Realisme over “zelfrijdende” auto’s

Beweringen over  “zelfrijdende auto’s” varieren nogal in hun realisme.
Enerzijds worden vaak nieuwe, maar al wel bestaande technieken beschreven als adaptive cruise control (indien in wisselwerking met hardware langs de weg coöperatief). Anderzijds worden grootse vergezichten ontplooid op volledig zelfstandig rondcrossende auto’s. De waarheid zit ergens in het midden en de commercie zit niet altijd in de buurt van de waarheid.

De Scientific American van juni 2016 toont een plaatje, dat ontwikkeld is door SAE International (zie www.sae.org/misc/pdfs/automated_driving.pdf ) . Het is overgenomen in een artikel van Steven E. Shladover van het Institute of Transportation Studies van de Univeriteit van Californie, Berkeley.

De "ladder of automatation"
De “ladder of automatation”

Deze ‘ladder of automation’ geeft een instructief inzicht in de stapsge-
wijze opbouw om ooit tot een werkelijk zelfrijdende auto te komen.

In de eerste drie kolommen houdt de mens de omgeving in de gaten, in de laatste drie kolommen doet het systeem dat.
Kolom 0 is de ouderwetse situatie (geen automatisering) die als referentie dient.
In kolom 1 functioneren de technieken die in nieuw-verkochte auto’s inmiddels gemeengoed zijn: adaptieve cruise control (de auto houdt op de snelweg de afstand constant tot de auto’s voor en achter hem, en aan de zijkant hoe de daar de afbakening is. De meest geavanceerde auto’s halen kolom 2. Dat is kolom 1 plus het vermogen om in bepaalde standaardsituaties rijtaken aan de auto over te laten.

Kolom 3 gaat waarschijnlijk overgeslagen worden. Een menselijke rijder als backup voor de computer voor als er iets fout gaat blijkt een recept voor rampen. Shladover verwacht dat het niet mogelijk is om mensen scherp te houden als er dag in, dag uit niets gebeurt.

Kolom 4 is een ander verhaal. Daarin kan de auto alle rijtaken aan, maar alleen in strikt gedefinieerde omstandigheden. Shladover verwacht dat deze auto’s binnen 10 jaar op de markt komen. Ze kunnen bijvoorbeeld zichzelf parkeren in een daartoe ingerichte garage, of zelfstandig op een aangepaste snelweg rijden.
Ik heb er zelf wel eens over gespeculeerd voor de uitgestrekte industrieterreinen in Veghel, om de huidige verkeersinfarcten in de spits op te vangen (dus een park and ride op een zinvolle plek, en van daaraf met iets min of meer zelfstandigs).

Shladover verwacht dat er werkelijk zelfrijdende auto (die dus in kolom 5 zou staan) er pas rond 2075 is.

 

Het is overigens bepaald geen simpele taak om dit soort software te schrijven. Mensen zijn over het algemeen erg goed in autorijden en beslissingen moeten in fracties van seconden genomen worden. Dat lukt computers nog niet erg betrouwbaar. Mensen in de VS ‘scoorden’ in 2011 één dodelijk ongeval per 3,3 niljoen uur rijden.
Een automatische piloot in een vliegtuig is veel simpeler, omdat die meestal enkele tientallen seconden de tijd heeft om te reageren.

Kijk eventueel ook maar eens op http://www.scientificamerican.com/article/the-road-to-self-driving-cars/  of op Maatschappelijke effecten zelfrijdende auto’s .

 

Leave a Reply

Your email address will not be published.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.