Meeste Amerikanen geloven in door de mens veroorzaakte klimaatverandering

Anders dan de schijn, die door hun pas gekozen president gewekt wordt, gelooft het gros van de Amerikanen dat het klimaat verandert, dat de mens daarvoor verantwoordelijk is, dat geleerden in deze vertrouwd kunnen worden en dat er onderzoek moet worden gedaan naar duurzame energie. Dat blijkt uit de “Yale Climate Opinion Maps – U.S. 2016”, waarover de Scientific American online op 2 maart 2017 schrijft (zie www.scientificamerican.com/article/maps-show-where-americans-care-about-climate-change/ ). Het is zelfs per county uitgezocht.

Yale Opinion Map over opvatting van Amerikanen over klimaatverandering (2016)

De kaart op countyniveau en de hieronder genoemde gegevens zijn te vinden op http://climatecommunication.yale.edu/visualizations-data/ycom-us-2016/  (als je 2016 wilt hebben) en  YaleClimateChange/MapPage/ (als je 2015 wilt hebben). De kaart is interactief als men hem op deze oorspronkelijke website opzoekt.

 

De uitslag van de presidentsverkiezingen op county-niveau

Zet er overigens ter meerdere informatie dit kaartje eens onder (rood is Trump, blauw is Clinton). De patronen lijken op elkaar. Het kaartje komt uit een ander artikel op deze site(onder aan deze pagina de link).

Hieronder het grootste deel van de vraagstelling, met bijbehorende percentages. Bovenstaande kaart hoort bij de eerste vraag.

Er zitten interessante zaken in, maar deze interpretatie is van mij (Yale neemt daarvoor geen verantwoordelijkheid, dat moet ik er bij zeggen). Dat geeft niks, want uiteraard weet ik het veel beter dan Yale ( (:  ).

Californie is sowieso een relatief progressieve staat, maar heeft ook jaren van extreme droogte achter de rug.
De omgeving van Miami en de Keys, die schade beginnen te voelen van de stijgende zeespiegel, zijn bezorgder dan Florida als geheel.
De Amerikanen denken dat er (vraag 3) veel meer onenigheid tussen geleerden is dan er werkelijk is. De werkelijke verhouding onder geleerden zal eerder 97-3 liggen dan de 49-51, die de Amerikanen vermoeden. Er zijn in de VS een hoop klimaatontkenners uiterst luidruchtig actief – nog sterker, ze zitten zelfs in de regering.
Desalniettemin denken de Amerikanen in ruime meerderheid dat de klimaatwetenschappers te vertrouwen zijn – een intrigerend antwoord.

En: 82% van de Amerikanen vinden dat de overheid onderzoek naar hernieuwbare energie moet steunen.

De keuze voor Trump is dus niet dankzij, maar ondanks zijn opvattingen over klimaat en duurzame energie. De Amerikanen bleken in 2016 zelfs meer overtuigd van het veranderend klimaat dan in 2015.

Als je mijn bespiegling wilt lezen over de verkiezing van Trump, zie Over Trump en hoe het Amerikaanse leger probeert het klimaatverdrag te redden

Nieuw verhaal nodig rond energietransitie en een prijsvraag

Wetenschappers weten heel goed uit te leggen waarom klimaatverandering een probleem is, en de energietransitie nodig. Daarover geen kwaad woord.

Alleen, op zichzelf helpt dat niet. Het wordt tijd voor verhalen waarin creatieve mensen met een missie verhalen gaan bedenken hoe de energietransitie wel kan.

Binnen mijn zeer geringe mogelijkheden probeer ik dat ook, maar dat blijft teveel wetenschap en bijgeloofbestrijding, en teveel industriële veeteelt en achterlopende overheden. Wat ik maak is in elk geval geen kunst. Helaas.

Maarten Hajer, hoogleraar Urban Futures en oud-directeur van het Plan Bureau voor de Leefomgeving (PBL) pakt het grootser aan. In de NRC van 07 jan 2016 stond een groot interview rond twee thema’s (zie www.nrc.nl/nieuws/2017/01/06/er-is-een-nieuw-verhaal-nodig-om-mensen-te-prikkelen ):

  • De toekomst van de Rotterdamse haven als Duitsland straks geen fossiele brandstof meer via Nederland invoer,
  • Een prijsvraag over de postfossiele stad in de toekomst

Hajer in het interview geciteerd:”We zijn in een nieuwe fase van de klimaatpolitiek gekomen. Je hebt een nieuw klimaatverhaal nodig, waarbij iedereen in de samenleving weer perspectief krijgt. Voor zijn bedrijf, voor zijn huishouden, voor zijn benzinestation. Voor die verbeeldingskracht ben je bij de huidige wetenschap aan het verkeerde adres, die doet daar niet aan. De verbeelding is het domein van de kunst, van de creatieven, van de sciencefiction fictionschrijvers.” . De opsomming is niet limitatief bedoeld, eigenlijk mag iedereen.

Het eerste thema, dat van Rotterdam en de Noordzee, heet de Energetic Odyssey. Over enerzijds wegvallende fossiele handel en anderzijds nieuwe activiteiten, die geld en arbeidsplaatsen opleveren. Alle grote jongens doen mee.

– hergebruik van warmte – “De haven bulkt van de warmte, die moet naar de stad toe worden geleid

– De bouw en plaatsing van alle windturbines op zee, waarin het plan voorziet.

2050 – An Energetic Odyssey verbeeldt een systeemsprong die het mogelijk maakt dit gat te dichten door op zeer grote schaal windenergie voor de omringende landen te oogsten op de relatief ondiepe Noordzee.
De website zelf vermeldt overigens niet welk gat precies gedicht wordt. Het simulatiefilmpje doet dat wel, maar dat moet je dan afluisteren.
Dan blijkt dat het Noordzee-plan 90% van de elektriciteitsvraag van de gezamenlijke Noordzeelanden afdekt. Van de totale energiebehoefte (die groter is dan de post elektriciteit) maakt diezelfde hoeveelheid 1/3 deel uit.
Daarnaast worden de landen geacht ongeveer 1/3de deel van hun energieuitgaven te besparen.
Op het eind wordt een link naar een artikel in De Ingenieur aangegeven ( www.elinea.nl/artikel/25-000-windturbines-in-noordzee?t=source&pl=203 ) . Daar gaat het om 90% van de elektriciteitsbehoefte.

Omdat ik in deze kolommen focus op Brabant, ga ik niet meer over dit Noordzee-onderwerp schrijven. Ik weet er te weinig van dan dat mijn geschrijf iets toevoegt. Ik adviseer echter zeker om te gaan kijken op www.hnsland.nl/nl/projects/2050-energetic-odyssey

Ik wil mij voor Brabant focussen op het andere verhaal, de prijsvraag. Zie postfossil.city/  .Dat aanbod geldt overal en voor iedereen, dus ook voor hier. De kernvraag uit het achterliggende manifest:“Hoe wonen, werken en verplaatsen we soms in een stad die niet langer verslaafd is aan olie, gas en kolen?”. Ik hoop dat er ook Brabantse inspiratie is.

In de twintigste eeuw heeft de auto, meer dan welke technologie ook, onze leefomgeving bepaald. Planners en architecten als Cornelis van Eesteren, Robert Moses en Le Corbusier ontwierpen steden die geschikt waren voor autoverkeer, volledig gericht op efficiëntie. Vandaag de dag worden hun plannen grotendeels beschouwd als achterhaalde utopieën, maar tegelijkertijd bepalen ze nog steeds in grote mate hoe we nadenken over stedelijke ontwikkeling. Wat gebeurt er als we (aspecten van) de nieuwe stad in het post-fossiele tijdperk ontwerpen? Is deze stad een utopie, of juist een dystopie?
  • De prijsvraag ligt bij Urban Futures Studies.
  • De termijn is van 11 januari t/m 23 februari
  • De vorm is volledig vrij.
  • De hoofdprijs is €10.000 en er zijn 10 prijzen van €1000

Meegewerkt aan Nationaal Zorgfonds

Ik heb tijdens de Ouderenbeurs, op 20 september, meegeholpen om
steunbetuigingen te verzamelen onder de actie nationaal Zorgfonds, waartoe het initiatief genomen is door de Socialistische Partij (SP).

In actie voor het Nationaal zorgfonds op de Ouderenbeurs 2016
In actie voor het Nationaal zorgfonds op de Ouderenbeurs 2016

Ik heb vijfeneenhalf uur netto staan werken, waarna stijve pootjes. Maar met onze ploeg hadden we er zo’n 600 opgehaald, waarvan ik zo’n 60 . Dat was heel goed.

Het Nationaal Zorgfonds moet een basisverzekering worden voor iedereen (publiek gefinancierd, voor iedereen, landsbreed). Ten opzichte van de huidige situatie, een oligopolie van nog geen handvol grote verzekeraars die ieder voor zich promotieactiviteiten opzetten, moet dat financiele winst bieden. Ook moet er bespaard kunnen worden op de gigantische bureaucratiekosten.
De krant van de actie noemt een besparing van €1500 miljoen aan apparaat- en reclamekosten nok de zorgverzekeraars, 750 miljoen uit de woekerwinsten van de farmaceutische industrie, en 1300 miljoen uit het schrappen van bureaucratie. In ruil daarvoor zou het eigen risico afgeschaft kunnen worden.

Meer gegevens over de actie op https://nationaalzorgfonds.nl/ .

steun-aan-nationaal-zorgfonds

CO2-uitstoot verminderingsplicht omdat de huidige manier niet werkt – gastbijdrage_4

Jos Klomp heeft mij aangeboden zijn visie weer te geven op enkele aspecten van de politieke regulering van CO2 – emissies en energiesubsidies.
Jos Klomp heeft een HBO-opleiding microbiologie  en houdt zich bezig met gas(mengsels) in cylinders voor analytische doeleinden. Hij heeft tevens te maken met de productie van biomethaan en de inzet daarvan om diesel door vloeibare biomethaan te vervangen.
gasworks bv
Hij is directeur van Gasworks BV ( www.gasworks.nl/ ) en woont in Eindhoven.

Klomp heeft andere dan de nu officieel geldende opvattingen over het tegengaan van CO2-emissies en het subsidieren van energieprojecten. Hij heeft gevraagd om zijn mening in deze kolommen te mogen weergeven. Het gaat om een serieus betoog over onderwerpen die voor deze website relevant zijn, en waarin ik mij een heel eind herken.
Desalniettemin blijft het een gastopinie – de meningen zijn die van Klomp.

Dit artikel is de vierde in een serie van vier.

De Vattenfall-kolencentrale in Hamburg
De Vattenfall-kolencentrale in Hamburg

——————————————

Met enige regelmaat worden er ideeën naar voren gebracht die de afhankelijkheid van fossiele energie moet verminderen. In het beste geval worden ze ingebed in de bestaande structuren en komen ze tot uitvoering. Maar vrijwel nooit komen ze tot echte wasdom. De reden waarom duurzame energie productie niet echt groeit is omdat ze als product (energie) één op éen moet concurreren met niet-duurzame energie. Dat is raar want het zijn twee totaal verschillende producten.
Het verschil tussen de twee producten is als volgt:
Fossiele energie is schadelijk voor het milieu, duurzame energie is dat niet.
Fossiele energie komt uit bronnen waarover gevochten wordt, bij duurzame energie is dat niet.
Fossiele energie raakt ooit op, duurzame energie niet.
Fossiele energie zal alleen maar duurder worden, bij duurzame energie is dat niet.
Fossiele energie is een bedreiging voor het voortbestaan van de mens, duurzame energie is dat niet.

Die directe concurrentie zit de duurzame energie in de weg. De verkoopwaarde van duurzame energie is nagenoeg gelijk aan die van fossiele energie. De meeste duurzame energie wordt op een compleet andere manier opgewekt dan de fossiele energie. Bij de productie van energie is in het verleden uitsluitend gekeken naar de kostprijs van opwekking. Fossiele energie is het goedkoopst om op te wekken waardoor duurzame energie automatisch de duurdere keuze is. Toch worden er voldoende miljarden euro’s  de ondernemers in duurzame energieproductie in het vooruitzicht gesteld. Je zou zeggen dat daarmee het risico is afgedekt en er een voordeel voor duurzaam zal ontstaan en daarmee groei in duurzame energie. Nou, niet dus.
Ondernemers snappen of voelen aan dat dit een gekunstelde situatie is waarbij hun onderneming geheel drijft op subsidie. Dat is voor de meeste ondernemers al geen fijn gevoel en al zeker niet iets waar ze voor kunnen “gaan”.
Er knaagt nog meer aan de ondernemingsdrift. Dat is het gevoel dat ze niet echt in een behoefte voorzien. Men weet eigenlijk niet goed wat ze bieden terwijl het hierboven nogal duidelijk tot uitdrukking is gebracht. Er mist iets, product-onderscheiding. Het is raar om een product maken terwijl je de unieke product eigenschappen niet tot waarde mag/kunt brengen.

De politiek kan dit verhelpen. Er moet een politieke beslissing komen die van duurzame energie een vereiste maakt om fossiele energie productie toe te staan. Met andere woorden,  een eenheid fossiele energie mag alleen dan geproduceerd worden wanneer er een productie van duurzame energie tegenover staat die gezamenlijk hun CO2-uitstoot met een verplicht percentage doet afnemen. Producenten van duurzame energie mogen administratief hun prestatie in CO2-uitstoot vermindering aan producenten van fossiele energie overdragen door middel van verkoop van CO2-reductie certificaten. De stok achter de deur is een boeteclausule die voor elke gemiste ton CO2-uitstoot  vermindering een bedrag van €500,- oplegt.

De negatieve effecten van deze maatregel zijn dat:
–  De prijs voor energie drastisch omhoog gaat.
–  Er geen keuze meer zal zijn in groen of grijs.
–  Dat enkel investeren in fossiel geen perspectief meer heeft.

De positieve effecten van de ze maatregel zijn dat:
–  Vrijgevallen miljarden aan subsidies aangewend kunnen worden voor energiekostentoeslagen.
–  Het duurzame deel van de energie altijd een CO2-uitstoot vermindering in zich heeft.
–  Investeren in eigen/coöperatieve/participatieve  duurzame energie productie beter rendeert
–  Met percentage-verhogingen de marktwaarde voor duurzame energie blijvend hoog zal zijn.
–  Op termijn investeren in fossiele energie volledig zinloos is.
–  De innovaties in efficiëntere duurzame energie productie markt gedreven zijn.
–  kwalificaties tot duurzaam verder uitgebouwd kunnen worden.

Dat de prijs voor energie drastisch omhoog zal gaan zal/kan voor de verbruiker gecompenseerd worden door minder belastingheffing omdat miljarden investeringen evenals structurele miljarden exploitatiesubsidies door de overheid achterwege kunnen blijven.
De invloed van de overheid blijft onverminderd hoog daar het CO2-reductie percentage bij wet wordt vastgelegd. De overheid is met de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) nu al toegerust om de controleerde taak uit te voeren. De NEa kan dit samen laten vallen met hun controletaak in het kader van de CO2-emissierechten die gewoon naast dit systeem kan blijven bestaan alhoewel op termijn nog veel minder zal voorstellen dan dat het nu al doet.
Het hele kaartenhuis van groencertificaten waarvan niemand heeft officieel heeft vastgesteld of ze netto een klimaatbijdrage hebben opgeleverd kan geheel geschrapt worden waarmee we verlost zijn van ondoorzichtige certificeringen. De door de NEa te controleren certificeringen zullen zich aan de hand van, door de overheid gestelde, duurzaamheidscriteria kwalificeren waardoor het klimaateffect beter te borgen is.

Nu is duurzame energie productie “gevangen” in hetzelfde denken als dat van de fossiele energie productie, namelijk kostprijs per energie-eenheid. Dat zelfde denken zal grotendeels intact blijven echter aangevuld met een economisch motief om te produceren met de geringste CO2-uitstoot of in een later stadium tegen de hoogste mogelijke duurzaamheidskwalificering. Het wordt daarmee niet alleen maar een kwestie van prijs maar ook van een doelstelling waarmee we het Parijse klimaatakkoord gaan halen.

Daarop aanhakend zullen innovaties een pure markt gedreven activiteit gaan worden. Het is simpelweg in het belang van de bedrijven zelf om een zo laag mogelijke CO2-uitstoot te hebben, ze kunnen er een prijsvoordeel mee bereiken waarmee meer klanten te werven zijn en dus meer winst te maken is.
In de transitie naar dit systeem zullen eerst verliezen genomen moeten worden. In de schatkist treft men de gelden aan die voor de verschillende exploitatiesubsidies bedoeld waren. Men kan iedereen een schadeloosstelling aanbieden waarna de ondernemer met zijn CO2-reductie certificaten vrije toegang heeft tot de markt. Wanneer men toch de exploitatiesubsidie wenst voort te zetten dan zullen die CO2-reductie certificaten aan de staat vallen. Het kan een éenmalige ombuiging betekenen die schatkist weer kan aanwenden voor andere zaken.
Helaas kan zo´n systeem niet volstaan met vriendelijk vragen en is een sanctie noodzakelijk voor het geval men zich aan de plicht wil onttrekken. De hoogte van zo´n sanctie moet het onttrekken aan de verplichting financieel ontmoedigen. Een boetbedrag van € 500,- per gemiste ton CO2-uitstoot vermindering is gebaseerd op 2 maal de opbrengst van één ton CO2-uitstoot vermindering onder normale marktomstandigheden. Voor een normale marktprijs grijpen we terug op de maximale netto-exploitatiesubsidie die nu uitgekeerd wordt, dat is ca. €0,12/kWh voor elektriciteit.
Uitstoot van 1kWh is ca. 0,5kg CO2 voor elektriciteitsproductie. Dus wat we zeggen is dat 1000kg CO2 de uitstoot is van 2.000kWh. Onder normale marktomstandigheden zou dat een opbrengst hebben van 2.000kWh x€0,12/kWh = €240,-. Met € 500,- wordt het onttrekken aan de verminderingsplicht 100% beboet. De hoogte van €500,- dient er ook voor  de markt op die €250,- uit te laten komen zodat ook minder kosteneffectieve productiemethoden perspectief hebben.

Nu komt het steeds vaker voor dat bestaande (uit de subsidie gelopen) installaties afgebroken worden om op basis van locatie en  vergunningen een soortgelijke maar grotere installatie met een nieuwe subsidie terug te plaatsen. Dit zal dan niet meer voorkomen zodat een soortelijke en of grotere installatie naast de bestaande wordt gerealiseerd  in plaats van ter vervanging. De opbouw van het park duurzame energie installaties zal daardoor sneller toenemen.