat dat deel al bij voorbaat 100% moet zijn, maar de vraag verdient wel een serieuze overweging. Zeker als het de bedoeling van de Brabantse landbouw is (zoals uitgesproken op de Ruwenberg-conferentie) om kringlopen te gaan sluiten op het niveau van Noord-West Europa.

Daarnaast worden cellulose en verwante stoffen als hemicellulose en lignine verbrand voor de energieproductie, bijvoorbeeld in kolencentrales en stadsverwarmingen.
Milieuorganisaties die vinden dat 100% van de cellulose terug de bodem in moet, vinden dus per definitie dat 0% in de stadsverwarming mag. Ik deel de absoluutheid van deze mening niet, maar ik vind de vraag (opnieuw) wel een serieuze overweging waard.

Een Brabantse biomassa ‘grand design’ nodig

Er bestaat bij sommigen de dringende behoefte om discussies te eindigen voor ze begonnen zijn door met een ethisch principe te starten. De SP stelt bijvoorbeeld 1) mensvoeding 2) diervoeding 3) bodemvruchtbaarheid 4) groene chemie 5) verbranden. Zoiets heet het cascade-
ringsprincipe. Ook andere organisaties werken daarmee, soms in eigen varianten.

Dit werkveld vraagt inderdaad om ethische oordelen. Alleen moeten die, naar mijn smaak, op het eind van het denkproces worden uitgesproken en niet aan het begin. De ethische oordelen moeten in concrete situaties worden uitgesproken. Clichées zijn onvoldoende.

Bij het cellulose-verhaal zie ik bijvoorbeeld geen duidelijk verschil tussen 4) en 5). Je kunt van alles met bio-ethanol, maar de bulk van het product wordt bijgemengd met benzine en dus verbrand. Met bio-ethanol kun je auto’s laten rijden en met verbranden elektriciteit en warmte voor huishoudens maken. Ik zie niet in waarom het eerste principieel meerwaarde heeft boven het laatste. Het laatste bespaart gas en daar kun je chemisch ook van alles mee doen.

Dit even terzijde: ik vind zelf bodemvruchtbaarheid belangrijker dan diervoeding. Liever minder dieren dan een verprutste bodem.

Wat eigenlijk nodig is, is een soort alomvattend plan hoe je met biomassa wilt omgaan. Dat vraagt noodgedwongen om een territoriale afbakening. Daarvoor lijkt mij de provinciale schaal, eventueel onderverdeeld, in praktijk de meest logische. Wat er zou moeten komen is een soort “grand design” van de omgang met biomassa in Brabant.

Drukbezochte en strijdbare informatiebijeenkomst over Eindhoven Airport

Eindhoven Airport vanaf de Spottershill

Het Platform de 10 Geboden voor Eindhoven Airport heeft op zaterdagmorgen 18 april 2015 een informatiebijeenkomst over het vliegveld georganiseerd voor raads- en PS-leden en leden van B&W. Inclusief enkele vertegenwoordigers uit de achterban van het Platform, waaronder een delegatie uit het zwaar getroffen dorp Wintelre, waren er een kleine 80 mensen.

Ze hoorden inleidingen van BOW-voorzitter Klaas Kopinga, GVNE-voorzitter Wim Scheffers, en van dagvoorzitter Wen Spelbrink.
Kopinga en Scheffers zetten in hun verhaal de toon voor de toekomst:

  • een boeteregeling op te laat binnenkomende vliegtuigen
  • geen geplande vluchten na elven en in het weekend voor 08 uur
  • serieuze aandacht voor het tweede GGD-onderzoek naar hinderbeleving
  • duidelijke afspraken over het aantal; zakelijke reizigers
  • stillere vliegtuigen van home carriers als RyanAir en Transavia (vanaf 2018 oude categorie B en gunstiger, vanaf 2020 oude categorie A en beter
  • fifty-fifty verdeling van de hierdoor gegenereerde milieuwinst tussen vliegveld en omwonenden
  • vertraagde en gefaseerde groei (bijv. 45000 vliegtuigbewegingen in 2030), zodat niet na 2020 alweer de volgende groeisprint kan worden ingezet

De aanwezige volksvertegenwoordigers konden zich vinden in deze aanpak. Er wordt gestreefd naar een gemeenschappelijke motie, die in een groot aantal gemeenten ingediend gaat worden.

De Airbus is geluidsklasse B en de Boeing klasse C. Dat scheelt 3 dB (meting met de stations in Best Zuid)
De Airbus is geluidsklasse B en de Boeing klasse C. Dat scheelt 3 dB (meting met de stations in Best Zuid)

Wen Spelbrink legde in zijn inleiding uit dat de bestaande luchtkwaliteitsnormering irrelevant is voor vliegvelden, en dat er nog geen normering is voor luchtvervuiling in categorieën waar vliegvelden wel relevant zijn. De presentatie van Wen is al eerder op deze site verschenen onder luchtkwaliteit rond het vliegveld

Dit verhaal is een samenvatting. De volledige tekst kan men vinden onder (Drukbezochte en strijdbare informatiebijeenkomst over Eindhoven Airport).

De volledige presentaties van Wim Scheffers en Klaas Kopinga zijn te groot voor deze weblog. Ze zijn te downloaden op www.de10gebodenvoorea.nl onder Informatiebijeenkomst 18 april 2015 Knegsel .

Zitting klimaat-rechtszaak van Urgenda tegen de Staat

De stichting Urgenda (http://www.urgenda.nl/) voert actie tegen de
klimaatverandering. Directeur van de stichting is Marjan Minnesma, bestuursvoorzitter is prof. Rotmans.

Een actiemiddel was de Climate March ( Climate March )

Een ander actiemiddel is een rechtszaak tegen de Staat der Nederlanden. De schermutselingen daartoe zijn eind 2013 begonnen. Urgenda begon met het schrijven van een dagvaarding en het werven van publieke steun daarvoor. Uiteindelijk hebben 886 mensen in den lande zich als mede-eiser aangemeld. Ik ben een van die 886.

De dagvaarding is op 20 november 2013 ingediend.
Urgenda stelt dat internationaal is vastgesteld dat de temperatuur-
stijging op aarde niet groter zou moeten worden dan 2,0⁰C t.o.v. 1980. Van die 2,0⁰C is al 0,8 ⁰C gerealiseerd en 0,6⁰C onvermijdelijk, zelfs als er geen gram koolstof meer verstookt zou worden, hetgeen betekent dat er nog maar 0,6⁰C te ‘vergeven’ is. Dat betekent volgens Urgenda de emissie van broeikasgassen in Nederland moet zijn afgenomen met tussen de 25 en 40% t.o.v. van 1990. Urgenda vindt dat de Staat daarvoor moet zorgen. Die wil tot nu toe niet verder gaan dan de 14% uit het nationale SER-Energieakkoord.
Urgenda kiest voor de juridische insteek van de mensenrechten. Artikel 2 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) waarborgt het recht op leven en artikel 8 idem waarborgt het recht op een ongestoord gezinsleven. Beide rechten worden in gevaar gebracht door de nadelige gevolgen van een klimaatverandering boven de 2,0⁰C.

Urgenda ondersteunt haar juridische inzet met analogieën. In een interview in het themanummer Duurzaamheid ( Interview_Minnesma_201301Urgenda_vs2  ) van het interne SP-blad Spanning, dat Rob Janssen en ik hadden met Marjan Minnesma, staat het ‘Kelderluik-arrest beschreven’. De bevoorrader van Coca Cola in een donker Amsterdams café zet een luik naar de kelder open en gaat terug om de kratten te halen die daar naar toe moeten. Het luik ligt op de route naar de WC en terwijl de bevoorrader weg is, valt een cafégast in het gat en breekt akelig zijn been. Het slachtoffer stelt de bevoorrader en Coca Cola aansprakelijk en wint tot in hoogste instantie. De bevoorrader had een gevaarlijke situatie gecreëerd die op eenvoudige wijze te vermijden was geweest en dat was verwijtbaar. Vervang het gat door de klimaatverandering en Coca Cola door de Staat der Nederlanden, en de analogie is duidelijk. Tenminste, voor Urgenda (en voor mij). De interessante vraag is of het ook voor de rechter zo werkt.

Uiteraard kan Nederland niet in zijn eentje de klimaatproblematiek oplossen. Wel kan Nederland (naar de mening van Urgenda) gehouden worden aan zijn evenredig deel. Ook hier hanteert Urgenda een analogie, in dit geval het verdrag van Bonn en de lozing van de Franse kalimijnen op de Rijn. Geen enkele afzonderlijke mijn overschreed de norm, maar de gezamenlijke mijnen wel. De uitspraak was dat elke afzonderlijke mijn gehouden kon worden aan een evenredig deel van het totale probleem.
Een overzicht van de redenering in het artikel  Is de staat aansprakelijk voor klilmaatverandering_Urgenda_2014  van Cox en Van den Berg.

Uiteraard vindt de Staat der Nederlanden dat het allemaal heel anders is. Staatsadvokaat Houtzagers heeft een lang juridisch epistel ingediend , met als kernpunten dat het allemaal erg ingewikkeld is en onzeker en in beweging, en dat het klimaatbeleid geen zaak van de rechter is, maar van de politiek.

Daarna zijn er nog meer stukken over en weer gestuurd, en op 14 april 2015 was de eerste zitting voor de rechter. Er waren zo’n 150 mede-eisers en andere sympathisanten meegekomen, alsmede een bonte verzameling persvertegenwoordigers. Het was dringen bij de metaal-detectiepoortjes. Daarna zat de sfeer er goed in en de advocaten van Urgenda, Cox en Van den Berg, kregen applaus in de aparte zaal die de rechtbank voor de menigte had vrijgemaakt.
Ik kon helaas niet bij de zitting zijn, want ik zat in Frankrijk, dus ik kan niet uit eigen ervaring vertellen wat er allemaal gezegd is. Ik heb ook nog geen publicatie van de teksten kunnen vinden, maar het zal ongetwijfeld in lijn liggen met de eerdere documenten.

Er zullen mensen zijn die het een vreemd idee vinden dat je voor zoiets naar de rechter stapt. Ik vind zelf ook dat eigenlijk de politiek al veel eerder zijn werk had moeten doen, maar nu dat niet zo is en Nederland op het gebied van duurzame energie een van de achterlijkste landen van Europa is, denk ik daar toch wat anders over.
Ik sta daar niet alleen in. Een dozijn eminente rechtsgeleerden heeft de “ Oslo Principles ” over het klimaat geschreven. Onder hen Toon Huydecoper en Jaap Spier van de Hoge Raad. Je zou dan toch denken dat het idee niet zo maf is als het lijkt.

Ik blijf het verder volgen. De uitspraak is gepland voor 24 juni. Urgenda gaat daar weer een evenement van maken. Geïnteresseerden kunnen zich aanmelden.

Terug van een weekje weg

Willemieke en ik zijn een weekje naar de Dordogne geweest. Onze jongste zoon Hans runt daar met zijn vriendin Katja in Monpazier het restaurant Bistrot 2 ( www.bistrot2.fr/en/ ). Het ziet er zo uit:

Bistrot 2 in Monpazier. Het in het oog springende visuele element is de overal woekerende blauwe regen.
Bistrot 2 in Monpazier. Het in het oog springende visuele element is de overal woekerende blauwe regen.

Het gaat ze goed, maar ze moeten er wel pokkehard voor werken.
Mocht je nog eens in de buurt van Monpazier zijn (dat ligt in de Perigord Pourpre, nog net in de Dordogne), ga er dan maar een langs. Je kunt er fatsoenlijk eten voor een hele redelijke prijs.

Omdat de kinderen de handen vol hebben aan hun restaurant, moesten Willemiek en ik onze tijd grotendeels zelf vullen. Geen probleem, dat deden we met fietsen en lezen.

Je kunt er goed fietsen. Het is een vriendelijke land, niet heel erg spectaculair en geen overdreven relief (dat bestaat wel elders in de Dordogne).

De attracties zijn vooral de kastelen en de dorpen ‘bastiden’. Monpazier is een bekende bastide en nog grotendeels in de staat zoals het dorp in 1284 opgericht is. Het woord “opgericht” is accuraat, omdat het dorp er in één planproces in korte tijd neergezet is, op een verdedigbare plaats, en wel in de vorm van een schaakbordpatroon. Dat geldt min of meer voor alle bastiden (zoals Montflanquin, Villereal, en Molières). Ze liggen niet voor niets vaak op een bult (Montflanquin zelfs op een voor fietsers gemene bult).
Montflanquin-rr
Bij de stichting was de streek veel minder vriendelijk. Enkele eeuwen lang hebben de Engelsen geprobeerd de baas te zijn in een stuk van Zuid-Frankrijk. Dit spanningsveld liep een halve eeuw later uit in de 100-jarige oorlog, bij ons vooral bekend vanwege Jeanne d’Arc en de slag (beter slachting) bij Agincourt. De bastides waren o.a. bedoeld voor de bescherming van de plattelandsbevolking. Monpazier is door de Engelsen opgericht. Zie voor een verhaal dat redelijk betrouwbaar oogt www.la-france.nl/artikelen/monpazier .
Over het algemeen hebben de bastiden een vierkant plein met overdekte arcaden er rond om heen en een overdekte markt. Het ziet er ongeveer zo uit:

Arcade in Monpazier, links het centrale plein
Arcade in Monpazier, links het centrale plein

Men kan zich ongeveer voorstellen hoe het onderbrengen van de verarmde plattelandsbevolking in zijn werk ging.
Goed, na vele duizenden doden in de honderdjarige oorlog (zie voor de feestelijke details bijv. Wikipedia ‘slag agincourt’ of Hella Haase ‘Het woud der verwachting’), en nadat de oorlog zes generaties plattelandsbevolking geterroriseerd had, gingen de Engelsen er van door en was het uiteindelijk allemaal voor niks geweest. Ruim 700 jaar later hebben alleen de toeristen voordeel van de ruim 300 bastiden in dit deel van de wereld.

Het andere tijdverdrijf was lezen. Ik heb de Warmtebrief van Kamp aan de Tweede Kamer helemaal gelezen (in mijn recente artikel over een Brabants warmteplan had ik er alleen de highlights uit gepakt), en ik kom daar nog op terug. Verder heb ik mijn Open Universiteitstudie weer eens opgepakt en ben zodoende een heel eind met “An Introduction to Environmental Chemistry”, waar ik te zijner tijd ook nog wel eens wat over zal vertellen.

In het weekje weg heb ik helaas een paar dingen gemist waar ik bij betrokken ben, zoals het proces van Urgenda tegen de Staat der Nederlanden over het klimaat, de presentatie over het nieuwe Eindhovense bijenbeleid die het gevolg was van het bijeninitiatief van Milieudefensie, en de informatiebijeenkomst over Eindhoven Airport van het Platform de 10 Geboden voor Eindhoven Airport.  Ik probeer te reconstrueren wat er allemaal gezegd en gedaan is, en kom daar in afzonderlijke artikelen op terug.

Brabants warmteplan nodig

De Kamerbrief van Kamp
Minister Kamp (EZ) vindt dat warmte een gelijkwaardig alternatief voor aardgas moet worden.
In een brief aan de Tweede Kamer van 2 april 2015 zegt Kamp o.a. dat we in Nederland meer dan de helft van alle energie gebruiken voor warmtevoorziening en dat dat voor ruim 91% met aardgas gebeurt.
Bijna 9% van de warmte werd duurzaam geproduceerd of kwam uit restwarmte. Kamp wil dat laatste percentage substantieel verhogen, en wil daartoe o.a. de regelgeving gaan veranderen. Voor de verandering heeft Kamp nu eens groot gelijk.
De brief van Kamp, en een nieuwsbericht, is te downloaden op http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2015/04/02/kamerbrief-warmtevisie.html .

Het duurzaam verwarmen van een huis
Het duurzaam verwarmen van een huis

Wat eenvoudige natuurkunde
Even voor de helderheid hoe een energiebalans er uitziet. Zie ook
Brabantse energiebalans .
Er gingen in 2013 ongeveer 3255PJ Nederland in. Die werden verdeeld over het finale energetisch gebruik (2166PJ), het finale niet-energetisch gebruik (verborgen energie in producten, 648PJ), en afvalwarmte (441PJ).
Het finale energetisch gebruik kun je opsplitsen in een warmtedeel (55% van 2166 = 1191PJ) en een niet-warmtedeel (de rest van 2166 = 975PJ). Die 1191PJ is bedoelde warmte en die 441PJ is onbedoelde warmte. Die gaat nu ongebruikt de lucht of de plomp in. Totaal:
3255PJ = 1191(bedoelde warmte) + 975(ander energieverbruik) + 648(producten) + 441(afvalwarmte).
De gedachte is nu dat die 1191PJ door besparing omlaag moet, en dat van wat overblijft een deel uit warmte gevoed wordt die anders weg-
gegooid was. Een nieuwe vergelijking zou er dan zo kunnen uitzien (hypothetisch voorbeeld): Totaal 3055PJ = 1091 +975 + 648 + 341

Een gigantische operatie, ook in Brabant
Het realiseren van die (hypothetische) 200PJ vereist een gigantische
nationale operatie. Dit voorbeeld zou al grofweg de helft van het SER-
energieakkoord invullen.
Brabant is grofweg 15% van Nederland. De equivalente 30PJ in Brabant vraagt om een relatief even grote operatie. Dat lukt alleen met een systematisch plan. Daar ben ik helemaal voor.
Op besparingsgebied gebeurt al veel. Het voornemen om 800.000 Brabantse woningen energieneutraal te maken zou een zeer forse
vervolgstap zetten.
Aan het nuttig gebruik van afvalwarmte gebeurt in Brabant weinig. In de Green Deals warmte op het einde van Kamps brief staan twee onderzoeken uit Brabant, nl een WKK-pilot van de Shell op Moerdijk en de bio-energiecentrale in Cuijk.

Stadsverwarmingen
Er zijn devils in de details, bijvoorbeeld de bron van de warmte en of
afvalwarmte zich beter leent voor industriële toepassingen dan voor woonwijken (de aanleg van warmtenetten is duur). Dat zijn serieuze
vragen, maar niet voor nu.
Ik wil wel een paar woorden wijden aan stadsverwarmingen, waarover nogal wat rancune bestaat. In de Eindhovense wijk Meerhoven gaat de rancune over geld. De tarieven zouden het ‘niet meer dan anders-beginsel’ moeten volgen (je betaalt niet meer dan wanneer je aardgas gehad had). Men heeft echter het donkerbruine vermoeden dat het ‘toch meer dan anders’ is en dat de wijk teveel meebetaalt aan een indertijd vooral door de gemeente gewenst project. Ik kan dit zelf niet beoordelen. Zie
artikel Meerhoven .

Maar stadsverwarmingsexploitanten zouden kunnen leren van windmolenexploitanten. Door schade en schande wijs geworden, beginnen die de omwonenden minder als schapen te zien die toevallig in de buurt staan, en meer als participanten die naast de lasten ook wat van de lusten dragen.
In een kronkelige analogie zou ik een dergelijke houding ook appreciëren bij stadsverwarmingen. Ik zie goede argumenten voor een ‘iets minder dan anders-benadering’. Omdat de gemiddelde stadsverwarming in Nederland (anders dan vaak gedacht) geen vetpot is, zou
misschien de provincie vanuit het Energiefonds wat aan de vaste lasten van een nieuw net kunnen doen. Het is maar een gedachte….

De warmteatlas
Hoe weet je nu wat er aan warmte beschikbaar is en gevraagd wordt? Daarvoor bestaat de Warmteatlas. Zie http://agentschapnl.kaartenbalie.nl/gisviewer/indexlist.do?id= , en kies daar ‘directe toegang’. Je komt dan in de viewer. Je kunt daar het warmteaanbod van industrieën zichtbaar maken, de geothermische mogelijkheden maar ook bijv. de gezamenlijke warmtevraag van de Eindhovense huishoudens of de warmtenetten van Tilburg en Breda. Dat ziet er bijvoorbeeld zo uit:

Warmtenetten in Tilburg en Breda (bron: Warmteatlas)
Warmtenetten in Tilburg en Breda (bron: Warmteatlas)

Nieuwe Statenleden zouden eens wat in de Warmteatlas moeten gaan grasduinen, en het nieuwe coalitieakkoord zou een forse aanzet moeten geven tot een systematisch warmtebeleid.

Beter alarmeringssysteem bij ongevallen

De Werkgroep Natuurbehoud en Milieubeheer (WNM) en ik hebben (al weer een tijd geleden) een zienswijze ingeleverd op de actualisering van industrieterrein De Hurk in Eindhoven. Daarin stonden een aantal concrete voorstellen. Ik kom daar te zijner tijd op terug. Zie zienswijze De Hurk .

Het voorstel om om het alarmeringssysteem te moderniseren was er daar één van.
luchtalarm
De gedachte is dat het luchtalarm weinig informatief is. Je weet dat er iets aan de hand is, maar niet wat precies. Als er bijv. een gaswolk ontsnapt bij Air Liquide moet je wat anders doen dan wanneer en een brand is in de vulhal. Een meer informatieve communicatie in de onmiddellijke nasleep van een incident kan erg goed werken.
In de tijd dat wij deze zienswijze brachten, was deze denkwijze nog relatief nieuw.

 

Ik vind het leuk dat deze gedachte inmiddels realiteit geworden is.

Zinvolle verkeersmaatregelen op Eindhovense Noord-zuid- corridor – update dd 9 april 2015

Op 9 april verscheen in het ED een artikel van Lukas van der Storm met nadere informatie over dit onderwerp. Ik voeg die (onderaan) toe aan dit artikel en her-dateer het op 12 april.

Gaarne meld ik in het honderdste artikel op deze website een succesje.

De gemeente Eindhoven heeft een multimodaal Plan van Aanpak opgesteld voor de Noord-zuid-corridor. Die loopt van Son&Breugel en Nuenen via het Winkelcentrum Woensel en het Catharinaziekenhuis, door het centrum naar de publieksvoorzieningen aan de Zuidkant en de High Tech – campus (HTC) naar Waalre en Valkenswaard. Een niet onbelangrijk stukje stad.

De problemen blijken het grootst bij stadinwaarts verkeer in de ochtendspits uit Nuenen en Helmond. De bedoeling van het Plan van Aanpak is om spitsmijding te realiseren. Dat lukt: als het Plan eind 2017 af is, zal het resulteren in 2520 tot 2730 spitsmijdingen ’s ochtends en tot 2250 tot 2400 spitsmijdingen ’s avonds.
Het gaat om Beter Benutten-maatregelen.
Het totale budget is 5,0 miljoen.

De gemeente schetst haar bedoelingen in een Raads Informatie Brief (RIB) aan de Eindhovense gemeenteraad dd 30 maart 2015 . Bij de RIB hoort een bijlage. Beide zijn te vinden op http://eindhoven.notudoc.nl/cgi-bin/bdocument.cgi/action=view/id=92928 . De RIB zelf is in deze tekst te vinden –> RIB__Beter_Benutten_vervolg_30032015 , de bijlage is daar te groot voor.

(Snel)fietsroutes Eindhoven
(Snel)fietsroutes Eindhoven

Het Eindhovense maatregelenpakket (waarvoor SP-wethouder Jannie Visscher verantwoordelijk is) bestaat uit de volgende stappen:
–           Mobiliteitsmanagement TU/e campus, HTC-campus, omgeving Eindhoven Airport
–           Stedelijke distributie (betaald uit het programma Luchtkwaliteit en Mobiliteit)
–           Verdere realisatie van de snelfietsroute Son&Breugel-Centrum-HTC door aanleg van
schakels over de Stoutheuvel en de Bilderdijklaan
–           Fietsparkeermanagement in de stallingen rond het station
–           Stimuleren fietsgebruik op de A270/N270 Helmond-Nuenen-
Eindhoven
In de bijlage staan uitgebreide beschrijvingen van de maatregelen.

Het onderzoeksbureau HBG heeft voor het Ministerie van I&M een
pilotonderzoek uitgevoerd naar Stedelijke Distributie in Amsterdam en Eindhoven. Dat zou in Eindhoven in een lokale Green Deal kunnen uitmonden, maar tot nu toe vinden belanghebbenden hier dat nog niet erg urgent. De bevoorrading onder vindt in Eindhoven nog niet heel veel problemen. Aan de andere kant blijken ruim 1800 vrachtauto’s al vertraging te ondervinden in ritten van en naar de stad.
De milieuzone heeft sinds de instelling in 2007 “geleid tot een flinke verschoning van het vrachtwagenpark, maar nog niet tot minder verkeer
(Bijlage, analyse goederenvervoer op blz 6 en 12).

Om het fietsparkeren bij het station te verbeteren (bijlage blz 13), is er een meerlaags-stalling in voorbereiding aan de Noordkant van het staion van 4200 plaatsen. Deze komt in de plaats van de huidige ondergrondse stalling (800 plaatsen) en die aan de Noordkant op maaiveldniveau (2000? Het staat er niet bij).

De insteek bij de fietsbevordering A/N270 gaat via ‘gezondheidsbevordering’ (bijlage blz 16).

De aanpak is een goed succes voor de Eindhovense Milieudefensie-afdeling, die voor het eerst onderwerpen als luchtkwaliteit en de noodzaak van verkeersmaatregelen die daarmee in verband staan op de agenda gezet heeft.
De aanpak is een goed begin, maar er is meer nodig. Oude vieze bestelbusjes bijvoorbeeld worden nog steeds niet uit het centrum geweerd.

Ook de strijd tegen de aanleg van de Ruit om Eindhoven is met het succes gebaat. Het project haalt auto’s uit de spits en mogelijk ook van de weg.

Reden voor tevredenheid, maar niet om op de lauweren te gaan rusten.

Het ministerie van I&M heeft Eindhoven en Amsterdam op het oog als pilot, en heeft daar maximaal een ton voor over. Maar Eindhoven moet eerst behoefte-onderzoek doen, o.a. onder winkeliers in het centrum en bedrijven die dergelijke expeditiediensten kunnen aanbieden.
De bevoorrading van winkels en bedrijven zou ene stuk efficienter kunnen als bestelauto’s en vrachtauto’s samenwerken (aldus het ED).

Laat ze meteen ook maar onderzoeken in hoeverre de bestelauto’s elektrisch kunnen, of anders Euro 6 – diesel (bg)

De Late Rembrandt

Willemieke en ik zijn op 8 april 2015 naar de tentoonstellling ‘De late Rembrandt’ in het Rijksmuseum geweest. Die is heel mooi.

Ik ben een volstrekte amateur op kunstgebied, dus verwacht van mij geen theorieën. Ik schrijf hier een paar dingen die mij opvielen.

Rembrandt staat in een traditie, maar hij beheerste de theorie en de praktijk zodanig goed dat zich vrijheden kon veroorloven en experimentele technieken kon bedenken, waardoor hij gelijktijdig buiten de traditie stond. Hij gebruikte de traditie als dat zin had en/of als de klanten dat wilden, en was ketter als hij daar zelf zin in had. In beide gevallen mooie werken.
Ik heb met verbazing staan kijken naar een kleine penseeltekening van een slapende vrouw, getekend of er een Japanse kalligraaf aan het werk geweest was. Het wekte de indruk alsof het schilderij in een kwartier of zo gemaakt was. Elke streek raak.

Slapende jonge vrouw
Slapende jonge vrouw

Niemand in die tijd zou Elsje geschilderd hebben. Elsje kwam van het Deense platteland en trok naar de grote stad Amsterdam om dienstbode te worden. Dat lukte niet meteen en na een maand was het geld op en ontstond er ruzie over een huurschuld en huisuitzetting. Elsje sloeg de hospita dood met een bijl en eindigde aan de galg. Met de bijl naast haar. In die situatie schilderde Rembrandt haar. Dat was ongehoord, zoiets onwaardigs schilderde je niet.

Op een of andere manier, die het geheim van de echt goede kunst is, schildert hij de werkelijkheid en zijn analytische interpretatie van de werkelijkheid in één schilderij. Die analyse was niet altijd even vriendelijk, ook niet van zichzelf. De klanten waren niet altijd blij en op zijn laatste zelfportret geef je hem inderdaad niet lang meer.

Zelfportret met cirkels
Zelfportret met cirkels

Het is alsof hij door mensen heen kon kijken. Dat leverde zeldzaam emotionele of beschouwende schilderijen op. Op een geheimzinnige manier zijn ze zelfs soms beter dan een goede foto.

Ik heb een eenvoudige smaak en mijn favoriet in het Rijksmuseum is De Joodse bruid.

De Joodse Bruid
De Joodse Bruid

De tentoonstelling is een aanrader. De tentoonstelling loopt t/m 17 mei. Je moet reserveren en dan mag je een periode van twee uur kiezen. Men houdt echter de eindtijd niet bij en je wordt er niet uitgezet. Keerzijde is dat het erg druk is. Het Rijksmuseum kost normaliter €17,50 en de tentoonstelling kost €7,50 extra, tenzij je om een of andere reden korting hebt.

Presentatie over vliegveld en luchtkwaliteit

Het Platform de 10 geboden voor Eindhoven Airport houdt op 18 april 2015, om 11.00 uur, in zaal De Leenhoef in Knegsel een informatie-
bijeenkomst over diverse aspecten van het vliegveld. De strijd om het vliegveld komt in een cruciale fase.
De zitting is toegeschreven naar gemeenteraadsleden, wethouders, burgemeesters en de nieuwe leden van PS, maar iedereen die interesse heeft mag naar binnen.

Aan mij de taak om een presentatie te maken over de luchtkwaliteits-
aspecten. Ik kan hem helaas niet zelf brengen, want ik ben even in het buitenland voor een familiebezoek. Iemand anders neemt het over.

Ik had hiervoor de beschikking over een provinciale meting over 2012, gedaan bij de Spottershill.

De basisgedachte van het verhaal is dat
– voor die grootheden waarvoor al langere tijd een norm bestaat (NO2 en PM10), het vliegveld geen belangrijke bron is. Auto- en vliegtuig-
motoren gedragen zich daar ongeveer hetzelfde. Een vliegtuigmotor is veel sterker, maar er zijn zoveel meer auto’s en die zitten zoveel langer op de Poot van Metz als een vliegtuig op de startbaan, dat hier de auto’s winnen.
– voor PM2.5 is de zaak onduidelijk, omdat er niet op vergelijkbare plaatsen in de regio gemeten wordt. De MER van het Luchthavenbesluit berekent getallen en de meting op de Spottershill zit daar iets boven. Dat kan betekenen dat je het eerste spoor ziet van kleinere deeltjes, maar dat valt niet te bewijzen.
– Voor ultrafijn stof en roet (het ene is een grootte-aanduiding, het andere een samenstellings-aanduiding) is er ten aanzien van straalmotoren een duidelijk en verklaarbaar verschil. Straalmotoren draaien op kerosine en dat is rode diesel (ca 500 ppm zwavel). Die vormt bij verbranding zwaveloxide en die vormt met water uit de lucht kleine druppeltjes zwavelzuur, waarin ook roet en organische verbindingen worden opgenomen). Die druppeltjes waaien kilometers weg. Autodiesel is (nagenoeg) zwavelvrij.
Bij dieselauto’s bestaan normen en maatregelen tegen roetuitstoot, bij straalmotoren niet (je kunt moeilijk een filter op de uitlaat zetten).
De gemeente en de provincie moeten deze vervuiling gaan meten, en aandringen op zwavelvrije kerosine.
– Ik heb niet over de kerosinestank gesproken die veel mensen ruiken, omdat ik daar zakelijk gezien niets over kan melden. De menselijke neus ruikt beter dan de meetinstrumenten van de provincie en, voorzover er gemeten is, blijft het duidelijk onder de norm.

Overigens heeft deze kwestie een ARBO-aspect waar de vakbond wat mee zou moeten. Personeel in de bagageafhandeling krijgt ongezond hoge pieken ultrafijn stof. Het plaatje hieronder is van het kleine Deense vliegveld Aalborg, waar het net zo waait als op vliegveld Eindhoven. Zie de grafiek.

Blootstelling van werkers in de bagageafhandeling  op vliegveld Aalborg. De Eindhovense Mauritsstraat in de spits haalt 80000 deeltjes per cm3.
Blootstelling van werkers in de bagageafhandeling op vliegveld Aalborg. De Eindhovense Mauritsstraat in de spits haalt 80000 deeltjes per cm3.

Zie voor de presentatie –>Luchtkwaliteit rond het vliegveld_Knegsel_18042015

Zie voor eerdere publicaties op deze site over kerosine kun je zwavelvrije kerosine kopen?  en (idem vervolg) .
Zie voor eerdere publicaties op deze site over de luchtvervuiling rond Eindhoven Airport ultrafijn stof rond het vliegveld en GS houden de boot af .
Zie voor het ultrafijne stof in de Mauritsstraat Wij rijden de rochelroute

 

Milieudefensie Eindhoven vraagt voedselbezorgers om elektrisch te gaan rijden

Persbericht                                                                 9 april 2015

De Eindhovense afdeling van Milieudefensie heeft in een brief aan enkele landelijke koepelorganisaties van voedselbezorgers gevraagd of zij in Eindhoven over willen stappen op elektrische scooters. De brief zal binnenvallen bij Thuisbezorgd.nl , Domino’s Pizza’s, New York Pizza’s en Smeding Concepts (de organisatie achter de Hapsalons). Mogelijk worden er nog namen aan deze lijst toegevoegd. Een voorbeeldbrief treft u –> Aan de directie van New York Pizza’s aan

Vooral tweetakt-brommers en –scooters zijn beruchte vervuilers. Het wetenschappelijke tijdschrift Nature heeft in mei 2014 becijferd dat één tweetakt – scooter evenveel vervuilt als tientallen tot honderden auto’s (dit afhankelijk van naar welke vuilcategorie men kijkt).
Viertakt-scooters zijn minder vuil, maar nog steeds slecht voor de lucht-
kwaliteit.

De aanschaf van een elektrische brommer/scooter is wat duurder, maar het is mogelijk daarvoor belastingvoordeel aan te vragen via de MIA/Vamil regeling. Voorwaarde is dat de scooters bedrijfsmatig gebruikt worden en een lithiumaccu hebben.
Bovendien zijn elektrische scooters in de exploitatie goedkoper.

De technische prestaties van elektrische scooters zijn in de afgelopen jaren verbeterd. Juist voor kortere ritten in stedelijk gebied zijn ze heel geschikt.

Nadere informatie bij

Bernard Gerard
040-2454879
bjmgerard@gmail.com
www.bjmgerard.nl