Onderzoeksrapport treinongeluk Tilburg

Op 6 maart 2015 botste in Tilburg een reizigerstrein achterop een stilstaande goederentrein. Door de botsing ontstond lekkage aan de achterste wagon van de goederentrein, een ketelwagen gevuld met vijftig ton brandbaar gas (butadieen). Er zijn geen mensen ernstig gewond geraakt en de lekkage bleef beperkt. De Onderzoeksraad voor Veiligheid heeft onderzocht welke veiligheidslessen uit het ongeval kunnen worden getrokken ten aanzien van het feit dat daarbij een gevaarlijke stof vrijkwam.

Het tracé vanaf Geleen

Zo begint het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid, gepubli-
ceerd op 10 maart 2016.
Het rapport is te vinden op www.onderzoeksraad.nl/nl/onderzoek/2113/risicobeheersing-bij-spoorvervoer-gevaarlijke-stoffen-6-maart-2015 .
Het rapport bevat een zeer informatief animatiefilmpje hoe het ongeluk ontstaan is, en met puntsgewijze alle aanbevelingen.

Het online-blad SpoorPro gaf diezelfde dag een goede samenvatting. Die is te vinden op www.spoorpro.nl/spoorbouw/2016/03/10/onderzoeksraad-te-veel-risicos-bij-transport-gevaarlijke-stoffen/ . Wie geen tijd heeft voor een lange tekst, kan hier terecht. Ook het animatiefilmpje is hier te vinden.
De afbeeldingen bij dit artikel komen uit het animatiefilmpje.

De trein vertrekt vanaf het rangeerterrein bij de DSM in Geleen
De wisselstoring

Bij het ongeval in Tilburg raakten enkele passagiers licht gewond en werden enkele reddingswerkers onwel van de butadieen. Het had echter, merkt de Raad voor Veiligheid op, ernstiger kunnen aflopen.

De Raad voor Veiligheid spreekt harde taal: De botsing en de lekkage konden zich voordoen doordat de betrokken spoorbedrijven “om logistieke en economische redenen” beslissingen namen die “afbreuk deden aan het effect van reeds geldende veiligheidsmaatregelen” . Verder stelt de Raad “Ook de chemiebedrijven, in wiens opdracht het spoorvervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt, hebben een belangrijke rol bij de risicobeheersing … de zogenoemde ketenverantwoordelijkheid  geldt ook als de gevaarlijke stoffen het bedrijfsterrein verlaten en per spoor worden vervoerd.”

Pal na het moment van botsing

Het rapport levert een perfecte illustratie dat alle (bijna)rampen altijd meerdere oorzaken hebben. Als één oorzaak niet bestaan had, was er geen (bijna)ramp geweest.

  • De trein vertrok door een gewijzigde planning drie uur later uit Chemelot dan bedoeld
  • Daardoor was er in Tilburg een machinistenwissel nodig en moest de trein op een zijspoor geparkeerd worden
  • de vervoerder gaf een te korte treinlengte op, waardoor de trein op een te kort spoor gezet werd
  • daardoor stak de achterkant van de trein te ver uit, wat de werking van de wissel beïnvloedde waar hij zojuist overheen gereden was. Dat resulteerde in een rood sein voor de achteropkomende personentrein
  • de machinist van de achteropkomende trein zag het rode licht niet
  • de zijsporen in Tilburg zijn niet beschermd tegen roodlichtpassage met het ATB vv-systeem (laat staan ERTMS)
  • de goederentrein bevatte zowel wagons met gevaarlijke als ongevaar-
    lijke lading, maar in de laatste wagon zat de butadieen
  • de personentrein was van een oud type (MAT’64) dat geen buffers had. Daardoor werd de voorkant opgetild en kon de ketel raken
  • butadieen is brandgevaarlijk en explosief, maar geldt niet als toxisch. Daarom hoefde deze ketelwagen geen ‘overbuffering’ te hebben die de achterop botsende trein van de ketel zou hebben weggehouden.
  • door de klap ging de klep lekken
De gele dingen vormen de overbuffering, maar die zaten er dus niet.
De gele dingen vormen de overbuffering, maar die zaten er dus niet.

De concrete aanbevelingen van de Raad kan lezen als het spiegelbeeld van de lijst wat er allemaal mis ging. De volledige tekst vindt u –> RaadvVeiligheid_aanbevelingen-treinbotsing-tilburg

Kort na het uitkomen van het rapport heeft gedeputeerde Van de Maat (VVD) zijn bezorgdheid over de daarin geschetste werkelijkheid uitgesproken bij de Staatssecretaris.

Houtrook op Strijp T ongevaarlijk? Update dd 18 maart 2016

De omwonenden van de biomassacentrale in de Eindhovense wijk Strijp T zitten al dagen in de rook, aldus het Eindhovens Dagblad van 17 februari 2016. Maar dat geeft niet, aldus een woordvoerder van de gemeente, ‘want de rook is vergelijkbaar met die uit een open haard. Er is dus geen gevaar voor de volksgezondheid, maar hinderlijk is het wel.”

De nieuwe biomassacentrale op Strijp T in Eindhoven
De nieuwe biomassacentrale op Strijp T in Eindhoven

Dat het hinderlijk is, klopt. Maar is rook uit een open haard ongevaarlijk?

Er is veel te doen over houtrook uit particuliere kachels en open haarden. Sommige houtstokers drijven hun omgeving tot wanhoop. De romantiek van de lekkende vlammetjes maakt bepaald niet iedereen blij. Het leidt tot handhavingsverzoeken en tot rechtszaken, zoals een tijd geleden in Groningen.

Het Groningse onderzoek
In Groningen heeft de GGD geprobeerd om het vraagstuk met onderzoek uit de sfeer van het subjectieve te halen. “Overlast door houtrook” is in oktober 2015 gepubliceerd (http://ggd.groningen.nl/milieu-gezondheid/houtkachels/eindrapport/eindrapport-overlast-door-houtrook ).
De GGD onderscheidt drie effecten op de gezondheid:
– de giftigheid van houtrook op de korte termijn
– idem op de lange termijn
– stress door geur
Geur wordt veroorzaakt door chemische stoffen met moeilijke namen, die nauwelijks met een apparaat te meten zijn. Je kunt alleen zo objectief mogelijk snuffelen. Fijn stof (PM2.5) is wel te meten. De GGD heeft beide gedaan. Beide methodes hebben echter zoveel haken en ogen, dat ze onderling slechts beperkt overeenkomen. Het kan stinken als het niet stoft en stoffen als het niet stinkt. Mogelijk leidt geur tot klachten, maar leiden PM2.5 en roet tot schade.
De literatuur vermeldt veel gezondheidseffecten: asthma, longfunctie, hart en bloedvaten, en dit zowel op de korte als op de lange termijn.
De WHO geeft als advieswaarde voor PM2.5 jaargemiddeld 10μgr/m3 , en maximaal 3 dagen per jaar etmaalgemiddeld 25μgr/m3 .
De Europese (en Nederlandse) norm is 25μgr/m3 jaargemiddeld.
De normale concentraties in Noord-Nederland liggen onder de 10μgr/m3, in Zuid-nederland meer, en in stedelijke gebieden ergens tussen de 12 en 17μgr/m3 .
De GGD-metingen wezen uit dat de etmaalwaardes (dus de 25μgr/m3 ) vaak zeer ruim overschreden werden. Er deden 10 huishoudens mee aan de proef, elk gedurende 150 tot 170 etmalen, en acht van de tien zaten minstens 15% van de etmalen boven het WHO-advies. Drie van de 10 zaten zelfs ruim de helft van de tijd boven de advieswaarde. De hoogste piekwaarde liep op tot bijna 300μgr/m3 .

De “Toolkit”
Nu was al eerder duidelijk dat er een probleem was. Daarom heeft de Vereniging Van Milieuprofessionals (VVM) een “Toolkit” geschreven (mei 2014) (http://www.vvm.info/news.php?id=153 ). Daarin oa. tien “stooktips”, waarvan sommige met een ‘dat had ik zelf ook wel kunnen bedenken-gehalte’, zoals ‘Neem geen te grote kachel’ (want dan heeft u het al gauw te warm, gaat u temperen en daalt de verbrandingstemperatuur en dat is funest), ‘laat regelmatig uw schoorsteen vegen’, ‘stook alleen droog, schoon en onbehandeld hout’ (en dus geen ge-Wolmanniseerd hout, zoals dat een tijd geleden een Eindhovense volkstuinvereniging deed, waardoor chroom, koper en arsenicum over de aanplant) en ‘controleer je luchttoevoer (wat met een open haard niet mogelijk is)’ en ‘stook niet bij windstil weer’.
Eigenlijk kun je er dus beter niet aan beginnen, tenzij je minstens 700m van je buren af woont en veel eigen hout hebt.

Aandeel roet (=EC) door houtstook in Eindhoven
Aandeel roet (=EC) door houtstook in Eindhoven

Nog eens Strijp T
Hij kon er niets aan doen, zei meneer Hamzi van de exploitant HoSt BV. De nieuwe centrale moest opgestart worden (waardoor de verbrandingstemperatuur te laag was, een recept voor vergiftige lozingen) en tot overmaat van ramp was het hout drijfnat geworden want het had geregend (wat een professionele inrichting uiteraard nooit mag overkomen). Zowel de uitspraken van de exploitant als van de gemeenteman komen uitermate amateuristisch over. De gemiddelde verkenner stookt een beter vuurtje.
Het ding wordt weer stilgelegd (volgens het ED), en dan weer opnieuw opgestart ‘hopelijk met minder nat hout’. Ik stel voor dat de ODZOB in de aanslag staat en dat het ding alleen mag worden opgestart als het heel hard waait.

De trend
ontwikkeling PM2-5_Nederland
ontwikkeling roet_Nederland
Een gemeenteman, die er wat meer van af weet, kwam laatst met een presentatie over een aantal aspecten van de Eindhovense luchtkwaliteit, waaronder de nationale emissies van PM2.5 en houtstook, waaronder die van huishoudens (‘domestic’ links). Het spreekt voor zich: in 2020 zal houtstook door huishoudens de grootste bron van atmosferisch roet zijn. Gigantische inspanningen om het autoverkeer elektrisch te maken, maar de gezellige stokers vullen het gat op.

Mogelijke maatregelen
De Tweede Kamer sprak er op 11 feb 2016 over, maar het rijksbeleid
blijft voorlopig wat neergelegd is in een brief van de regering dd 6 juli 2015 (geen maatregelen in bestaande situaties, een typekeuring alleen voor nieuwe kachels en verder pappen en nathouden). Toch had dat wel gekund: de Bouwregelgeving aanvullen met effecten op aangrenzende panden, de Omgevingswet uitrusten met bepalingen als rookgasreiniging, PM2.5-concentraties een verplichtend karakter geven en de mogelijkheid houtrookvrije buurten aan te wijzen, en rook en stank strafbaar stellen net zoals burengerucht.

Nu kan een gemeente alleen tegen huishoudens optreden op basis van vage bepalingen als (Bouwbesluit 2012, art. 7.22) ‘hinderlijke rook, roet of stank’ (maar wat is ‘hinderlijk’?) of (Burgerlijk Wetboek art 37) ‘…. mag andere erven geen hinder toebrengen door het verspreiden van … stank, rook … ‘ (maar hetzelfde probleem).
De Toolkit noemt wel de APV als route om aanvullende bescherming te formuleren.
De Wet Milieubeheer en het Bouwbesluit 2012 verbieden om afval te stoken, waartoe ook bewerkt hout gerekend kan worden (de enige toegelaten bewerking op stookhout is dan drogen en in stukjes hakken, dus geen verf, geen impregnering, geen triplex etc).

Tegen de amateurs van de biomassacentrale kan de ODZOB ‘gewoon’ optreden met de milieuwetten.

En, mocht u uit zijn op gezellig stoken: er zijn hele mooie gaskachels die de romantiek van een houtkachel heel mooi nabootsen.

Later toegevoegd extra materiaal:
–  De reactie van staatssecretaris Dijksma op het Groningse GGD-rapport: –> Brief Dijksma_2016-01-28_I&M_Reactie_op_GGD
–  De reactie van de Groningse GGD op de brief van Dijksma:–> 2016-02-09_Reactie GGD en NoordNL op kamerbrief houtrook
–  Een publicatie over gebruik van het Bouwbesluit om de schoorsteen van de buurman verplaatst te krijgen (Vereniging Leefmilieu maart 2016): –> Succes bij bestrijden houtrook Nijmegen
Dit verhaal leunt op NEN-normen, die slechts tegen betaling openbaar zijn. In dit geval heeft de gemeente Nijmegen daarin voorzien.

– Iemand stuurde mij een advertentie toe over een stoffilter voor een houtkachel. Ik sta nergens voor in en aanvaard geen enkele verantwoordelijkheid, maar misschien vinden sommigen dit interessant: http://eerlijkenwarm.nl/fijnstoffilter/

Observatie van de aarde vanuit de Sentinel-2

Als afwisseling opnames door de Sentinel-2A satelliet, die de Europese ruimtevaartorganisatie ESA op 23 juni 2015 gelanceerd heeft. Zijn tweelingbroer -2B gaat eind 2016 de lucht in en gaat precies aan de andere kant van de aarde vliegen.

Inkijk in de Sentinel-2A satelliet
Inkijk in de Sentinel-2A satelliet
De Sentinel-2 kijkt in dertien frequentiebanden
De Sentinel-2 kijkt in dertien frequentiebanden

Zijn oplossend vermogen is 10, 20 of 60m en zijn gezichtveld is 290km breed.
Hij passeert elk punt op aarde van 56° S tot 84° N op 786km hoogte en ziet dat dan onder dezelfde gezichtshoek. De baan is zon-synchroon.

Het instrumentensysteem is uitstekend geschikt om landbouw en bossen waar te nemen (en de veranderingen daarin), maar ook tinten in oppervlaktewater ten gevolge van milieuvervuiling. Een paar mooie plaatjes.

Watervoorraden in Zuid-Spanje
Watervoorraden in Zuid-Spanje
Algenbloei in de Oostzee op 04 sept 2015
Algenbloei in de Oostzee op 04 sept 2015. Die zee staat bekend om zijn zuurstofloze zones.
Het uiteinde van de Ryder Gletscher in Groenland
Het uiteinde van de Ryder Gletscher in Groenland
This image was captured by Sentinel-2A on 5 August 2015 from over 780 km above Earth. It clearly picks out features such as Rotterdam harbour, patchworks of fields throughout the country, Amsterdam and Schiphol airport. The image also shows how the Enkhuizen–Lelystad dike separates the different concentrations of sediment and algae in the Markermeer and the IJsselmeer.
This image was captured by Sentinel-2A on 5 August 2015 from over 780 km above Earth. It clearly picks out features such as Rotterdam harbour, patchworks of fields throughout the country, Amsterdam and Schiphol airport. The image also shows how the Enkhuizen–Lelystad dike separates the different concentrations of sediment and algae in the Markermeer and the IJsselmeer.

De plaatjes zijn te vinden op http://www.esa.int/spaceinimages/Missions/Sentinel-2

Klimaateffecten in Brabant – 1 Het Deltaplan hoge zandgronden

Ik ga een serie artikelen schrijven over de effecten van het veranderende klimaat en de reacties daarop, die zo specifiek mogelijk afgestemd is op mijn provincie Noord-Brabant.

In een oneliner samengevat wordt het warmer in Brabant en krijgt de neerslag een extremer fiks of niks – karakter.

Het zijn vooral de heftige rampen, die de krant halen, zoals de overstromingen in Engeland en de VS en de droogte in Californie. Mijn inschatting is dat je die in Nederland niet gauw krijgt. Het waterbeheer, zowel in droge als in natte tijden, is er te goed voor. Ons land is er traditioneel op ingericht.
Dat neemt niet weg dat de niet-meteen-dodelijke effecten wel verdomd hinderlijk kunnen zijn, zoals bijvoorbeeld de Tilburgse overstroming van 28 juli 2014. Ik kom daar nog op terug.

Vooralsnog lijken klimaateffecten in Brabant vooral schade te veroor-
zaken. Soms erg veel schade.

Het Deltaplan hoge zandgronden
Een kort berichtje in het BD van 11 september 2015 “Sproeien mag weer”. Er heeft bijna drie maand een beregeningsverbod gegolden “omdat het voorjaar behoorde tot de vijf droogste van de afgelopen 100 jaar” aldus dijkgraaf Verheijen. “Augustus was juist extreem nat. 2015 is een jaar van extremen.
Het is niet spectaculair, maar wel zeer vervelend voor de boeren dat ze bij droogte niet mochten sproeien en dat daarna de plassen op de velden stonden.
deltaplan hoge zandgronden-1
De overheid en de maatschappelijke partijen bereiden zich in het Deltaplan Hoge Zandgronden al enkele jaren voor op het veranderende neerslagregime. Dat plan is relevant voor de zandgronden in Oost- en Zuid-Nederland (Brabant en Limburg). Ik beperk me hier tot Brabant.
In dit Deltaplan werken waterschappen, gemeenten, drinkwater-
bedrijven, terreinbeheerders, landbouworganisaties en het Rijk samen aan maatregelen om de gevolgen van de klimaatverandering op te vangen. Zeer in het kort komen de maatregelen er op neer om het water in grotere gebieden op te vangen als er teveel van is, en om het efficiënter in te zetten als er te weinig van is. “Dat had ik ook wel kunnen bedenken” zal men denken, maar ondertussen vraagt het wel organisatie, planning en geld.
Die zijn vastgelegd in het werkprogramma “Wel goed water geven!”. Op 7 september 2015 hebben de regionale partijen een bestuursakkoord met het Rijk getekend om dit programma uit te voeren. Voor de regio tekende de Limburgse gedeputeerde Prevoo (SP), voor het Rijk Minister Schultz van Haegen.
De minister bracht 33 miljoen uit het Deltafonds mee, de regio zelf moet 106 miljoen schokken (grofweg 60 – 46 miljoen verdeeld tussen Brabant en Limburg). Daarnaast hebben de twee zuidelijke provincies een regionaal pluspakket gereserveerd van 84 miljoen. Het programma loopt van 2016 t/m 2020.
De klimaatverandering kost Brabant en Limburg samen dus zeker 28 miljoen per jaar (het pluspakket niet meegeteld). Dit alleen voor het beheer van het zoete water en  exclusief de gemeentelijke rioleringsuitgaven.
deltaplan hoge zandgronden-2
Er zitten best wel slimme plannen in het werkprogramma, zoals de ‘Waterkringloop Tilburg-Dongen’. Daarin wordt het gezuiverde restwater van vier grote industrieën gebruikt om de droogte in aangrenzend landbouw- en Natuurmonumentengebied te bestrijden. Tot nu toe gaat dat water het Wilhelminakanaal in.
Een ander plan is om op precisieberegening over te gaan, en om de beekdalen robuuster als waterberging uit te voeren. Met name worden genoemd de Mark en de Gender.
Nog een ander idee: Eindhoven heeft op sommige plaatsen chronisch teveel grondwater, omdat delen van de stad op voormalig moerasgebied gebouwd zijn. Eindhoven pompt bijvoorbeeld permanent bij Vredeoord. Dat water kan best wel gebruikt worden om elders de droogte te bestrijden.

Van de Brabantse 77 miljoen komt 17 miljoen van het Deltafonds, 17 miljoen van de provincie, en 43 miljoen van drie de gezamenlijke waterschappen.

Hier wordt niet spectaculair, maar wel goed gewerkt.
deltaplan hoge zandgronden-3

PMWP 2016 – 2021 is een goed plan

Ik heb het Provinciaal Milieu- en Waterplan 2016 – 2021 (PMWP) bekeken. Dat is, zeg maar, het nieuwe vijfjarenplan van de provincie op milieugebied. Het oude plan loopt binnenkort af.

De provincie had vroeger een apart Milieuplan en Waterplan. Die twee zijn nu geïntegreerd. Het geheel ligt t/m 21 juli 2015 ter inzage, inclusief kaartmateriaal en een PlanMER. Die PLanMER zegt in een notedop dat het voorgenomen beleid nergens schade aanricht en soms tot voordeel leidt.

De toon en het ambitieniveau van het plan staat me aan. Het bevat enkele onderwerpen waarvan ik vond dat die er in thuis hoorden, zoals aandacht voor de bodemkwaliteit en meer aandacht dan het minimale voor energiekwesties, luchtkwaliteit en de gevolgen van het vliegverkeer.
Ik vind bijvoorbeeld ook dat het verhaal van de kringlopen in de landbouw en de mestproblematiek zo goed mogelijk worden nagestreefd, gegeven de te beperkte beleidsvrijheid die de provincie in deze van het Rijk krijgt.

Dat neemt niet weg dat ik nog wel wat manco’s zie. Ik noem die kort en puntsgewijze. De volgorde is willekeurig.

En verder: het is een abstracte tekst vol goede bedoelingen, maar de praktijk moet leren wat er van terecht komt.

Word supporter BMF!

Ik doe bij deze graag een oproep om supporter te worden van de Brabantse Milieu Federatie BMF.
Ik heb met de BMF samengewerkt om het dal van de Keersop te beschermen tegen de N69, om het Dommeldal en andere natuurgebieden te beschermen tegen de Ruit, en om een leefbare omgeving van vliegveld Eindhoven in stand te houden.

Verder praat ik regelmatig met de BMF over milieu- en landbouwzaken. Ik ben het niet altijd volledig met ze eens, maar ze hebben altijd wel de goede intenties.

Sinds 1972 zet de Brabantse Milieufederatie zich in voor een mooi en
duurzaam Brabant. Dat doen zij namens iedereen die natuur en milieu een warm hart toedraagt. Het is goed de Brabantse Milieufederatie hierbij helpen. Dat kan door supporter te worden.

Je ontvangt dan een nieuwsbrief, wordt uitgenodigd voor interessante bijeenkomsten en helpt mee een mooi en duurzaam Brabant dichterbij te brengen. Meer informatie op de website van de BMF. Daar is ook de link naar het aanmeldingsformulier te vinden.

MarcoGas: een BRZO-bedrijf in een Bakels weiland – update

In een tussenuitspraak heeft de Raad van State in oktober 2016 bepaald dat de gemeente zijn huiswerk niet goed genoeg gedaan heeft, o.a. omdat het groepsrisico niet goed uitgerekend is.
Hierover is een nieuw artikel geschreven. zie eerder artikel

Er is in Bakel veel onrust over de voorgenomen groei van MarcoGas. Dat is een bedrijf dat gasflessen vult en distribueert, meest propaan.
Het bedrijf is nu klein (18 m3 propaan en 3 m3 butaan, goed voor ca 10 ton gas), maar het wil groot worden. Het wil naar 183 ton propaan en wat beetjes andere gassen.

ruimtegebruik_rond_MarcoGas

Het bedrijf ligt op een idiote plek. Het wekt de indruk ooit bij toeval daar gesticht te zijn, in de tijd van de “rijke” Gemertse dorpsverhoudingen. Toen het erop aankwam wilde Gemert de uitbreiding niet op zijn eigen bedrijventerrein Wolfsveld, en had het bedrijf geen geld voor verhuizing naar elders (waarbij overigens niet lang naar “elders” gezocht is).

Als in Eindhoven een autosloper op straat zijn stiel uitleeft, en zich erop beroept dat het industrieterrein te duur is, duurt het niet lang of de dwangsommen stapelen zich op. Kan de man geen passende huisvesting betalen, dan is de onderneming blijkbaar niet levensvatbaar. Exit.

Een bord met maatschappelijke instellingen pal naast de ingang
Een bord met maatschappelijke instellingen pal naast de ingang

Wil je in Gemert een zwaar BRZO-bedrijf vestigen tussen woonwijken en maatschappelijke voorzieningen omdat je geen geld hebt voor een passend bedrijventerrein, dan ben je zielig en dan mag dat van de gemeenteraad van Gemert-Bakel gewoon. Als er een tankwagen met propaan dreigt te ontploffen, moet half Bakel binnen een uur ontruimd worden. Het is volstrekt geschift.

Een blik op de achterkant van de opslag
Een blik op de achterkant van de opslag

Men is nu bezig om binnen de geschifte systeemgrens een niet-geschifte milieuvergunning vast te stellen. Uiteraard loopt de bevolking te hoop.

Lees meer op –>MarcoGas_een BRZObedrijf in een Bakels weiland

Openbare avond over nieuwe visie Milieudefensie

Milieudefensie heeft onlangs een nieuwe lange termijn – visie vastgesteld, “Eerlijk duurt het langst”. Die is te vinden op https://milieudefensie.nl/onsverhaal/onze-visie .

Om de visie uit te dragen heeft de Eindhovense afdeling van Milieudefensie een openbare avond belegd. Die vond plaats op 27 januari 2015. Hij werd redelijk bezocht door mensen van binnen en van buiten onze Milieudefensie-afdeling (all in ca 30 mensen) .

IMG_3260-1

Voor Milieudefensie landelijk zaten er
–           Andrea Zierleyn (Manager Actief) met een algemeen verhaal over de visie.
In slagwoorden: Nederland moet fossielvrij, de economie moet circulair (voortdurend hergebruik van grondstoffen), de zeggenschap van burgers moet vergroot worden, en de kwaliteit van de leefomgeving moet omhoog.
–           Jacomijn Pluimers, campagneleider Voedsel en Milieu, over de acties en plannen op voedselgebied en de band van voedsel met het milieu.
De landbouw hoeft niet tegenover de natuur te staan als de kringlopen korter worden (de schaal van Nederland is het ideaal, de schaal van Noord-West Europa ook al mooi). De landbouw moet minder werken met monocultures, gezonde producten maken en boeren een eerlijke prijs opleveren.
Deze theorie leidt in praktijk tot twee speerpunten: “Wij willen wei” (de melkveeteelt beperken tot grondgebonden proporties) en “lokaal veevoer” (geen gesleep met biomassa over de hele aarde). Er komt een pilot met kippen die geheel autochtoon gevoerd worden.

Om het geheel verder op te vrolijken, waren er ook enkele grootheden uit de buurt als spreker uitgenodigd. Dat waren
–           Michiel Visser van de Brabantse Milieu Federatie, die voor de BMF de portefeuille Vervoer en Mobiliteit doet, en die o.a. nauw betrokken is bij de strijd tegen de Ruit en rond het vliegveld. Hij vertelde daarnaast ook wat over moderne verkeersontwikkelingen en over de werkwijze met een Platform als effectief middel om meer invloed te krijgen.
–           Marnix Vlot van de Eindhovense energiecoöperatie 040Energie. Tot nu toe hadden ze op 21 installaties 390 zonnecel-panelen weggezet, samen goed voor 76 kWp en 65 MWh per jaar. Voor 2015 liggen er plannen om de aantallen fors te vergroten, indien mogelijk ook met collectieve projecten. Er komt een reeks informatieavonden, waarvan de data elders op deze website te vinden zijn.
–           Ikzelf als inmiddels enigszins deskundig op het gebied van luchtkwaliteit in het algemeen en die in en rond Eindhoven in het bijzonder, met o.a. een passage over het ultrafijne stof rond het vliegveld.
Ook het onderzoeksproject van AiREAS werd gemeld. Enkele mensen gaven zich al op. Er is nog plaats genoeg. Er komt een testpilot (die binnenkort begint) van 50 mensen in postcodegebied 5655, en daarna een onderzoek onder 4000 mensen. Men kan zich voor beide opgeven bij bjmgerard@gmail.com . Er is op 19 februari een informatiebijeenkomst voor de 5655-mensen.

Na afloop is er nog het een en ander nagepraat, oa over milieuaspecten van de veeteelt in De Kempen.

Bodemverontreiniging terrein Tilburgse tapijtfabriek

Francy van Iersel, SP-Statenlid, vroeg mij eind 2014 of ik mijn mening kon geven over de bodemvervuiling op het terrein van de Tilburgse tapijtfabriek. Dit op basis van enkele opgestuurde rapporten door onderzoeksbureau’s na monstername.

Ik heb dat zo goed mogelijk gedaan, hoewel ik het terrein niet zelf ken en slechts kon afgaan op de aangeleverde documenten (die ook nog incompleet bleken). Er zit dus het nodige voorbehoud in mijn antwoord.
Desalniettemin blijkt dat een deel van het terrein opgescheept zit met een ernstige verontreiniging met gechloreerde kooolwaterstoffen als bijvoorbeeld tri en per. De omvang en aard van de vervuiling maken hem ‘spoedeisend’, maar vervolgens is in de meest recente wettelijke bepalingen zo’n ruime interpretatie gegeven aan ‘spoedeisend’ (het komt er tegenwoordig  in praktijk dat het pas urgent is als er mensen ziek van dreigen te worden), dat het spul er vooralsnog gewoon blijft liggen.

Zie –> Een indruk van de bodemvervuiling op het terrein van de Tilburgse tapijtfabriek hier mijn reactie.

Zie voor de nu geldende wetgeving de Circulaire Bodemsanering op https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2013-16675.html

Bodemvervuiling Botenlaan

Voor de aanleg van de warmte-koude opslag van de (toen net nieuwe) VMBO-school aan de Botenlaan werd er flink gegraven. Daarbij kwam vervuilde grond omhoog.
Ik werd gealarmeerd door de bewoners van de Sportlaan, met wie Willemieke en ik een band hadden vanwege een eerdere buurtactie. Ik ben gaan kijken en het signaal bleek terecht. Ook in een wijdere omgeving lag troep, zowel onder de sportvelden van Brabantia waar toen ook werd gegraven (ik heb nog met het bestuur staan praten), als onder de huizen. En waarschijnlijk ook nog wel verder, want het is oud industrieel gebied.

Ik heb vragen aan B&W opgesteld en die aan Jan van Erp gegeven, die ze gesteld heeft (vragen en antwoorden zie bijlage).

Uiteindelijk liep het met een sisser af. Er lag wel overal troep, maar het was niet erg vergiftig en niet erg acuut. Het kon wachten tot er zich een keer een gelegenheid voordeed.

bodemvervuiling botenlaan