Veldslag langs het Wilhelminakanaal gewonnen, oorlog nog niet

Vandaag op twee plaatsen zitten vergaderen over de Noord-Oost Corridor (NOC), het plan waarin de provincie een autoweg wil aanleggen dwars door de natuur- en stiltegebieden langs het Wilhelminakanaal en door de Dommelvallei en Helmond-Oost wil opzadelen met een alternatief voor de A2 tussen de woonwijken door.

F4

De Tweede Kamer heeft de plannen van de grootste doordrijver van het plan, gedeputeerde Van Heugten (CDA), voorlopig bemoeilijkt. Dat is het resultaat van een goed opgezette actie, samen met een intelligente lobby binnen de regio en in Den Haag. De Tweede Kamer zei dat andere bestedingen van geld binnen de regio belangrijker waren, zoals de opwaardering van de bestaande A58 en A67 (waar op zijn tijd vrachtwagens op hun kant liggen), en dat er meer geld toe moest naar moderne verkeerstechnieken zoals adaptieve cruise control, botsingspreventie en dergelijke. Dat heeft de Tweede Kamer goed gezien en dat was, zoals gezegd, niet helemaal toevallig.

Weinig mensen echter denken dat met deze slag ook de oorlog gewonnen is. Van Heugten heeft een “doorstart-dossier” gemaakt waarin alles al netjes doorgerekend is. Als er straks na de verkiezingen een asfaltvriendelijke meerderheid komt (wat zo maar zou kunnen), kan het feest van vooraf aan beginnen. Weet dus waarop je stemt!

Het PLatform NOC gebruikt de adempauze om zich bij te scholen op drie gebieden, en om op die gebieden voorstellen te ontwikkelen voor de komende vier jaar. De gebieden zijn een “schaalsprong fiets”, “concrete knelpunten” (denk bijv. aan de route Boxmeer-Gemert-Laarbeek-Nuenen en hoe het bij Helmond met de N279 moet), en “Smart Mobility” (wat beter gelezen kan worden als moderne verkeerspolitiek, waarvan geavanceerde techniek een bestanddeel is). Ik zit in deze laatste werkgroep.
Daarnaast bespreekt het voltallige platform af en toe de ontwikkelingen. Zodoende zat ik ‘s middags voor de werkgroep SmMob in Aarle-Rixtel (een mens fietst wat af) en ‘s avonds voor het Platform vlak bij huis bij een medelid van Milieudefensie thuis.

Het is voorbarig om hier in te gaan op alles wat besproken is, en bovendien heeft het Platform NOC zijn eigen website waar men alles uit de eerste hand kan lezen.
Mijn opvatting over Smart Mobility is dat de doelen heten ‘Minder auto’s op de weg”, “betere spreiding in ruimte en tijd”, “betere auto’s op de weg” en “ongevals-preventie”. Geavanceerde techniek is daarbij een belangrijk middel, maar geavanceerde organisatie is zeker zo belangrijk. In een regio met bedrijven die kastjes verkopen voor het eerste, wordt het tweede wel eens ondergewaardeerd. Een maatregel waarop Milieudefensie Eindhoven al vaker aangedrongen heeft, namelijk een goed systeem van bevoorrading met goederen van de binnensteden van Eindhoven en Helmond, is eerder een organisatorisch dan een technisch verhaal. Overigens kiezen op dit moment verschillende grote steden in Nederland voor een dergelijk “stedelijk distributiesysteem”, mede vanwege de dreigende overschrijdingen van de luchtkwaliteit.

Terwijl we zaten te vergaderen, stuurde de minister een brief aan de Tweede Kamer met haar antwoord op de motie. Het antwoord is een beetje enerzijds-anderzijds. Op http://www.stuitderuit.nl/  is het allemaal na te lezen.

Kun je zwavelvrije kerosine kopen?

Op dit artikel is een vervolg geproduceerd, dat op deze site te vinden is op Kun je zwavelvrije kerosine kopen ? (vervolg)

TNO heeft onderzocht of je in het Amsterdamse Bos het ultrafijn stof kon meten dat straalmotoren op Schiphol uitblazen. Dat blijkt goed te kunnen en dat veroorzaakte een hoop opschudding.
De stofdeeltjes blijken voor een groot deel uit zwavelzuur te bestaan. Die stof ontstaat omdat kerosine tussen de 400 en 800 ppm (0,04-0,08gewichts%) zwavel bevat. De logische vraag is of er ook kerosine bestaat zonder zwavel en of je die in significante hoeveelheden kunt kopen. Het antwoord is:
– maak onderscheid tussen kerosine uit aardolie en synthetische kerosine (die soms duurzaam is)
– kerosine uit aardolie bevat altijd zwavel. Dat mag zelfs oplopen tot 3000 ppm.
– dat is volkomen overbodig. Kerosine is praktisch hetzelfde als diesel en diesel kan met de DHS-bewerking teruggebracht worden tot 10 ppm zwavel, want dat moet ook voor auto’s. Het zou ca een halve cent per liter meer kosten (een liter kost ongeveer 50 cent). Het vliegtuig vliegt zonder zwavel even goed.
– Synthetische kerosine is vaak zwavelvrij. Soms kun je deze kerosine duurzaam  noemen. Synthetische kerosine kan uit biomassa komen, maar ook uit heel andere bronnen. Als het uit biomassa komt, kan het wel of niet duurzaam zijn. Om dit soort vragen te beantwoorden moet je je verdiepen in het productieproces.
Er is op aarde zeer veel meer kerosine uit aardolie als synthetische. Je kunt zwavelvrije kerosine kopen, maar niet in hoeveelheden die zoden aan de dijk zetten. Vooralsnog gaat het bij toepassingen meer om pilots en symbolische handelingen. Die kunnen echter waardevol zijn, mits goed overdacht.

De ontzwaveling van kerosine zou jaarlijks vele duizenden mensen een vroegtijdige dood besparen.

Voor de volledige tekst, die ik hierover voor Milieudefensie en de BMF gemaakt heb, lees meer Continue reading Kun je zwavelvrije kerosine kopen?

Ultrafijn stof rond het vliegveld

Op 12 december 2014 publiceerde het tijdschrift Lucht een onderzoek van TNO, becommentarieerd door IRAS (Institute for Risk Assessment Sciences) van de Universiteit van Utrecht over meting van ultrafijn stof in het Amsterdamse Bos, veroorzaakt door straalvliegtuigen op Schiphol. Dat kon je concluderen omdat de concentraties overdag, als de wind van Schiphol naar de meetpost toestond, drie keer zo hoog waren als wanneer de wind anders stond. Dat leidt ertoe dat 66000 Amsterdamse adressen de hele tijd of een deel van de tijd aan twee tot drie keer zo hoge concentraties blootgesteld zijn. Dat leidt tot extra sterfte, maar hoeveel precies is zeer onzeker. De hoofdschuldige aan het ultrafijn stof is de zwavel in de kerosine. Na verbranding reageert die uiteindelijk met water tot microscopische druppeltjes zwavelzuur, gemengd met koolstofdeeltjes en organische verbindingen.

De belangrijkste onderzoeksresultaten rond Schiphol
De belangrijkste onderzoeksresultaten rond Schiphol

Na lezing van het artikel in lucht heb ik een opinieartikel geschreven voor het Eindhovens Dagblad, dat op 18 dec 2012 geplaatst is. Het is onder “lees meer” te vinden. Er wordt in gesteld dat het verschijnsel ook voor Eindhoven relevant is, dat er onderzoek gedaan moet worden in Noord-Eindhoven en dat er met het AiREAS-systeem daartoe al een infrastructuur bestaat in Eindhoven. TNO werkt daar aan mee.
Bovendien heb ik gesteld dat het probleem, hoe dan ook, het grootste is op korte afstand van de bron. Het verhaal heeft dus nadrukkelijk een ARBO-component op en rond het vliegveld.

OP 9 januari 2014 heeft SP-woordvoerster Mobiliteit hierover vragen gesteld aan Gedeputeerde Staten. Op http://noord-brabant.sp.nl/nieuws/2015/01/metingen-luchtkwaliteit-rond-eindhoven-airport-noodzakelijk is het persbericht te lezen, van waaruit doorgelinkt kan worden naar de volledige tekst van de vragen. In de provinciale vragen wordt o.a. gewezen op de korte afstand van bijvoorbeeld Wintelre en Veldhoven-Noord tot het vliegveld, en gepleit voor onderzoek in de plaatsen rond het Eindhovense vliegveld.

Ik hoorde recentelijk in de wandelgangen dat er hierover op ambtelijk niveau gesprekken liepen. Veel meer kan ik er nu niet van zeggen.

Het Schiphol-onderzoek werkte als een soort wake up – call voor sommige milieuorganisaties, die de milieuaspecten van vliegvelden een tijd lang verwaarloosd hadden. Zodoende zat ik, samen met Michiel Visser van de BMF, op 14 januari rond de tafel met o.a. de provinciale milieufederaties in Noord- en Zuid-Holland en met Ivo Stumpe van Milieudefensie, die in deze wereld het meest van luchtkwaliteit weet. Zuid-Holland vanwege Zestienhoven, Noord-Holland vanwege Schiphol en de lopende ontwikkelingen daar.
Er ontwikkelen zich zodoende vormen van contact. Enkele afspraken:
– de “groene 11” (de gezamenlijke provinciale milieufederaties) gaan proberen de kwestie van de luchtverontreiniging rond vliegvelden op de agenda van de Tweede Kamer te krijgen, bijvoorbeeld in het AO Luchtvaart van 1 april a.s.
– het is in elk geval een no regret – maatregel om ontzwaveling van kerosine te eisen en/of om te bevorderen dat in Nederland alleen zwavelvrije kerosine verkocht wordt. Mij is gevraagd daar onderzoekwerk aan te doen. Het resultaat staat in latere artikelen op deze weblog beschreven.
De Tweede Kamer heeft zich vlak voor het kerstreces ook al in deze richting uitgesproken.

Op 19 januari heeft staatssecretaris Mansvelt de Tweede Kamer een brief gestuurd, waarin gewezen werd op de geluiden rond Schiphol en Eindhoven. Ze zegt extra onderzoek toe, uit te voeren door het RIVM, en spreekt verder sussende en begripvolle taal.

Continue reading Ultrafijn stof rond het vliegveld

Bezoek aan mestverwerker in Lithoijen

OP 16 januari 2015 bezochten Bernard Gerard en Veerle Sleegers van de SP-fractie een opstelling om mest te verwerken. Het gaat om een installatie van AquaPurga Nederland BV uit Den Bosch, die op het terrein staat van Loonbedrijf Gebroeders van den Brand BV in Lithoijen/Teeffelen.

De installatie is van het type scheiden en indikken. Na toevoeging van wat hulpstoffen, na de zeefband en na een uur pasteuriseren resulteert aan de ene kant iets dat op een berg zaagsel lijkt, en waarin een groot deel van de fosfor zit. Deze vaste stof kan worden geëxporteerd.
Aan de andere kant wordt de dunne fractie verder gefilterd, uiteindelijk met ultrafilters en omgekeerde osmose totdat er enerzijds zuiver water uitkomt (dat probleemloos geloosd kan worden) en anderzijds een concentraat. Daarin bevindt zich op ongeveer 1/3 tot ¼ deel van de oorspronkelijke hoeveelheid mestwater het nitraat en kalium. Als extra stap heeft de installatie een stap, waarin stikstof in de ammoniumvorm door bacterieën geoxideerd wordt tot nitraat (wat overigens anders van nature in de bodem zou gebeuren). Deze omzetting komt het scheidingsrendement ten goede. Het concentraat wordt niet-gepasteuriseerd en wordt in de omgeving afgezet, voorzover mogelijk.

AquaPurga_schema

De installatie kan 25000 ton per jaar aan. Dat is grofweg de mest van 17000 varkens, horend bij pakweg een handvol tot een dozijn boeren. De installatie past (exclusief de mestopslag) in drie grote containers en is op locatie plaatsbaar, als de boeren het tenminste eens kunnen worden.
Aan- en afvoer samen vergen, mits efficiënt georganiseeerd, 5 a 6 grote vrachtauto’s per dag.

De installatie stinkt nauwelijks (althans, ten tijde van het werkbezoek). Je ruikt pas wat op een paar meter van de bakken.

Anders dan een vergister kost deze installatie energie, grofweg 100.000kWh per jaar, dat is ongeveer 30 gemiddelde huishoudens.

De installatie lost het mestprobleem slechts in zeer beperkte mate op. De bottleneck in het toedienen van mest aan de Brabantse bodem wordt gevormd door de maximale hoeveelheden stikstof en fosfor, die mogen worden uitgereden. De bodem is al ruimschoots oververzadigd met die stoffen. Het AquaPurga – systeem verandert niets aan de hoeveelheid stikstof en fosfor, maar maakt het fosfordeel (de dikke fractie die ca 1/6 van de mest beslaat) vanuit Brabant beter exporteerbaar. Deze export is het enige dat mest uit het Brabantse systeem haalt.

AquaPurga is een bedrijf in opbouw. Wat er nu staat zien zij als een eerste fase. Ze hopen daarna het procedé uit te bouwen met een vergister- of verwerkertrap.

Bernard Gerard

Lezing over luchtkwaliteit bij IVN Best

Ik heb op 15 januari 2015 een lezing gehouden voor het IVN in Best over luchtkwaliteit. Het bleek een fors werkstuk, maar het viel goed. Het was niet heel druk: er waren buiten Wen en mij 10 mensen.

Er vond nog een discussie over open haarden plaats. De mevrouw vond dat daartegen moest worden opgetreden en ze heeft geen ongelijk, alleen is het moeilijk af te dwingen.
Verder nog gepraat met een man die jaren bij een bekend brandbeveiligings-bedrijf gewerkt had waar het asbest onverpakt in forse hoeveelheden in het magazijn lag. Verschillende collega’s (isoleerders) waren aan asbest overleden. Hij had het zelf nog niet (hoewel 75), mede omdat hij op kantoor werkte, maar bij moest ook regelmatig in het magazijn zijn en de isoleerders kwamen ook in stuifkleren op het kantoor.
Hij werd elk jaar gecontroleerd op kanker.

De presentatie kan bij mij besteld worden.

Wat plaatjes:
concentratieopbouw_stedelijk

 

Viewer_NSL_NO2_Best_NEhv_2014-rr

 

Spuiwater van chemische luchtwassers

Dit wordt een ingewikkeld verhaal!

In Deurne ging (dec. 2012) een kind op een waterspeeltoestel onderuit  omdat er in het grondwater, dat van 20 m diepte omhoog gepompt werd, zwavel-waterstofgas zat (H2S). Daarna ook een ambtenaar van het Waterschap. H2S is behoorlijk giftig en is in gesloten ruimtes al een paar keer dodelijk gebleken.
De gebeurtenissen bleken  niet noodlottig, maar veroorzaakten veel opschudding in Deurne, zo ongeveer het epicentrum van de veeteeelt. Temeer daar er al vaker H2S omhoog gekomen was. Er kwam wetenschappelijk onderzoek, kamervragen van de SP, provincievragen en politieke strijd omdat bevestigd werd dat het H2S-gas een bijverschijnsel van de mestproblematiek was.

Er zitten echter meer kanten aan dit verhaal. De bacteriën op 20 m diepte hebben sulfaat nodig en er ontstaat alleen gas als het grondwater zuur genoeg is. Waar komen die factoren vandaan? De wetenschappelijke studie zegt dat die er al waren. Zwaveldepositie uit mest en zure regen van vroeger hebben een voorraad pyriet opgebouwd in de diepte en die gaat nu, simpel gezegd, weer in oplossing.
Die opbouw vindt nu niet meer plaats, zegt de orthodoxie, want de regen is veel minder zuur. Wat op zich waar is.

Maar er is intussen een tweede ontwikkeling bijgekomen, die ook met de intensieve veehouderij te maken heeft, namelijk de luchtwassers. Varkens in de stal produceren grote hoeveelheden ammoniak en de walm tast de Natura2000 – gebieden aan, die Europese bescherming genieten, zoals bijvoorbeeld De Peel. Die ammoniak moet worden afgevangen en een van de twee technieken daarvoor is de chemische luchtwasser. Je perst de ammoniakhoudende lucht door water, waarin opgelost een overmaat aan zwavelzuur, en die bindt de ammoniak (waarbij flink wat zwavelzuur overblijft). Het resultaat  (een aangezuurde ammoniumsulfaatoplossing) mag als meststof op het land worden uitgereden.
Ga je hier nu wat aan rekenen, dan blijkt dat als een boer doet wat mag en als normaal geldt, er minstens twee tot drie keer zoveel zwavel op het land gebracht wordt als het gewas aan kan. De rest gaat diepte in en zal  over bijvoorbeeld 10 a 15 jaar op 20 m diepte precies brengen wat nodig is voor de vorming van zwavelwaterstof. Nu is dat nog niet zo, want water zakt maar een meter per jaar en luchtwassers bestaan nog geen 20 jaar. De orthodoxe waarheid is onvolledig.
Als deze theorie waar is, organiseren we op die percelen waarop chemisch spuiwater wordt uitgereden, in de toekomst ons eigen sulfaatoverschot.

Ik heb hierover vragen opgesteld voor de PS-fractie van de SP. Deze zijn ingediend door Nico Heijmans en Francy van Iersel. De tekst van het persbericht is te vinden op http://noord-brabant.sp.nl/nieuws/2015/01/verziekt-het-spuiwater-van-chemische-luchtwassers-de-bodem .

 

 

 

In gesprek over het BZOB-terrein in Helmond

De SP (en naar ik aanneem ook de andere partijen in PS) kregen een brief van de Wijkraad Brouwhuis in Helmond over de stank van het BZOB-terrein. Er sprak diep ongenoegen uit en mogelijk ook een beetje paniek.

Fractievoorzitter Nico Heijmans en ik zijn op 27 december 2014 gaan praten met twee vertegenwoordigers. Dat gaf al wat meer duidelijkheid.

De afspraak is dat beide partijen informatie zouden gaan opzoeken en uitwisselen en dat de SP contact zou zoeken met iemand die er echt wat van af weet. Geur-problematiek (met bijbehorende berekeningen) zijn voor mij onbekend terrein. Het is dus niet bij voorbaat in te schatten of de milieuvergunning verder aan te scherpen is.
Mogelijk is de destructor in Son een hoopgevend voorbeeld. Jaren geleden zette die Noord-Eindhoven uren of dagen onder een deken van lijkenlucht (ze vernietigen daar alle dode landbouwdieren en slachtafval uit een wijde omgeving), maar sinds de bedrijfsvoering en de filters grondig onder handen genomen zijn, is de ellende zeer veel minder. Ik ruik hem niet meer, mijn vrouw zegt dat ze hem nog heel af en toe zwak ruikt. Als dat daar gelukt is, moet het op veel andere plaatsen ook een heel stuk te verbeteren zijn.

Ik heb inmiddels al wat zitten grasduinen in vergunningen, maar een definitief oordeel zal nog wel even duren.

 

 

 

De destructor in Son (tegenwoordig Rendac)

 

 

 

SP-Statenfractie stelt vragen aan GS i.v.m. TAG bij Jansen Recycling

De wijk Achtse Barrier ligt in het uiterste Noorden van Eindhoven. In dat gebied is er veel invloed van de A58 en van de aanvliegroute van het vliegveld, vandaar hun interesse in lucht- en geluidzaken.
Een ander heet hangijzer ligt 700m verderop. Dat is de berg Teerhoudend Asfalt Granulaat (TAG) op het terrein van Jansen Recycling, Jansen zamelt al zeven jaar TAG in. TAG bevat forse hoeveelheden PAK’s, Daarom is teerhoudend asfalt al jaren verboden, maar het komt nog vrij bij wegrenovaties.
Het TAG moet gereinigd worden (in praktijk verbrand) en op zich is daar niets op tegen als het goed gebeurt, maar het gebeurt tot nu toe helemaal niet. Er is zelfs nog geen vergunning aangevraagd voor de machine die dat moet gaan doen. Ondertussen zamelt Jansen verder in en incasseert €30 per ton. Er ligt nu een berg van 500.000 ton, slechts door wat bomen gescheiden van Aquabest.
Als dit fout loopt gaat of de provincie fors de mist in, of de berg blijft er per omnia saecula liggen en gaat vroeg of laat stuiven. Het is een merkwaardige situatie.
Een ander probleem is dat Nederland en de EU een andere definitie hebben van wanneer TAG chemisch afval is, waardoor in principe export van een deel van het TAG mogelijk is. Dat is in strijd met de bedoeling van het Rijksbeleid.

Ik heb voor SP-woordvoerder Willemieke Arts vragen opgesteld. De volledige tekst is te vinden op http://noord-brabant.sp.nl/nieuws/2015/01/sp-stelt-vragen-over-jansen-recycling-tav-tag .
Om het persbericht te lezen over deze vragen, Continue reading SP-Statenfractie stelt vragen aan GS i.v.m. TAG bij Jansen Recycling

Bodemverontreiniging terrein Tilburgse tapijtfabriek

Francy van Iersel, SP-Statenlid, vroeg mij eind 2014 of ik mijn mening kon geven over de bodemvervuiling op het terrein van de Tilburgse tapijtfabriek. Dit op basis van enkele opgestuurde rapporten door onderzoeksbureau’s na monstername.

Ik heb dat zo goed mogelijk gedaan, hoewel ik het terrein niet zelf ken en slechts kon afgaan op de aangeleverde documenten (die ook nog incompleet bleken). Er zit dus het nodige voorbehoud in mijn antwoord.
Desalniettemin blijkt dat een deel van het terrein opgescheept zit met een ernstige verontreiniging met gechloreerde kooolwaterstoffen als bijvoorbeeld tri en per. De omvang en aard van de vervuiling maken hem ‘spoedeisend’, maar vervolgens is in de meest recente wettelijke bepalingen zo’n ruime interpretatie gegeven aan ‘spoedeisend’ (het komt er tegenwoordig  in praktijk dat het pas urgent is als er mensen ziek van dreigen te worden), dat het spul er vooralsnog gewoon blijft liggen.

Zie –> Een indruk van de bodemvervuiling op het terrein van de Tilburgse tapijtfabriek hier mijn reactie.

Zie voor de nu geldende wetgeving de Circulaire Bodemsanering op https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2013-16675.html

Extreem weer, straalstroom en klimaat

In mijn lijfblad The Scientific American schreef Jeff Masters in december 2014 onder de titel “The jet stream is getting weird” hoe, onder invloed van de klimaatverandering, de straalstroom verandert. De (polaire) straalstroom is een soort rivier van lucht die ergens tussen de 50 en 60 graad NB op  ca10 km hoogte slingerend rond de aarde draaide van West naar Oost. “Draaide” in de verleden tijd, daarover gaat het artikel.
(De afbeeldingen komen van de site https://klimaatverandering.wordpress.com)

jul3_jet 3 juli 2014

De straalstroom beïnvloedt het weer aan de grond. Waar bij tegen de klok indraait ontstaat een groot lagedruk gebied, waar hij met de klok meedraait een hogedrukgebied. Vooral als de straalstroom in zijn eigen staart bijt (in natuur-kundige termen, als er een staande golf ontstaat), kunnen deze grootschalige weerpatronen een hardnekkig leven leiden.
De straalstroom wordt gevoed door het temperatuurverschil tussen de gematigde en de polaire breedtes. Hoe groter dat verschil, hoe harder de straalstroom waait en hoe minder hij slingert. Het artikel van Masters geeft een voorbeeld-illustratie (hier niet weergegeven) dat de gematigde breedtes tussen 1979 en 2012 1 graad C warmer zijn geworden, en de poolgebieden 3 graad C warmer. Het onderlinge verschil is dus 2 graad kleiner geworden.

Het resultaat is dat de straalstroom langzamer stroomt en veel verder heen en weer meandert. Ik stel me dat voor als een gewone rivier: waar het steil is meandert hij niet, op het vlakke laagland wel.
Die wijdere meanders brengen laten de koude lucht veel verder naar het Zuiden doordringen, en de warme lucht veel verder naar het Noorden, met bijpassende windpatronen. Dit is bijvoorbeeld hoe de straalstroom liep ten tijde van de Russische hittegolf van 2010:monsoon_weather_guide_464_s2

Masters brengt het systeem in verband met de droogte in Californië, heel veel neerslag in Engeland en Wales, in mei 2014 eenderde van Bosnie overstroomd, en in 2012 de grootste droogte in de VS sinds de jaren ’30. De regen die in 2010 niet op Rusland viel, viel wel op Pakistan en leidde daar tot catastrofale overstromingen. In essentie zegt Masters dat wat vroeger een uitzondering was, nu eerder regel wordt. In dit verband valt het woord “tipping point”. Het is een heel erg griezelig idee.
Niet iedereen is het in alle opzichten met Masters eens, maar de hoofdmoot van de geleerden wel, op zijn minst een heel eind.

(De straalstroom vanuit de satelliet ten Oosten van Canada)

Tijdens het World Economic Forum in Davos is het Global Risks Report 2015 uitgebracht. OP de horizontale as de waarschijnlijkheid dat iets gebeurt, op de vertikale as de impact van dat gebeuren.
De samenstellers van het rapport zien extreem weer als het een-na waarschijnlijkste risico, na “conflicten tussen staten”.

The global risks landscape 2015