Eindhovens vliegveld zit ASML in de weg

Van nationaal belang
Even de context voor mensen van buiten Eindhoven.
ASML is als fabrikant van chipmachines een wereldspeler, een van de weinige grote namen die Nederland, zelfs Europa, op elektronicagebied heeft. Het wordt dan ook als een zaak van nationaal economisch belang gezien dat het bedrijf zich in Nederland senang blijft voelen en toen de onderneming begon te lobbyen dat het fors wilde uitbreiden, liefst met een tweede grote vestiging in de regio Eindhoven, sprong men in de regio en in Den Haag nog net niet in de houding. Resultaat was de operatie-Beethoven, een schaalsprong in de regio die herinneringen oproept aan die van Philips in een grijs verleden.

Voor de duidelijkheid: ik heb iets tegen het kapitalisme, niet speciaal iets tegen ASML. Er zijn ergere bedrijven.

Eindhoven heeft een groot gebied aan de westrand van de stad, de Brainport Innovatie Campus (BIC), die sinds 2015 stapsgewijs ontwikkeld wordt (via fase -1 die af is, -2 waarvan het papierwerk af is, en -Noord waar de nieuwe ASML-campus moet komen.

Het BIC en het vliegveld
Nu wil het geval dat iets verderop het vliegveld ligt. Het verlengde van de startbaan loopt schuin over BIC-2 en BIC-Noord.
Bij het vliegveld hoort een fysieke veiligheidscontour (in technische termen de PR 10^-6 – contour). Daarbinnen mag je geen woningen, ziekenhuizen en kinderdagverblijven bouwen. Nu is niemand dat in dit gebied van plan, maar er is ook een bepaling dat er binnen de contour maar 100 mensen per hectare mogen verblijven en de voorgenomen personendichtheid bij ASML is daarvan een veelvoud. Met andere woorden: binnen de contour mag geen fabriek komen.
In bovenstaande afbeelding betreft dat de overlap tussen de gestreepte ‘speer’ en het paarse bouwvlak. Daar heeft men in arren moede nu maar een parkeerplaats geprojecteerd, maar dat is dus eigenlijk zonde van de grond (het had ook een parkeerkelder kunnen zijn).

De zaak kwam politiek aan het rollen omdat enkele inwoners van het nabijgelegen Oirschot  in de raadscommissie inspraken met dat het toch eigenlijk een schande was dat onze nationale trots veroordeeld werd tot zo’n miserabele locatie. De campus mocht niet op die plaats doorgaan, maar moest naar een verhevener locatie in onze regio. De slaagkans van dit pleidooi is nul, maar het  leidde tot een groot artikel in de lokale krant en dat leidde weer tot een standpunt van mij, in de vorm van een gastopiniel namens het Beraad Vlieghinder Moet Minder (BVM2).
Kort gezegd: het is de omgekeerde wereld dat de omgeving zich aan het vliegveld moest aanpassen – het vliegveld moet zich maar aan de omgeving aanpassen door te krimpen.

De ruimtelijke claim
Het vliegveld heeft relatief weinig nut voor de regio, maar blokkeert onevenredig veel ruimte voor andere bestemmingen.
Het geluid heeft een blokkerende werking op de woningbouwproductie (er is een regionale afspraak dat er niet gebouwd wordt binnen de 20Ke-zone, ca 100km2 ).
Nu blijkt dat de PR 10^-6 – contour dus ook tot ruimtelijke blokkering kan leiden. In dit geval op het BIC, maar een eind verderop ligt de zone bijvoorbeeld pal naast het grote recreatie- en evenemententerrein Aquabest.

Als het Van Geel-advies uitgevoerd zou worden (wat  nog moet blijken), kan de geluidszone inkrimpen. Als de vliegtuigen inderdaad stiller worden, kan dat op termijn tot meer vliegbewegingen leiden – een discussie die in de regio nog uitgevochten moet worden. Maar hoe dan ook betekent het dat de PR 10^-6 – contour dan verder zal groeien. En Defensie, van wie het vliegveld is, gaat zelf ook meer vliegen.

Kortom, alle reden voor de regionale politiek om aan dit verwaarloosde onderwerp meer aandacht te besteden.

Wie een en ander uitgebreider wil nalezen, kan terecht op https://bvm2.nl/vliegveld-belemmert-ontwikkeling-asml-campus/ . Daar is ook mijn ingezonden brief te downloaden.


Een groter deel van de contour, van welke de vorige afbeelding een uitvergroting is. De gele lijn is de goede.
De stip heb ik er zelf ingezet en verwijst naar een vestiging van Linde Gas.