Terug van een weekje weg

Willemieke en ik zijn een weekje naar de Dordogne geweest. Onze jongste zoon Hans runt daar  met zijn vriendin Katja in Monpazier het restaurant Bistrot 2. Het ziet er zo uit:

Bistrot 2 in Monpazier. Het in het oog springende visuele element is de overal woekerende blauwe regen.
Bistrot 2 in Monpazier. Het in het oog springende visuele element is de overal woekerende blauwe regen.

Het gaat ze goed, maar ze moeten er wel pokkehard voor werken.
Mocht je nog eens in de buurt van Monpazier zijn (dat ligt in de Perigord Pourpre, nog net in de Dordogne), ga er dan maar een langs. Je kunt er fatsoenlijk eten voor een hele redelijke prijs.
(Overigens zijn mijn zoon en zijn vriendin in november 2017 als beheerder op een camping elders in Frankrijk begonnen. Hun Monpazier-verhaal is dus afgelopen).

Omdat de kinderen de handen vol hebben aan hun restaurant, moesten Willemiek en ik onze tijd grotendeels zelf vullen. Geen probleem, dat deden we met fietsen en lezen.

Je kunt er goed fietsen. Het is een vriendelijke land, niet heel erg spectaculair en geen overdreven relief (dat bestaat wel elders in de Dordogne).

De attracties zijn vooral de kastelen en de dorpen ‘bastiden’. Monpazier is een bekende bastide en nog grotendeels in de staat zoals het dorp in 1284 opgericht is. Het woord “opgericht” is accuraat, omdat het dorp er in één planproces in korte tijd neergezet is, op een verdedigbare plaats, en wel in de vorm van een schaakbordpatroon. Dat geldt min of meer voor alle bastiden (zoals Montflanquin, Villereal, en Molières). Ze liggen niet voor niets vaak op een bult (Montflanquin zelfs op een voor fietsers gemene bult).
Montflanquin-rr
Bij de stichting was de streek veel minder vriendelijk. Enkele eeuwen lang hebben de Engelsen geprobeerd de baas te zijn in een stuk van Zuid-Frankrijk. Dit spanningsveld liep een halve eeuw later uit in de 100-jarige oorlog, bij ons vooral bekend vanwege Jeanne d’Arc en de slag (beter slachting) bij Agincourt. De bastides waren o.a. bedoeld voor de bescherming van de plattelandsbevolking. Monpazier is door de Engelsen opgericht. Zie voor een verhaal bijvoorbeeld www.dorpenfrankrijk.nl/aquitaine/dordogne/monpazier-het-mooiste-vestingstadje-van-de-perigord/ .
Over het algemeen hebben de bastiden een vierkant plein met overdekte arcaden er rond om heen en een overdekte markt. Het ziet er ongeveer zo uit:

Arcade in Monpazier, links het centrale plein
Arcade in Monpazier, links het centrale plein

Men kan zich ongeveer voorstellen hoe het onderbrengen van de verarmde plattelandsbevolking in zijn werk ging.
Goed, na vele duizenden doden in de honderdjarige oorlog (zie voor de feestelijke details bijv. Wikipedia ‘slag agincourt’ of Hella Haase ‘Het woud der verwachting’), en nadat de oorlog zes generaties plattelandsbevolking geterroriseerd had, gingen de Engelsen er van door en was het uiteindelijk allemaal voor niks geweest. Ruim 700 jaar later hebben alleen de toeristen voordeel van de ruim 300 bastiden in dit deel van de wereld.

Het andere tijdverdrijf was lezen. Ik heb de Warmtebrief van Kamp aan de Tweede Kamer helemaal gelezen (in mijn recente artikel over een Brabants warmteplan had ik er alleen de highlights uit gepakt), en ik kom daar nog op terug. Verder heb ik mijn Open Universiteitstudie weer eens opgepakt en ben zodoende een heel eind met “An Introduction to Environmental Chemistry”, waar ik te zijner tijd ook nog wel eens wat over zal vertellen.

In het weekje weg heb ik helaas een paar dingen gemist waar ik bij betrokken ben, zoals het proces van Urgenda tegen de Staat der Nederlanden over het klimaat, de presentatie over het nieuwe Eindhovense bijenbeleid die het gevolg was van het bijeninitiatief van Milieudefensie, en de informatiebijeenkomst over Eindhoven Airport van het Platform de 10 Geboden voor Eindhoven Airport.  Ik probeer te reconstrueren wat er allemaal gezegd en gedaan is, en kom daar in afzonderlijke artikelen op terug.

Brabants warmteplan nodig

De Kamerbrief van Kamp
Minister Kamp (EZ) vindt dat warmte een gelijkwaardig alternatief voor aardgas moet worden.
In een brief aan de Tweede Kamer van 2 april 2015 zegt Kamp o.a. dat we in Nederland meer dan de helft van alle energie gebruiken voor warmtevoorziening en dat dat voor ruim 91% met aardgas gebeurt.
Bijna 9% van de warmte werd duurzaam geproduceerd of kwam uit restwarmte. Kamp wil dat laatste percentage substantieel verhogen, en wil daartoe o.a. de regelgeving gaan veranderen. Voor de verandering heeft Kamp nu eens groot gelijk.
De brief van Kamp, en een nieuwsbericht, is te downloaden op http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2015/04/02/kamerbrief-warmtevisie.html .

Het duurzaam verwarmen van een huis
Het duurzaam verwarmen van een huis

Wat eenvoudige natuurkunde
Even voor de helderheid hoe een energiebalans er uitziet. Zie ook
Brabantse energiebalans .
Er gingen in 2013 ongeveer 3255PJ Nederland in. Die werden verdeeld over het finale energetisch gebruik (2166PJ), het finale niet-energetisch gebruik (verborgen energie in producten, 648PJ), en afvalwarmte (441PJ).
Het finale energetisch gebruik kun je opsplitsen in een warmtedeel (55% van 2166 = 1191PJ) en een niet-warmtedeel (de rest van 2166 = 975PJ). Die 1191PJ is bedoelde warmte en die 441PJ is onbedoelde warmte. Die gaat nu ongebruikt de lucht of de plomp in. Totaal:
3255PJ = 1191(bedoelde warmte) + 975(ander energieverbruik) + 648(producten) + 441(afvalwarmte).
De gedachte is nu dat die 1191PJ door besparing omlaag moet, en dat van wat overblijft een deel uit warmte gevoed wordt die anders weg-
gegooid was. Een nieuwe vergelijking zou er dan zo kunnen uitzien (hypothetisch voorbeeld): Totaal 3055PJ = 1091 +975 + 648 + 341

Een gigantische operatie, ook in Brabant
Het realiseren van die (hypothetische) 200PJ vereist een gigantische
nationale operatie. Dit voorbeeld zou al grofweg de helft van het SER-
energieakkoord invullen.
Brabant is grofweg 15% van Nederland. De equivalente 30PJ in Brabant vraagt om een relatief even grote operatie. Dat lukt alleen met een systematisch plan. Daar ben ik helemaal voor.
Op besparingsgebied gebeurt al veel. Het voornemen om 800.000 Brabantse woningen energieneutraal te maken zou een zeer forse
vervolgstap zetten.
Aan het nuttig gebruik van afvalwarmte gebeurt in Brabant weinig. In de Green Deals warmte op het einde van Kamps brief staan twee onderzoeken uit Brabant, nl een WKK-pilot van de Shell op Moerdijk en de bio-energiecentrale in Cuijk.

Stadsverwarmingen
Er zijn devils in de details, bijvoorbeeld de bron van de warmte en of
afvalwarmte zich beter leent voor industriële toepassingen dan voor woonwijken (de aanleg van warmtenetten is duur). Dat zijn serieuze
vragen, maar niet voor nu.
Ik wil wel een paar woorden wijden aan stadsverwarmingen, waarover nogal wat rancune bestaat. In de Eindhovense wijk Meerhoven gaat de rancune over geld. De tarieven zouden het ‘niet meer dan anders-beginsel’ moeten volgen (je betaalt niet meer dan wanneer je aardgas gehad had). Men heeft echter het donkerbruine vermoeden dat het ‘toch meer dan anders’ is en dat de wijk teveel meebetaalt aan een indertijd vooral door de gemeente gewenst project. Ik kan dit zelf niet beoordelen. Zie
artikel Meerhoven .

Maar stadsverwarmingsexploitanten zouden kunnen leren van windmolenexploitanten. Door schade en schande wijs geworden, beginnen die de omwonenden minder als schapen te zien die toevallig in de buurt staan, en meer als participanten die naast de lasten ook wat van de lusten dragen.
In een kronkelige analogie zou ik een dergelijke houding ook appreciëren bij stadsverwarmingen. Ik zie goede argumenten voor een ‘iets minder dan anders-benadering’. Omdat de gemiddelde stadsverwarming in Nederland (anders dan vaak gedacht) geen vetpot is, zou
misschien de provincie vanuit het Energiefonds wat aan de vaste lasten van een nieuw net kunnen doen. Het is maar een gedachte….

De warmteatlas
Hoe weet je nu wat er aan warmte beschikbaar is en gevraagd wordt? Daarvoor bestaat de Warmteatlas. Zie http://agentschapnl.kaartenbalie.nl/gisviewer/indexlist.do?id= , en kies daar ‘directe toegang’. Je komt dan in de viewer. Je kunt daar het warmteaanbod van industrieën zichtbaar maken, de geothermische mogelijkheden maar ook bijv. de gezamenlijke warmtevraag van de Eindhovense huishoudens of de warmtenetten van Tilburg en Breda. Dat ziet er bijvoorbeeld zo uit:

Warmtenetten in Tilburg en Breda (bron: Warmteatlas)
Warmtenetten in Tilburg en Breda (bron: Warmteatlas)

Nieuwe Statenleden zouden eens wat in de Warmteatlas moeten gaan grasduinen, en het nieuwe coalitieakkoord zou een forse aanzet moeten geven tot een systematisch warmtebeleid.

Beter alarmeringssysteem bij ongevallen

De Werkgroep Natuurbehoud en Milieubeheer (WNM) en ik hebben (al weer een tijd geleden) een zienswijze ingeleverd op de actualisering van industrieterrein De Hurk in Eindhoven. Daarin stonden een aantal concrete voorstellen. Ik kom daar te zijner tijd op terug. Zie zienswijze De Hurk .

Het voorstel om om het alarmeringssysteem te moderniseren was er daar één van.
luchtalarm
De gedachte is dat het luchtalarm weinig informatief is. Je weet dat er iets aan de hand is, maar niet wat precies. Als er bijv. een gaswolk ontsnapt bij Air Liquide moet je wat anders doen dan wanneer en een brand is in de vulhal. Een meer informatieve communicatie in de onmiddellijke nasleep van een incident kan erg goed werken.
In de tijd dat wij deze zienswijze brachten, was deze denkwijze nog relatief nieuw.

 

Ik vind het leuk dat deze gedachte inmiddels realiteit geworden is.

Zinvolle verkeersmaatregelen op Eindhovense Noord-zuid- corridor – update dd 9 april 2015

Op 9 april verscheen in het ED een artikel van Lukas van der Storm met nadere informatie over dit onderwerp. Ik voeg die (onderaan) toe aan dit artikel en her-dateer het op 12 april.

Gaarne meld ik in het honderdste artikel op deze website een succesje.

De gemeente Eindhoven heeft een multimodaal Plan van Aanpak opgesteld voor de Noord-zuid-corridor. Die loopt van Son&Breugel en Nuenen via het Winkelcentrum Woensel en het Catharinaziekenhuis, door het centrum naar de publieksvoorzieningen aan de Zuidkant en de High Tech – campus (HTC) naar Waalre en Valkenswaard. Een niet onbelangrijk stukje stad.

De problemen blijken het grootst bij stadinwaarts verkeer in de ochtendspits uit Nuenen en Helmond. De bedoeling van het Plan van Aanpak is om spitsmijding te realiseren. Dat lukt: als het Plan eind 2017 af is, zal het resulteren in 2520 tot 2730 spitsmijdingen ’s ochtends en tot 2250 tot 2400 spitsmijdingen ’s avonds.
Het gaat om Beter Benutten-maatregelen.
Het totale budget is 5,0 miljoen.

De gemeente schetst haar bedoelingen in een Raads Informatie Brief (RIB) aan de Eindhovense gemeenteraad dd 30 maart 2015 . Bij de RIB hoort een bijlage. Beide zijn te vinden op http://eindhoven.notudoc.nl/cgi-bin/bdocument.cgi/action=view/id=92928 . De RIB zelf is in deze tekst te vinden –> RIB__Beter_Benutten_vervolg_30032015 , de bijlage is daar te groot voor.

(Snel)fietsroutes Eindhoven
(Snel)fietsroutes Eindhoven

Het Eindhovense maatregelenpakket (waarvoor SP-wethouder Jannie Visscher verantwoordelijk is) bestaat uit de volgende stappen:
–           Mobiliteitsmanagement TU/e campus, HTC-campus, omgeving Eindhoven Airport
–           Stedelijke distributie (betaald uit het programma Luchtkwaliteit en Mobiliteit)
–           Verdere realisatie van de snelfietsroute Son&Breugel-Centrum-HTC door aanleg van
schakels over de Stoutheuvel en de Bilderdijklaan
–           Fietsparkeermanagement in de stallingen rond het station
–           Stimuleren fietsgebruik op de A270/N270 Helmond-Nuenen-
Eindhoven
In de bijlage staan uitgebreide beschrijvingen van de maatregelen.

Het onderzoeksbureau HBG heeft voor het Ministerie van I&M een
pilotonderzoek uitgevoerd naar Stedelijke Distributie in Amsterdam en Eindhoven. Dat zou in Eindhoven in een lokale Green Deal kunnen uitmonden, maar tot nu toe vinden belanghebbenden hier dat nog niet erg urgent. De bevoorrading onder vindt in Eindhoven nog niet heel veel problemen. Aan de andere kant blijken ruim 1800 vrachtauto’s al vertraging te ondervinden in ritten van en naar de stad.
De milieuzone heeft sinds de instelling in 2007 “geleid tot een flinke verschoning van het vrachtwagenpark, maar nog niet tot minder verkeer
(Bijlage, analyse goederenvervoer op blz 6 en 12).

Om het fietsparkeren bij het station te verbeteren (bijlage blz 13), is er een meerlaags-stalling in voorbereiding aan de Noordkant van het staion van 4200 plaatsen. Deze komt in de plaats van de huidige ondergrondse stalling (800 plaatsen) en die aan de Noordkant op maaiveldniveau (2000? Het staat er niet bij).

De insteek bij de fietsbevordering A/N270 gaat via ‘gezondheidsbevordering’ (bijlage blz 16).

De aanpak is een goed succes voor de Eindhovense Milieudefensie-afdeling, die voor het eerst onderwerpen als luchtkwaliteit en de noodzaak van verkeersmaatregelen die daarmee in verband staan op de agenda gezet heeft.
De aanpak is een goed begin, maar er is meer nodig. Oude vieze bestelbusjes bijvoorbeeld worden nog steeds niet uit het centrum geweerd.

Ook de strijd tegen de aanleg van de Ruit om Eindhoven is met het succes gebaat. Het project haalt auto’s uit de spits en mogelijk ook van de weg.

Reden voor tevredenheid, maar niet om op de lauweren te gaan rusten.

Het ministerie van I&M heeft Eindhoven en Amsterdam op het oog als pilot, en heeft daar maximaal een ton voor over. Maar Eindhoven moet eerst behoefte-onderzoek doen, o.a. onder winkeliers in het centrum en bedrijven die dergelijke expeditiediensten kunnen aanbieden.
De bevoorrading van winkels en bedrijven zou ene stuk efficienter kunnen als bestelauto’s en vrachtauto’s samenwerken (aldus het ED).

Laat ze meteen ook maar onderzoeken in hoeverre de bestelauto’s elektrisch kunnen, of anders Euro 6 – diesel (bg)

De Late Rembrandt

Willemieke en ik zijn op 8 april 2015 naar de tentoonstellling ‘De late Rembrandt’ in het Rijksmuseum geweest. Die is heel mooi.

Ik ben een volstrekte amateur op kunstgebied, dus verwacht van mij geen theorieën. Ik schrijf hier een paar dingen die mij opvielen.

Rembrandt staat in een traditie, maar hij beheerste de theorie en de praktijk zodanig goed dat zich vrijheden kon veroorloven en experimentele technieken kon bedenken, waardoor hij gelijktijdig buiten de traditie stond. Hij gebruikte de traditie als dat zin had en/of als de klanten dat wilden, en was ketter als hij daar zelf zin in had. In beide gevallen mooie werken.
Ik heb met verbazing staan kijken naar een kleine penseeltekening van een slapende vrouw, getekend of er een Japanse kalligraaf aan het werk geweest was. Het wekte de indruk alsof het schilderij in een kwartier of zo gemaakt was. Elke streek raak.

Slapende jonge vrouw
Slapende jonge vrouw

Niemand in die tijd zou Elsje geschilderd hebben. Elsje kwam van het Deense platteland en trok naar de grote stad Amsterdam om dienstbode te worden. Dat lukte niet meteen en na een maand was het geld op en ontstond er ruzie over een huurschuld en huisuitzetting. Elsje sloeg de hospita dood met een bijl en eindigde aan de galg. Met de bijl naast haar. In die situatie schilderde Rembrandt haar. Dat was ongehoord, zoiets onwaardigs schilderde je niet.

Op een of andere manier, die het geheim van de echt goede kunst is, schildert hij de werkelijkheid en zijn analytische interpretatie van de werkelijkheid in één schilderij. Die analyse was niet altijd even vriendelijk, ook niet van zichzelf. De klanten waren niet altijd blij en op zijn laatste zelfportret geef je hem inderdaad niet lang meer.

Zelfportret met cirkels
Zelfportret met cirkels

Het is alsof hij door mensen heen kon kijken. Dat leverde zeldzaam emotionele of beschouwende schilderijen op. Op een geheimzinnige manier zijn ze zelfs soms beter dan een goede foto.

Ik heb een eenvoudige smaak en mijn favoriet in het Rijksmuseum is De Joodse bruid.

De Joodse Bruid
De Joodse Bruid

De tentoonstelling is een aanrader. De tentoonstelling loopt t/m 17 mei. Je moet reserveren en dan mag je een periode van twee uur kiezen. Men houdt echter de eindtijd niet bij en je wordt er niet uitgezet. Keerzijde is dat het erg druk is. Het Rijksmuseum kost normaliter €17,50 en de tentoonstelling kost €7,50 extra, tenzij je om een of andere reden korting hebt.

Presentatie over vliegveld en luchtkwaliteit

Het Platform de 10 geboden voor Eindhoven Airport houdt op 18 april 2015, om 11.00 uur, in zaal De Leenhoef in Knegsel een informatie-
bijeenkomst over diverse aspecten van het vliegveld. De strijd om het vliegveld komt in een cruciale fase.
De zitting is toegeschreven naar gemeenteraadsleden, wethouders, burgemeesters en de nieuwe leden van PS, maar iedereen die interesse heeft mag naar binnen.

Aan mij de taak om een presentatie te maken over de luchtkwaliteits-
aspecten. Ik kan hem helaas niet zelf brengen, want ik ben even in het buitenland voor een familiebezoek. Iemand anders neemt het over.

Ik had hiervoor de beschikking over een provinciale meting over 2012, gedaan bij de Spottershill.

De basisgedachte van het verhaal is dat
– voor die grootheden waarvoor al langere tijd een norm bestaat (NO2 en PM10), het vliegveld geen belangrijke bron is. Auto- en vliegtuig-
motoren gedragen zich daar ongeveer hetzelfde. Een vliegtuigmotor is veel sterker, maar er zijn zoveel meer auto’s en die zitten zoveel langer op de Poot van Metz als een vliegtuig op de startbaan, dat hier de auto’s winnen.
– voor PM2.5 is de zaak onduidelijk, omdat er niet op vergelijkbare plaatsen in de regio gemeten wordt. De MER van het Luchthavenbesluit berekent getallen en de meting op de Spottershill zit daar iets boven. Dat kan betekenen dat je het eerste spoor ziet van kleinere deeltjes, maar dat valt niet te bewijzen.
– Voor ultrafijn stof en roet (het ene is een grootte-aanduiding, het andere een samenstellings-aanduiding) is er ten aanzien van straalmotoren een duidelijk en verklaarbaar verschil. Straalmotoren draaien op kerosine en dat is rode diesel (ca 500 ppm zwavel). Die vormt bij verbranding zwaveloxide en die vormt met water uit de lucht kleine druppeltjes zwavelzuur, waarin ook roet en organische verbindingen worden opgenomen). Die druppeltjes waaien kilometers weg. Autodiesel is (nagenoeg) zwavelvrij.
Bij dieselauto’s bestaan normen en maatregelen tegen roetuitstoot, bij straalmotoren niet (je kunt moeilijk een filter op de uitlaat zetten).
De gemeente en de provincie moeten deze vervuiling gaan meten, en aandringen op zwavelvrije kerosine.
– Ik heb niet over de kerosinestank gesproken die veel mensen ruiken, omdat ik daar zakelijk gezien niets over kan melden. De menselijke neus ruikt beter dan de meetinstrumenten van de provincie en, voorzover er gemeten is, blijft het duidelijk onder de norm.

Overigens heeft deze kwestie een ARBO-aspect waar de vakbond wat mee zou moeten. Personeel in de bagageafhandeling krijgt ongezond hoge pieken ultrafijn stof. Het plaatje hieronder is van het kleine Deense vliegveld Aalborg, waar het net zo waait als op vliegveld Eindhoven. Zie de grafiek.

Blootstelling van werkers in de bagageafhandeling  op vliegveld Aalborg. De Eindhovense Mauritsstraat in de spits haalt 80000 deeltjes per cm3.
Blootstelling van werkers in de bagageafhandeling op vliegveld Aalborg. De Eindhovense Mauritsstraat in de spits haalt 80000 deeltjes per cm3.

Zie voor de presentatie –>Luchtkwaliteit rond het vliegveld_Knegsel_18042015

Zie voor eerdere publicaties op deze site over kerosine kun je zwavelvrije kerosine kopen?  en (idem vervolg) .
Zie voor eerdere publicaties op deze site over de luchtvervuiling rond Eindhoven Airport ultrafijn stof rond het vliegveld en GS houden de boot af .
Zie voor het ultrafijne stof in de Mauritsstraat Wij rijden de rochelroute

 

Milieudefensie Eindhoven vraagt voedselbezorgers om elektrisch te gaan rijden

Persbericht                                                                 9 april 2015

De Eindhovense afdeling van Milieudefensie heeft in een brief aan enkele landelijke koepelorganisaties van voedselbezorgers gevraagd of zij in Eindhoven over willen stappen op elektrische scooters. De brief zal binnenvallen bij Thuisbezorgd.nl , Domino’s Pizza’s, New York Pizza’s en Smeding Concepts (de organisatie achter de Hapsalons). Mogelijk worden er nog namen aan deze lijst toegevoegd. Een voorbeeldbrief treft u –> Aan de directie van New York Pizza’s aan

Vooral tweetakt-brommers en –scooters zijn beruchte vervuilers. Het wetenschappelijke tijdschrift Nature heeft in mei 2014 becijferd dat één tweetakt – scooter evenveel vervuilt als tientallen tot honderden auto’s (dit afhankelijk van naar welke vuilcategorie men kijkt).
Viertakt-scooters zijn minder vuil, maar nog steeds slecht voor de lucht-
kwaliteit.

De aanschaf van een elektrische brommer/scooter is wat duurder, maar het is mogelijk daarvoor belastingvoordeel aan te vragen via de MIA/Vamil regeling. Voorwaarde is dat de scooters bedrijfsmatig gebruikt worden en een lithiumaccu hebben.
Bovendien zijn elektrische scooters in de exploitatie goedkoper.

De technische prestaties van elektrische scooters zijn in de afgelopen jaren verbeterd. Juist voor kortere ritten in stedelijk gebied zijn ze heel geschikt.

Nadere informatie bij

Bernard Gerard
040-2454879
bjmgerard@gmail.com
www.bjmgerard.nl

Regionale economie vereist helemaal geen Ruit

De enige vrienden van de Ruit om Eindhoven zijn te vinden in werk-
geverskringen. In de spraakmakende werkgeverskringen geldt de
gelijkheid asfalt=economie=goed, waarna nooit een situatiegebonden argumentatie volgt welke specifieke voordelen het concrete asfalt langs het Wilhelminakanaal zou hebben. Idem welke voordelen een weg 2*2, 100 km/h aan de economie toevoegt boven verbeterd 2*1, 80 km/h . Dat is niet onlogisch, want de Ruit is altijd een oplossing geweest op zoek naar een probleem. En als aangetoond werd dat het probleem nu niet bestond en waarschijnlijk in de toekomst ook niet, dan werd er een
ander probleem verzonnen. Zo blijft men bezig.
Een zinvolle bewijsvoering wordt vervangen door een boeddhistische mantra. Als het eigen gelijk maar duizendvoudig herhaald wordt, sluipt het wel in de hoofden, is de aanname.
Onlangs voegden de ondernemers op Ekkersrijt weer een couplet toe aan de mantra “de Ruit is een investering in de bereikbaarheid van
Ekkersrijt
“. Een investering, zoals gebruikelijk, op kosten van de gemeenschap. Het bedrijfsleven heeft immers, zoals bekend, een
‘natuurlijk en onvervreemdbaar recht op bonussen en asfalt’.
Zoals gebruikelijk wordt ook hier niets bewezen, alleen maar beweerd. Het is zelfs niet duidelijk of de bereikbaarheid verbetert of verslechtert, want mogelijk wordt de aansluiting van de Ruit op de A50 de nieuwe bottle neck.

Ondertussen blijkt in de reële economie niets van het probleem.

Huawei gaat in Eindhoven een logistiek centrum openen, meldde baas Wonder Wang van Huawei Technologies Nederland aan Mark Rutte op diens staatsbezoek aan China, halte Shenzhen. Huawei is de grootste leverancier van telecommunicatienetwerken ter wereld.
Behalve de goede infrastructuur en de gunstige ligging van Brabant in Europa, vinden we Eindhoven interessant vanwege ontwikkelingen op het gebied van Smart Cities, smart environment en smart mobillity. Zo mogelijk dragen we daar graag aan bij.” aldus Wonder Wang, geciteerd op 30 maart 2015 in Logistiek.
Geen woord over de kosmische betekenis van de Ruit om Eindhoven.
Huawei_plaatjeHet ED bracht op 23 januari 2015 een onderzoek van Corinna Raab onder expats in Eindhoven. Wat moet de overheid doen om de kenniswerkers hier te houden?
OP stip op 1 in de ongenoegenlijst is dat je voor teveel geld te weinig woonruimte krijgt. Verder verdient ook het lot van de meegereisde partner aandacht.
Ook Raab noemt de goede bereikbaarheid van Eindhoven per snelweg en per trein, en andere urban quality-argumenten. En “Vergeet de gewone Eindhovenaren niet. Het is niet zo dat alleen expats houden van mooi groen, snelle OV-verbindingen en een uitgebreid cultuuraanbod.
Hooguit dus aandacht voor de Ruit in omgekeerde zin vanwege dat ‘mooie groen’.
Overigens had Raab een verzoek om een interview neergelegd bij het bedrijfsleven, in casu Philips en ASML, maar daarop was geen reactie ontvangen.

Ook uit een onderzoek van de Universiteit van Amsterdam (Noterman, Sleutjes, ED 09 sept 2014) komen vooral woonwensen naar voren, waarbij technische expats vooral een rustig huis in de suburb willen (Veldhoven is favoriet).

Ik wil graag afsluiten met een icoon. In het ED van 2 januari 2014 wordt herdacht dat Gilles Holst een eeuw eerder het Philips NatLab opgericht had. Wat de jonge natuurkundige trok in Eindhoven? Naast de kans een eigen laboratorium op te richten en fors meer te verdienen dan bij zijn baas op dat moment Kamerling Onnes, was het de omgeving “ideaal voor fietstochten” en de Brabantse mentaliteit “meer Vlaanderen dan Holland“.
Misschien moeten de Brabants-Zeeuwse werkgevers hun geschiedenis eens gaan bestuderen. In high tech – regio’s is de omgeving een productiefactor.

Hier –> het online artikel uit Logistiek Huawei opent logistiek centrum in Eindhoven

 

Lucht vuil of niet: blijf fietsen!

Laatst sprak ik iemand, die post rond bracht en daarom veel op straat fietste. Kon dat nou kwaad vanwege de vuile lucht?

Ik heb hem aangeraden toch vooral door te blijven fietsen. De luchtkwaliteit in Eindhoven is gemiddeld matig en op sommige plaatsen en tijden slecht, en dat resulteert inderdaad in extra ziekte en dood, maar de positieve effecten van regelmatige lichaamsbeweging zijn een stuk groter. Te weinig bewegen staat hoger op de lijst met doodsoorzaken dan de Nederlandse luchtkwaliteit. Wat natuurlijk niet wil zeggen dat de Nederlandse lucht niet schoner moet.

Ik heb het de Utrechtse professor Brunekreef eens zo zien visualiseren:plussen en minnen van fietsenOf deze tabel in Beijing nog steeds zo geldt, zou ik niet durven beweren.

Onlangs is het in Denemarken ook weer eens uitgezocht. Nu is dat een relatief schoon land, maar in het centrum van Kopenhagen wil het toch ook wel eens vies zijn. Het effect wordt ook daar gemeten.
Wie fietst en schoon woont, heeft  0,55* zoveel kans om te sterven aan long- en luchtwegziektes; wie fietst en wie op een adres woont in het hoogste kwart van de NO2 – vervuiling, heeft 0,77 * zoveel kans om te overlijden aan zo’n ziekte. Iets vergelijkbaars geldt in zwakkere vorm voor tuinieren. De onzekerheidsmarges zijn overigens groot.
Het volledige onderzoek is te vinden –> http://ehp.niehs.nih.gov/1408698/

Gedachten bij de overname van Reiling in Sterksel

Een consortium onder leiding van Ruben van Maris van Maris Projects (http://www.maris-projects.nl/) uit Schijndel wil het bedrijfsterrein van Reiling in Sterksel opkopen. Van Maris wil er volgens de krant (het ED van 1 april 2015) tientallen miljoenen investeren met het doel
organische meststoffen, stroom en gas te produceren. Het klinkt als een moderne biovergister met toebehoren. OP de website van Maris Projects is nog geen informatie over het project te vinden.

De eerste reacties in de pers zijn voorzichtig optimistisch, waarbij
eenieder denkt aan wat er bij Reiling aan ellende naar buiten gekomen is in de afgelopen jaren (en er zijn ook wel wat dingetjes niet naar buiten gekomen). Men denkt dat het niet gauw slechter kan. Op zich heb ik dat gevoel ook wel een beetje.
Ik zie echter ook wel haken en ogen, die vooral te maken hebben met de ruimtelijke inpassing van het huidige complex, de ontsluiting en met de juridische structuur binnen het complex.

Pattegrond van de omgeving van Reiling
Pattegrond van de omgeving van Reiling

De ruimtelijke geschiedenis
Het ruitvormige paarse gebied in het midden is het Reiling-terrein. Daarboven ligt Sterksel.
De oude Reiling had in dit Landbouw Ontwikkelings Gebied een daglonersbedrijf. Zo stond het ook op het vroegere bestemmingsplan (BP) Buitengebied Heeze-Leende 2009. Er mocht één bedrijf staan en dat stond er.
Na het faillissement van Reiling heeft de Driessen Group het terrein gekocht. De Driessen Group heeft het terrein vol gezet met categorie 3, 4 en zelfs 5 – inrichtingen die allemaal iets anders doen met afval, en die gemeenschappelijke inrichtingen gebruiken als bijvoorbeeld een weegbrug. Aan deze ontwikkeling is nooit een wijziging van het BP te pas gekomen. Op de plankaart van het BP 2009 en op de kaarten bij de Verordening Ruimte van de provincie zal men op die plaats tevergeefs naar deze bestemming zoeken. In essentie heeft de Driessen Group het terrein gekraakt voor een illegale activiteit. Al die tijd stond de gemeente Heeze-Leende daarbij en keek er naar. Personele verbindingen tussen Driessen en de lokale politiek waren daaraan niet vreemd.

In 2012 en 2014 is het BP veranderd. Bijgevoegde kaart komt uit het BP Buitengebied Heeze-Leende 2014. Omdat de illegale aanwezigheid van de Driessen Group inmiddels de status had van een verworven recht, zit de onderneming er nu op basis van het z.g. ‘overgangsrecht’. Dat betekent dat de onderneming mag doorfunctioneren, maar dat de
strijdigheid met het BP niet groter mag worden. Met andere woorden: de onderneming mag niet uitbreiden. Het is nu de vraag hoe de (nog steeds eventuele, want het is nog niet rond) nieuwe eigenaar met dit probleem wil omgaan. Volgens de krant is er voor de tweede fase een wijziging van de vergunning nodig.

De vrachtauto’s door Sterksel en Maarheeze
De vrees in Sterksel en Maarheeze is dat er straks misschien nog wel meer vrachtauto’s door de dorpskernen komen (er zijn er 1230 per etmaal vergund, waarvan er ca 300 feitelijk plaatsvinden). Deze verkeersstroom vloeit logisch voort uit het ontbreken van een ordentelijke BP-procedure, want daarin is de wijze van ontsluiting een standaard
onderdeel. Gezond ruimtelijk verstand zou nooit op die locatie met die ontsluiting een dergelijke bedrijvigheid gepland hebben.
De (eventuele) nieuwe eigenaar Maris Projects loopt tegen hetzelfde probleem aan.

Men hoopt in Sterksel en Maarheeze dan ook op een rechtstreekse aansluiting op de A2. Als je de krant moet geloven, bestaat daartegen bij Rijkswaterstaat geen bezwaar, maar moet de provincie er acht ton startsubsidie voor neertellen, waarna nog een heleboel meer moet gebeuren. In feite komt het erop neer dat de Driessen Group de kosten, die voortvloeien uit zijn ruimtelijke kraak, afwentelt op de overheid met als argument dat anders de bevolking onder de vrachtauto’s lijdt.
Ik wil volgen hoe zich dit in de toekomst ontwikkelt.

De organisatie binnen het Reiling-terrein
Het heet wel ‘Reiling’, maar in feite gaat het om een half dozijn zelf-
standige bedrijven waarvan ‘Reiling’ er een is. De andere bedrijven zijn voor hun milieuvergunning ondergeschikt aan Reiling (een ‘paraplu-
situatie’). Op zich schijnt dat te kunnen omdat Reiling (lees Driessen) gemeenschappelijke voorzieningen aanbiedt en privaatrechterlijke contracten heeft met de andere bedrijven.
Het is mij niet duidelijk of Driessen juridisch in staat is bedrijven, die niet in de nieuwe opzet passen, weg te krijgen. Ik denk het wel, maar mogelijk vertraagt het. We zullen zien.

Milieuhandhaving
SP-gedeputeerde Johan van den Hout erfde de situatie, die ruimtelijk niet klopt, van zijn voorganger en moest de omgevingsvergunningen
ontwerpen en handhaven voor een situatie die eigenlijk niet had mogen bestaan. Daar had hij zijn handen vol aan. Hij deed er in elk geval meer aan dan zijn voorgangers, maar het bleef dweilen met de kraan open. Camera’s, heimelijk geplaatste GPS-trackers en vluchten met het politievliegtuig waren nodig om bewijs rond te krijgen.

De (eventuele) nieuwe eigenaar beweert dat het een modelonderneming gaat worden. Ik gun hem (zoals eigenlijk iedereen op dit moment) het voordeel van de twijfel.