Milieudefensie in Open Brief aan Kempervennen: maak een warmteplan!

Ik heb op 27 december 2016 namens Milieudefensie Eindhoven een persbericht weggestuurd naar de directies van de skihal Montana Snowcenter en van de Kempervennen, beide in Westerhoven (gemeente Bergeijk), en van het moederbedrijf van de Kempervennen Center Parcs Netherlands BV. De skihal produceert een grote hoeveelheid afvalwarmte (ik schat in ergens rond de 15TJ, genoeg om 400 a 500 huizen mee te verwarmen of een heleboel attracties op het terrein van de Kempervennen).
Er staat een eerder artikel op deze site onder Is Montana Snowcenter duurzaam?  Daarin meer gegevens.
Hieronder in kleur de tekst van het persbericht.
De volledige tekst van de open brief is Open brief aan Montana Snowcentre en aan Center Parcs De Kempervennen over hergebruik van warmte_19 december 2016 te vinden.
———————————————
Milieudefensie Eindhoven plaatst er vraagtekens bij hoe duurzaam het is om hartje zomer te kunnen skiën in Montana Snowcenter, zoals men ook kan twisten over de gepastheid van de locatie Qatar voor het wereldkampioenschap voetbal.

Wat men daar echter ook van vindt, het is in elk geval een grote stap vooruit dat het forse stroomverbruik van deze hele grote koelkast voor ruim de helft met zonne-energie gedekt wordt.
Milieudefensie Eindhoven vindt echter die stap niet groot genoeg. Een veelvoud van het stroomverbruik komt vrij als afvalwarmte, en daar wordt nu nauwelijks iets mee gedaan. Dat terwijl de Kempervennen als geheel, waarbinnen Montana Snowcenter een onafhankelijke onderneming is, veel objecten heeft waaraan die afvalwarmte geleverd zou kunnen worden.

Montana Snowcenter op het Kempervennenterrein in Westerhoven (Bergeijk)

Milieudefensie Eindhoven heeft daarom een Open Brief aan de directies van Montana Snowcenter en aan de lokale en Nederlandse directie van de Kempervennen en het moederbedrijf daarvan gestuurd, waarin aangedrongen wordt op een warmteplan voor het hele park Kempervennen. De Open Brief is bijgevoegd.

Update:

Het Eindhovens dagblad heeft de Open Brief op vrijdag 6 januari op mooie wijze afgedrukt!

Een informatieavond over de stadsverwarming in Meerhoven

De voorgeschiedenis
Er bestaat al heel lang groot ongenoegen over de bedragen, die door Ennatuurlijk in rekening gebracht worden voor warmtelevering aan de bewoners van Grasrijk en Zandrijk. Dit zijn de oudste deel-wijken van het grote Eindhovense Vinex-uitbreidingsgebied Meerhoven.
De stadsverwarming is daar nog aangelegd ten tijde van Essent. Na de verkoop en demontage van Essent is de stadsverwarmingstak ergens eind 2013 terecht gekomen bij de onderneming Ennatuurlijk, waarvan pensioenuitvoerder PGGM (80%) en netwerkbeheerder Dalkia de aandeelhouders zijn. Ennatuurlijk treedt dus in de verplichtingen, die Essent ooit aangegaan is. Zie www.ennatuurlijk.nl/meerhoven ).
(In de jongere deel-wijken van Meerhoven Waterrijk en Meerrijk, die rechtstreeks aangelegd zijn door de gemeente Eindhoven tegelijk met de biomassacentrale, bestaat het financiele probleem niet of niet in die mate. Daarover gaat het verdere verhaal niet.)

Schema van de stadsverwarming in Meerhoven

De mening en de organisatie van de bewoners
De bewoners van Grasrijk en Zandrijk vinden dat ze teveel betalen. De belangrijkste grief is dat zij menen ten onrechte €144 per jaar te betalen (30 jaar lang).
Daarnaast vinden ze dat er bij de bouw bezuinigd is op de isolatie-
kwaliteit van hun woningen (het “EPC-probleem”) , vinden ze dat hun ten onrechte een korting op de gasprijs onthouden is en vinden ze het onterecht €85 voor de warmtewisselaar betalen (het apparaat waarlangs de warmte het huis binnenkomt).

Om voor rechtvaardige aansluitcondities te strijden, is eerst (binnen Meerhoven) de Werkgroep Stadsverwarming opgericht. Later heeft die zich omgevormd tot een zelfstandige Stichting, die ook met andere Eindhovense stadsverwarmingswijken contact heeft (bijv. Strijp S). Zie www.stadsverwarming-eindhoven.nl .
De Stichting heeft nu drie proefprocessen lopen. Bij de kantonrechter heeft de Stichting in hoofdzaak verloren en in bijzaken gewonnen. In januari staat het pleidooi van hun advocaat van de Stichting in hoger beroep ingepland. Intussen heeft Ennatuurlijk een schikkingsvoorstel gedaan (waarover hierna meer). De bewoners moeten voor 1 januari 2017 zeggen wat ze daarvan vinden. Daarom heeft de Stichting vier informatieavonden belegd (waarvan één voor expats). Daarop zijn zo’n 1100 mensen geweest. Dat maakt deze actie tot veruit de grootste nu lopende buurtactie van Eindhoven.

Ik heb de laatste avond (die op 12 december) bijgewoond. Het gaat mij niet direct aan, want ik woon niet in Meerhoven, maar wel indirect, omdat ik interesse heb in energiepolitiek in het algemeen en stadsverwarming in het bijzonder. De algemene reputatie van de stadsverwarming
lijdt onder dit soort conflicten en dat schaadt de kansen om via deze techniek zuiniger met energie om te gaan.

Er zaten zo’n 200 mensen in de zaal. De stichting doet zijn werk goed.  De avond was professioneel georganiseerd. Ik kreeg heimwee naar de tijd dat ik zelf nog buurtacties hielp organiseren.
De Warmtewet is een moeilijke wet. Er is onlangs een evaluatie door Ecorys van verschenen, waarover ik op deze site een verhaal geschreven heb (zie https://www.bjmgerard.nl/?p=2562 ). Ook Ecorys ziet misstanden bij stadsverwarmingen. Waaronder misstanden die als twee druppels water lijken op die in Meerhoven.
Er moet dus een behoorlijk ingewikkeld verhaal worden uitgelegd, en dat lukte redelijk. De leiding van de Stichting bestaat uit techneuten waarvan er minstens één onderwijservaring heeft (de voorzitter nodigde mij uit om naar zijn nieuwe warmtepomp te komen op zonne-energie, want hij heeft zich laten afkoppelen. Dat ga ik zeker doen).

Zoals ik het snap
Voordat ik een opinie geef, probeer ik, waar mogelijk, eerst het probleem te snappen. Als ik alle puzzelstukjes op zijn plaats leg, en gebruik maak van de cijfers die in het vonnis van de kantonrechter staan, kom ik voor de (quasi)eenmalige startkosten op het volgende plaatje.

Men moet weten dat de theorie van de Warmtewet berust op het uitgangspunt dat een huishouden op de stadsverwarming geacht wordt evenveel aan warmte kwijt te zijn als een vergelijkbaar huishouden dat in een vergelijkbare woning op gas aangesloten is. Dat heet het NMDA-beginsel (Niet Meer Dan Anders).

Ik ga uit van een bewoner van Zandrijk die rechtstreeks zaken gedaan heeft ten tijde van de bouw, zodat allerlei ingewikkelde tussensituaties niet bestaan, en die in 2002 begonnen is te betalen en in 2032 terugblikt op wat hij all-in over 30 jaar betaald heeft.
Volgens mij heeft die persoon aan startkosten het volgende betaald:
€    445 (de kosten die men anders had moeten betalen voor de aardgasaansluiting)
€  1756 (de ‘rentabiliteitsbijdrage’, zie hierna)
€  2007 (de kosten die men anders had moeten betalen voor het verschil CV-stadsverwarming)
€  2323 (de kosten van de hypotheekconstructie waarmee die €2007 betaald is, zie hierna)
———–
€   6531 met en €4208 zonder hypotheekconstructie.

Het primaire ongenoegen richt zich op de post €2007 + €2323 = €4330.
De post €2007 is niet rechtstreeks aan de bewoners opgelegd, maar via een annuitaire hypotheek over 30 jaar met een rente van 5% en indexering. Ik kom aan de getallen van de kantonrechter als ik de rente en de indexering bij elkaar tel tot 6,0%. Zou kunnen. Wie het controleren wil, op internet staan makkelijke rekenmodellen, bijvoorbeeld www.hypotheeklastencalculator.nl/berekenen/annuiteiten/ .
Die hypotheek is niet openlijk aan de toekomstige afnemer getoond, maar was aanvankelijk verborgen in het vastrecht. Dat werd pas duidelijk toen Essent dat in 2011 per brief vertelde, en daarna expliciet maakte. Vanaf dat moment ontstond de stennis.
De buurt denkt sindsdien dat ze “dubbel betalen”. Ik denk dat dat niet zo is.
De kantonrechter overwoog (maar zette dat niet om in een formele uitspraak) dat het beter ware geweest als mensen meteen al hadden kunnen kiezen om het bedrag van €2007 in een keer zelf te betalen. Mogelijk hadden ze dan een gunstiger financiering kunnen kiezen. Ik denk dat de kantonrechter hierin gelijk heeft en dat hij dat formeel had moeten uitspreken.

Het tweede ongenoegen richt zich op de €1756.
De ‘rentabiliteitsbijdrage’ hangt samen met het EPC-verhaal. Een nieuwbouwhuis moet een wettelijk vastgelegde Energie Prestatie Coefficient (EPC) halen. Dat is een ingewikkeld bouwkundeverhaal, maar sterk versimpeld komt het neer op een soort puntensysteem. Je kunt met verschillende bouwkundige ingrepen punten scoren en daarmee moet je boven een drempel komen. Het aangesloten zijn op een stadsverwarming levert punten op die extra zwaar tellen. Daardoor kan een projectontwikkelaar bezuinigen op andere ingrepen (bijvoorbeeld isolatie). De ontwikkelaar is daardoor per woning goedkoper uit dan wanneer die woning op gas aangesloten was geweest en het verschil heet de ‘rentabiliteitsbijdrage’. Dus de Zandrijkse woning is voor (minstens een deel van) €1756 slechter geïsoleerd als wanneer diezelfde woning aardgas had gehad.
Het bedrag €1756 mag de projectontwikkelaar in zijn zak steken om de stadsverwarming mee te betalen. De bewoners zijn de klos, want zij verspillen meer warmte, terwijl de energiebesparing buiten hun woning gerealiseerd wordt.

Dat had allemaal gemogen, als vervolgens de bewoners korting gehad hadden op hun warmtetarief perGJ (de Stichting meent te weten dat dat tot 30% kan oplopen). Dat is het derde ongenoegen.
Ennatuurlijk beweerde bij de kantonrechter een korting toegepast te hebben van 1998 t/m 2002 – waar Meerhoven dus weinig van meegekregen heeft, want de eerste huizen in Meerhoven zijn pas opgeleverd in 1999.

Het schikkingsvoorstel van Ennatuurlijk komt erop neer dat de hypotheekconstructie over de €2007 in drie jaar tijd wordt afgebouwd tot nul, mits men afziet van alle andere vorderingen. Hierbij wordt de rentabiliteitsbijdrage expliciet genoemd, en het erop gebaseerde vermeende recht op korting niet. Met name de (vermeende) korting zo wel eens een hoger bedrag kunnen zijn dan de bespaarde rest-hypotheek.
De Stichting beperkt zich tot een zo objectief mogelijke voorlichting, maar laat de keuze aan de bewoners. Het belang kan verschillen, afhankelijk van hoe lang men er woont. Wie er pas woont heeft nog geen (al dan niet vermeende) oude rechten en wel voordeel, wie er al lang woont levert misschien oude rechten in.

Het vierde ongenoegen bestaat in enkele bijkomende kosten, zoals de huur van de warmtewisselaar.

Al met al vinden de bewoners dat voor hen het WMDA-beginsel telt (Wel Meer Dan Anders).

Mijn opinie specifiek over Meerhoven
Als  ik mijn hart laat spreken, vind ik dat de bewoners van Meerhoven een punt hebben. Overal waar beleidsvrijheid was, is in hun nadeel gekozen. Het zou best wel eens waar kunnen zijn dat ze inderdaad WMDA betalen. Ik gun het ze dat ze er wat uitslepen.

Als ik mijn hoofd laat spreken, ben ik terughoudender. De Warmtewet is bedoeld om bewoners te beschermen tegen warmtemonopolisten, maar heeft in praktijk lang niet alles afgedekt. Met name bij het aansluiten van nieuwe woningen is veel toegestaan. Nieuwe bewoners worden geacht een sterke onderhandelingspositie te hebben (niet goed? Koop elders maar een huis!), maar dat valt in praktijk tegen. Zeker als je een forse hypotheek in het vastrecht verstopt.
In de evaluatie van de Warmtewet noemt Ecorys ( www.bjmgerard.nl/?p=2562 ) in Nederland gevraagde aansluitbedragen tot €7000.

Ik ben heel benieuwd wat er uit het hoger beroep komt.

Mijn opinie over het politieke vervolg
Het probleem is dat de concrete ellende een sterke kracht wordt tegen een potentieel algemeen voordeel van warmtenetten. Naar mijn mening zijn warmtenetten, mits aan bepaalde voorwaarden voldaan wordt, een onmisbaar onderdeel in een toekomstige duurzame energievoorziening. Ik betreur de afkeer van het beginsel warmtenet, die veroorzaakt wordt door twijfelachtige financiele praktijken er rond om heen.

Ik vind daarom dat de overheid, als onderdeel van zijn lange termijn energiebeleid, geld moet investeren om de financiele en bouwtechnische problematiek van warmtenetten met terugwerkende kracht op te lossen. Ik heb dat voorgesteld in het verkiezingsprogramma van de SP dat binnenkort vastgesteld wordt.
Alle vormen van duurzame energie krijgen exploitatiesubsidie, behalve warmtenetten. Het zou het nodige kosten om ze financieel gezond te maken, maar uiteindelijk gaat het om een incidentele uitgave.
Misschien helpen acties, zoals die in Meerhoven, mee om een betere wettelijke regeling te bereiken.

“Maar ons warmtenet is niet duurzaam!” zeggen tegenstanders “wij draaien helemaal niet op restwarmte”. En op dit moment zou dat nog wel eens waar kunnen zijn ook.
De logica van klassieke stadsverwarmingen is dat het WKK-installaties zijn. Van de toegevoerde brandstof zetten ze bijvoorbeeld 35% om in stroom en bijvoorbeeld 50% in nuttig gebruikte warmte. Stroom brengt het meeste op – tot voor kort, want de elektriciteitsprijs is zover ingezakt dat geen enkele techniek op dit moment in staat is voor de huidige groothandelsprijs elektrische energie op te wekken.

De biomassacentrale in Meerhoven

De biomassacentrale in Meerhoven bijvoorbeeld (zie www.bjmgerard.nl/?p=3256 ) is in 2009 ontworpen om voor €0,88 miljoen per jaar warmte te verkopen, en voor €1,17 miljoen stroom. Ik denk dat men die stroomopbrengst nu bij lange na niet meer haalt. En dat ding heeft dan nog SDE+ – subsidie vanwege de biomassa.
Financiele ratio dicteert om met de gasgestookte productie van stroom te stoppen, maar dat kan niet want vanwege de warmteleveringscontracten moet het ding doordraaien.
Zo wordt inderdaad de bijzaak tot hoofdzaak en kun je erover twisten in hoeverre een zuiver gasgestookte stadsverwarming nog duurzaam is. Je zou nu misschien geen nieuwe gasgestookte centrale meer moeten bouwen, maar wat te doen met de oude?

Het zou een zegen voor de mensheid zijn als de groothandelsprijs voor elektriciteit in Europa omhoog ging naar een reele, maar toch betaalbare prijs, bijvoorbeeld naar 8 of 10 cent/kWh. Wie weet, komt het nog eens zover.

Warmtebronnen voor stadsverwarmingsnetten

 

Methaanconcentraties in de atmosfeer schieten omhoog

Het grootste deel van ons aardgas bestaat uit methaan (CH4 ). Methaan komt vrij als organisch materiaal wegrot in zuurstofloze omstandigheden. Dat kunnen zowel natuurlijke als door de mens gemaakte omstandigheden zijn (antropogene). Voorbeelden: moerassen (moerasgas!), vuilnisbelten, ontdooiende permafrost, de bodem van de Waddenzee (de grootste bron van Nederland), maar ook bij het verbranden van brandstof, de gaswinning, rijstvelden en niet te vergeten de veeteelt.

Methaan is een broeikasgas dat ongeveer 25* zo sterk is als koolstofdioxide (CO2 ) dat meestal genoemd wordt in relatie tot de klimaatverandering. Gelukkig verblijft methaan veel korter in de atmosfeer dan CO2 .

In Environmental Research Letters van 12 dec 2016 worden atmosferische methaanmetingen en modellen om die te verklaren besproken. Zie http://iopscience.iop.org/article/10.1088/1748-9326/11/12/120207 .

Figure 1. Top: projections of atmospheric methane concentrations (left, ppb) and carbon dioxide concentrations (right, ppm) for the four Representative Concentration Pathway (RCP) scenarios and observed globally averaged atmospheric abundance at marine boundary layer sites from the NOAA network (black, Dlugockenky 2016). Tropospheric concentrations from RCP models have been scaled to fit surface observations. Bottom: emissions of methane (left) and carbon dioxide (right) from anthropogenic sources. For methane, four harmonized RCP scenarios are plotted together with the EDGARv4.2FT2012, USEPA and GAINS-ECLIPSE5a inventories. For carbon dioxide, four harmonized RCP scenarios are plotted together with the recent EDGARv4.3FT2014, and CDIAC estimates for fossil and cement-production emissions. RCP concentration data are from Meinshausen et al (2011). Concentrations and emissions from RCP4.5 are above those of RCP6 before 2030.

In de linkerkolom methaan, rechts CO2 , in de bovenste rij de concnetraties (als het ware het gevolg) en in de onderste de emissies (als het ware de oorzaak).
De zwarte lijn met stipjes (waar obs bij staat) geeft de metingen weer.
Van methaanemissies is veel nog onbekend. Daarom staat er links onder geen zwarte lijn.
De RCP-lijnen komen uit het vijfde rapport van het IPCC en geven scenario’s weer die elk leiden tot een bepaalde temperatuurstijging op aarde. Om de stijging onder de 2°C te houden, zou RCP 2.5 gevolgd moeten worden.

Bij methaan is er dus een versnelde groei in  de concentratie, en dat kan niet anders dan een nog sterker groeiende emissie betekenen.
Met het nodige voorbehoud geven geleerden drie redenen op waarom de emissies sinds  2007 versneld toenemen.
1)  de landbouw
2)  gas dat vrijkomt uit fossiele brandstof
3)  er wordt minder biomassa verbrand
De schaliegaswinning lijkt geen grote rol te spelen.

Figure 2. Annual methane emissions (in Tg yr−1 for the 2003–2012 decade) for fourteen continental regions and five emission categories. Estimations are the average of an ensemble of top-down inversion models described in Saunois et al (2016).

Het artikel bespreekt ook middelen om iets te doen aan de emissies.

  1. Zuig methaan in kolenmijnen af en fakkel dat af
  2. Breng alle gaslekkages in kaart en beeindig die, van bron tot klant
  3. Dek alle afvalstorten af en win er stortgas uit
  4. Zet biomassavergisters bij boerderijen
  5. (misschien) pas het dieet van herkauwers aan (maar dat kan elders nadelen hebben)
  6. Verbeter de natte rijstcultuur

Wat er niet in staat, maar wel vaak door anderen gezegd wordt, is minder vee op aarde. Waarschijnlijk hebben de auteurs van het artikel zichzelf de begrenzing opgelegd dat alle overige omstandigheden, anders dan die waar zij veranderingen voorstellen, hetzelfde blijven.

Voor een door mijzelf gemaakt schetsmatig overzicht van methaanbronnen in Nederland zie –> methaanbalans nederland  (gemaakt ten tijde van de schaliegasdiscussie).
Voor het vóór komen van methaan in de Nederlandse bodem zie hieronder:

Methaan concentraties in de Nederlandse ondergrond

Belgische kerncentrales moeten tijdelijk dicht

Over dit onderwerp is al zoveel geschreven in Nederland, dat het weinig meerwaarde heeft als ik dat nog eens dunnetjes over ga doen. Ik beperk mij tot een organisatieschets, een chronologisch overzicht, een aanvullingen over de arbeidsomstandigheden en enkele links naar bronnenmateriaal.

Voor een eerdere publicatie op deze site zie Belgische nucleaire prof tegen heropstart van Doel3 en Tihange2

Gebied waar jodiumtabletten verstrekt worden aan mensen onder de 40 jaar, na een ernstig incident met een kerncentrale

Bedrijfsstructuur van het beheer van en de controle over de centrales:

ENGIE ( http://www.engie.com/en/ . Franse multinational, voorheen GDF/SUEZ. CEO is Isabelle Kocher .

Electrabel is een 100% dochteronderneming van ENGIE ( www.engie-electrabel.be/nl ). CEO is Philippe Van Troeye .

Electrabel beheert onder meer de zeven Belgische kerncentrales (naast andere activiteiten.

De FANC (Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle) is de Belgische toezichthoudende instantie. ( http://www.fanc.fgov.be ). Directeur-generaal is Jan Bens.

 

Hier de brief van 1 juli 2016.

Hier  de brief van 2 sept 2016

Het standpunt van Van Troeye, zoals opgetekend op de Electrabelsite op 9 dec 2016

De “gespannen arbeidsverhoudingen”.
De Belgische krant De Standaard schrijft goed over de Belgische kerncentrales. OP 26 november 2016 kopte de krant “In Tihange kun je de angst ruiken”. Voor de duidelijkheid: niet voor de reactorkern, maar voor de directie. De sfeer is om te snijden. De directie straft er nu op los, al dan niet terecht. Niet voor niets is er sinds begin 2014 zes keer gestaakt. Zie voor de volledige tekst zie www.standaard.be/cnt/dmf20161125_02593038 (je kunt een week gratis abonnee worden en dan het artikel lezen).

Tihange
Tihange

Warmte in Brabant en het Mijnwaterproject

Het Brabantse Warmteplan
Ik heb op deze site al een tijd geleden gepleit voor een Brabantse Warmteplan (zie https://www.bjmgerard.nl/?p=843 ) , en nu is de provincie zo vriendelijk dat op 25 nov 2016 geleverd te hebben. Althans, een eerste aanzet tot zo’n plan.
Zie voor het persbericht http://www.brabant.nl/actueel/nieuws/2016/november/brabants-warmteplan.aspx .

Warmtenetten in Tilburg en Breda (bron: Warmteatlas)
Warmtenetten in Tilburg en Breda (bron: Warmteatlas)

Het persbericht bevat geen link naar een achterliggend document. Je kunt de beweringen dus met het persbericht alleen niet narekenen. Gelukkig is er meer literatuur, o.a. een ECN-warmte studie die (enigszins misplaatst) als basis voor de provinciale Uitvoeringsagenda Energie gebruikt is.

Ik loop de zes projecten in het persbericht langs. Tussen haakjes zet ik wat mijn eigen schatting was in het artikel op deze site Opwekking
duurzame energie in Brabant (zie https://www.bjmgerard.nl/?p=1934 .) Ik heb mij niet gewaagd aan besparingsschattingen, want daarvoor heb ik te weinig informatie. Bij alle besparingsvoorstellen staat dus van mij 0,0PJ .

  • EnergyWeb XL wil 2 tot 5PJ restwarmte van de industrie op bedrijventerrein Moerdijk leveren aan de omgeving, zoals de glastuinbouw. Klinkt uitvoerbaar. (2PJ)
  • Geothermie moet ongeveer 1,3PJ gaan opleveren. Daartoe wordt Geothermie BV opgericht door Hydreco en het Energiefonds van de provincie. (2PJ)
    Hydreco is een dochteronderneming van Brabant Water ( zie www.brabantwater.nl/zakelijk/Paginas/Water-en-energie.aspx ) en een gevestigde naam op dit gebied
  • Verduurzaming van het Stadsverwarmingsnet van de Amercentrale. (0,0PJ want duurzaam wordt duurzaam)
    De provincie wil via de tussenstap van een duurzamer bron (moet wel gas zijn) naar verduurzaming middels restwarmte, geothermie of power to heat. Bij power-to-heat wordt er warmte geproduceerd met tijdelijke overschotten aan hernieuwbare elektriciteit. Als de windmolens een
    tijdje harder draaien dan nodig, wordt de stroom gebruikt om water in een opslagvat te verwarmen. Dat is inmiddels standaardtechniek. CE heeft er aan gerekend (zie http://www.ce.nl/publicatie/potential_for_power-to-heat_in_the_netherlands/1730 ).

    Power to heat - installatie van Klöpper Thermisch
    Power to heat – installatie van Klöpper Thermisch

    Met de natte vinger aannemend dat 33% van de bijstook in het stadsverwarmingsnet terecht komt, moet de biomassabijstook (ongeveer 4,8PJ per jaar) in de Amercentrale jaargemiddeld goed zijn voor een warmte-
    vermogen van ergens rond de 50MW. Jaargemiddeld heb je daar ongeveer 4 km² zonnepaneel voor nodig, die alleen voor de stadsverwarming werkt. Of ca 80 standaardwindturbines van 3MW.
    Zonthermie heeft voor het opwekken van warmte een hoger rendement dan zonnepanelen. Het vervangen van Power to Heat-zonnepanelen door vlakke plaat-boilers kan dus tot minder benodigd oppervlak leiden.
    Ook de getallen in de CE-studie, afgedeeld naar Brabant, wekken de indruk dat de taakstelling om het Amer-stadsverwarmingsnet te verduur-
    zamen, in principe te halen zijn, zij het met de nodige moeite.
    All-in echter moet het verduurzamen van de Amer-stadsverwarming op 0,0 gezet worden, want er gaat evenveel duurzame energie af (de biomassa-bijstook) als er bij komt.

  • Het gemiddeld goed afstellen van de apparatuur in de utiliteitsbouw moet 23% schelen (bij mij 0,0PJ want besparing). Wat de provincie daarvoor inboekt, staat er niet bij in het persbericht, maar een ECN-studie, die gebruikt is voor de Uitvoeringsagenda Energie, noemt hier 2,3PJ .
  • Strengere controle op energieplannen bij bedrijven (bij mij 0,0PJ want besparing)
    Genoemde ECN-studie verwacht dat de provincie hier niet veel zal binnenhalen.
Huis met warmtebuffer op oliestook en zonneboiler
Huis met warmtebuffer op oliestook en zonneboiler
  • Het Nul op de Meter-programma zou op papier in 2020 40.000 bestaande woningen gerenoveerd moeten hebben. De provincie werkt met 40GJ warmte per bestaande woning per jaar (kan). Gesteld dat het Nul op de Meter-programma in 2020 zijn doel bereikt heeft (vooralsnog loopt het niet hard, zie https://www.bjmgerard.nl/?p=3941 ), dan zou dat 1,6PJ besparen.

Als ik naar eer en geweten optel, kom ik op 2 a 5 + 1,3 + 4,8 – 4,8 + 2,3 + 0,0 + 1,6 = 7 a 10PJ, waar de provincie op onachterhaalbare wijze aan 8 a 11,5PJ komt.
Gegeven de onzekerheden en de zeer vele aannames kan ik me over het verschil niet erg opwinden.

Overigens bevestigt de gang van zaken dat de provincie pas echt tot getallen komt, die ertoe doen, als ze zelf leiding geeft aan de ontwikkelingen en niet afwacht tot mensen met de hoed in de hand komen bedelen of alsjeblief….

 

Eijdems en het Mijnwaterproject en de rol van warmteopslag
Ik ben op 4 okt 2016, zoals elk jaar, naar de Energiebeurs in den Bosch geweest en ben daar aanwezig geweest bij een workshop van de Open Universiteit “De rol van thermische opslag voor systeemintegratie en voor stedelijke energievoorziening” van Herman Eijdems. Hoe ziet een CO2 -loze stad eruit, welke infrastructuur hoort daarbij en hoe betalen we de ombouw van de bestaande woningvoorraad?

De Trias Energetica volgens Mijnwater
De Trias Energetica volgens Mijnwater

De Open Universiteit zit in Heerlen en dat Eijdems het Mijnwater-project als vertrekpunt neemt, is dan ook niet vreemd.
Het basisplaatje is een balans:

Schema van warmte in de stad
Schema van warmte in de stad

De balans wordt sluitend gemaakt door jaargemiddeld 6kWh/m2 op te slaan. De behoefte is 20kWh/m2*y  en het aanbod aan zon wappert omgerekend tussen de 26 en de 14 – even zeer kort door de bocht uitgelegd.
De rekensom met de 100 miljoen m3 water = 1 miljoen GJ klopt als de temperatuurstijging onder de grond 2,4°C is geweest en een woning op 30GJ warmte/y wordt getaxeerd.

Hoe kun je energie opslaan, aldus Eijdems? Je kunt dat bijvoorbeeld met een Tesla Power Wall doen.
Maar sla je, zoals Eijdems betoogt, voor de winter 1522kWh wilt opslaan en in 10kWh-Power Wall units, dan heb je er daar 153 van nodig. De Power Wall helpt je wel door de nacht heen, maar niet door de seizoenen.
Daar staat tegenover dat Heerlen 8 miljoen m3 mijnwater heeft. Dat komt overeen met 1,4 miljoen Tesla’s, nu ineens geen Power Wall’s meer maar auto’s (die stonden op het plaatje). De gedachtensprongen volgden soms snel op elkaar. Zouden dat S85-Tesla’s geweest zijn, dan is de accucapaciteit 85kWh en gaat er in 1,4 miljoen accu’s 0,43PJ. Als die waarde in 8 miljoen m3 mijnwater zit, moet dat ongeveer 12,5°C warmer geworden zijn.
Er zit daar water van 28°C in de buizen vanuit de grond naar de verwarmingsinstallatie.

De distributie van collectief opgeslagen warmte naar individuele huishoudens vraagt per definitie om een stadsverwarming. Het interessantste deel van het verhaal ging over de steeds modernere versies van zo’n inrichting.

Dit is het schema van de bekende traditionele stadsverwarming:

Schema van een traditionele stadsverwarming
Schema van een traditionele stadsverwarming

Dat kan beter. Inmiddels is de Heerlense stadsverwarming enkele generaties verder. Het water wordt centraal op 40°C gebracht, en decentraal op 60°C. Delen van het systeem worden bidirectioneel en er wordt intelligentie ingebouwd. In feite ontstaat er een smart grid voor warmte. Het nieuwe plaatje ziet er zo uit:

De eerste aanzet tot een thermisch Smart Grid in Heerlen
De eerste aanzet tot een thermisch Smart Grid in Heerlen

Volgens Eijdems ziet het er financieel, als heel Nederland gasloos gemaakt zou worden, financieel als volgt uit:

Business Case van het Mijnwater-verdienmodel na landelijke opschaling
Business Case van het Mijnwater-verdienmodel na landelijke opschaling

Lees dit als volgt: Nederland volledig gasloos maken zou 310PJ aan aardgas besparen. Bij de veronderstelde gasprijs van €0,67/m3 bespaart dat €5,9 miljard per jaar. Via een gangbare Netto Contante Waarde-berekening over 30 jaar valt dat te vertalen in een eenmalige som van €100 miljard. Dat gedeeld door de ongeveer 7 miljoen woningen in Nederland levert het genoemde getal van €14.500 per woning + de kosten van de bespaarde CV-ketel.
Dit bedrag is als het ware als investeringsbedrag beschikbaar per woning.
Een gangbare Nul op de Meter – renovatie kost nu ongeveer €60.000 . Door bovenstaand investeringsbedrag in te brengen, worden de kosten gedrukt tot bijvoorbeeld €45.000, en dat is (volgens Eijdems) terug te verdienen.

Nu heeft niet iedere gemeente mijnwater onder zijn huizen staan. Maar ook met gewone grote opslagvaten lukt het. Eijdems meent dat Nederland met 6000 Ecovaten toe zou kunnen.
Raadplegen van http://www.ecovat.eu/ geeft dat het grootste vat een opslagcapaciteit van 0,016PJ, dus 6000 van die dingen (die je in de grond ingraaft) komt op 97PJ.
Zou inderdaad kunnen dat dat als buffer op gemiddeld 310PJ aardgasstook per jaar voldoende is.

Het zou mooi zijn als de high tech-pretenties van Brabant tot uiting kwamen in verbeterde stadsverwarmingssystemen in de provincie.

SP krijgt voortgangsrapportage over Nul op de Meter – project

Wel en niet Nul op de Meter
Wel en niet Nul op de Meter
Wel en niet Nul op de Meter - woningen
Wel en niet Nul op de Meter – woningen

Brabant heeft zich voorgenomen dat in 2050 800.000 nu bestaande woningen Nul op de Meter gemaakt moeten zijn. De ambitie is opge-
splitst in deelstappen: 40.000 in 2021, en 1000 op 31 december 2017.
De operatie lijkt niet vlot te lopen. Onderzoek op Internet komt tot ca 100 a 150 woningen (zeker 21 in Tilburg en 76 in Breda, en een gegokt aantal losse projecten).
In dit aantal worden niet meegeteld:

  • nieuwbouwwoningen die Nul op de Meter zijn (dat is veel eenvoudiger)
  • bestaande woningen die ‘slechts’ tot label B of A opgewaardeerd zijn (zoals het Roosendaalse project de Kroeven, waarin 246 woningen tot A++ gerenoveerd zijn).
  • projecten die waarschijnlijk niet in 2017 af komen.
    Twijfelgeval is een project van 202 woningen van Woonbedrijf in Eindhoven (Tongelre), waarvan al wel voorbereidingen gepubliceerd zijn, maar nog geen tijdschema van realisatie. (Later bleek dat deze woningen sterk verbeterd zullen worden, maar niet tot NOM).

Het onderzoek ging ervan uit dat elk  Nul op de Meter-project het Internet haalt. Aangezien de woningbouwverenigingen de neiging hebben om van elke duurzame scheet een donderslag te maken, is deze aanname realistisch.

De officiele project-website, Stroomversnelling Brabant, toont nauwelijks dynamiek. Het nieuwste nieuws is maanden oud en het een na nieuwste nieuws van juli 2015. Beide betreffen procedures en feestredevoeringen. Zie http://www.stroomversnellingbrabant.nl/ .

Warmtepomp in een gerenoveerde Tilburgse woning
Warmtepomp in een gerenoveerde Tilburgse woning

Nul op de Meter betekent bij huurwoningen niet Nul uit de kontzak, want verhuurders mogen een soort fictieve energierekening vragen (de Energie Prestatie Vergoeding, zie https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2016/08/31/energieprestatievergoeding-voor-nul-op-de-meter-woning), bijvoorbeeld zo’n €120 tot €150 per maand. Op zich is dat niet onredelijk, want het Nul op de Meter renoveren van bestaande woningen kost veel geld. De Nul op de Meter-operatie brengt dus baten, maar ook kosten voor de huurder met zich mee.
En, hoe hoger de eisen aan een woning, hoe groter de kans dat men bij oude betaalbare woningen eerder voor sloop en nieuwbouw kiest dan voor een Nul op de Meter-renovatie.
De Nul op de Meter – operatie heeft dus volkshuisvestingsgevolgen. Op zich geen reden om tegen te zijn (linksom of rechtsom moet de woningvoorraad energieneutraal worden), maar wel reden voor waakzaamheid en belangenbehartiging.
Voor een positief-kritische bespreking zie bijv. www.energieoverheid.nl/2016/02/23/energieprestatievergoeding/

Daarom heeft de SP bij de Begrotingsbehandeling in de provincie (11 nov 2016) om een voortgangsrapportage gevraagd. Gedeputeerde Spierings (D66) wuifde het weg “ik heb er het volste vertrouwen in dat 1000 Nul op de Meter-woningen voor eind 2017 lukt” en “er gebeurt van alles dat nog niet op Internet staat”, maar zei wel de gevraagde voortgangsrapportage toe.

Zonnepanelen op 80ha afgedankt bedrijventerrein? – updates

Drie updates zie onderaan dit artikel.

Het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) wil 80ha bedrijventerrein wegens overbodigheid zeker afdanken en 192ha misschien. Het SGE omvat de gemeenten en Helmond en zeven gemeenten daar rondom heen.

Milieudefensie heeft het SGE per brief gevraagd om die 80ha “vol te gooien” met zonnepanelen.
Een eerder artikel op deze site, met daarin de brief, is te vinden op https://www.bjmgerard.nl/?p=3626  (de afbeeldingen in het artikel stonden niet in de brief).
duurzame-energiegetallen-sge-gebied-over-2014-kleur

Samen wekten de negen gemeenten in 2014 slechts 3,45% van hun energie duurzaam op. Ondanks de torenhoge Brainport-pretenties in de regio is dat nog beduidend onder het Nederlandse gemiddelde van Nederland van 5,6% en van Brabant van 7,0%.
Met 80ha PV-paneel zou de duurzame opwekking groeien tot iets meer dan 4%. Houdt nog steeds niet over, maar in elk geval een stap.
Bovendien is dit een gunstige tijd om te investeren (lage rente, beschikbare subsidies).

Het antwoord
Milieudefensie ontving op 27 okt een antwoord van portefeuillehouder Hoekman-Sulman (wethouder van Geldrop-Mierlo) namens het SGE.
Mevrouw Hoekman-Sulman noemde het idee “goed en positief”, maar zei erbij dat er ook andere mogelijkheden zijn, bijvoorbeeld het Groenfonds van de provincie. De gebieden zijn nog niet bebouwd en soms staat er bos of andere natuur op.
Soms ook staan er bijvoorbeeld kassen op. De grond is niet altijd al in eigendom bij de gemeenten.
Bij de herinvulling van de gronden zullen alle alternatieven worden meegenomen.

De volledige tekst van het antwoord is hier te vinden.

Commentaar op het antwoord
De toonzetting van het antwoord is positief en het voorbehoud is niet onredelijk. Aan de andere kant hadden deze bezwaren ook niet geteld als het bedrijventerrein wèl ontwikkeld was geweest. Dan waren de kassen ook opgekocht geweest en de bomen ook gekapt.

Het is overigens een interessante discussie wat duurzamer is: zonnepanelen op een lap grond of een eventueel laagwaardig en reeds volwassen productiebos. Karel Knip schrijft er (deels uit zijn nek) in de NRC hele verhalen over. De uitkomst van deze afweging staat voor mij niet vast.
Het is ook een interessante discussie of je onder een veld zonnepanelen een goede nieuwe ecologische functie kunt definieren, al dan niet gecombineerd met schaap. En vervolgens, of die functie beter of slechter is dan laagwaardig volwassen productiebos.
Ik weet van dit onderwerp zelf te weinig af. Het lijkt me een leuke vraag voor de BMF en de regionale of de provinciale natuurambtenaren.

Daarnaast: Milieudefensie heeft het nog niet gehad over de 192 ha in de misschien-categorie. Daarvan zou misschien ook wel een deel met zonnepanelen kunnen worden vol gezet. Als een stad als Eindhoven in 2045 energieneutraal wil zijn, zal men toch iets moeten.

Inmiddels begint het idee in een stroomversnelling te geraken.
De Eindhovense SP kondigde een motie voor de begrotingsbehandeling aan in de Begrotingscommissie van 01 nov 2016. Het Eindhovens Dagblad van 02 nov 2016 noemde het een ‘proefballonnetje’ , maar dat doet de voorgeschiedenis zijdens Milieudefensie onrecht. Zie hier de motie –>  motie-zonnepark-op-vrijvallende-industrieterreinen
Wethouder Staf Depla (PvdA): “U komt hiermee op het juiste moment. De provincie heeft de regiogemeentes  gevraagd om een deel van de geplande bedrijventerreinen te schrappen, omdat er anders teveel komen. ….. Een zonnepark is één van de opties.

geschrapte-bedrijfsterreinen-sgegebied_ed_03nov2016
Een dag later stond in het ED een kaartje  met de bedrijventerreinen, die bij de deal betrokken waren. De negen gemeenten in het SGE-gebied hebben op 2 nov bij elkaar gezeten voor de finale besluitvorming. Ze maken een financiele pot, waarin de plussen en de minnen gaan, en spreken af, dat ze elkaar blijven vasthouden wat betreft de grondprijzen van de industrietereinen, die met enige opslag nog wel uitgegeven worden.
De definitief te schrappen hoeveelheid bedrijfsterrein blijkt inmiddels gegroeid tot ca 150ha.

Over de invulling van de geschrapte terreinen wil de provincie gaan meedenken met de gemeenten. Gedeputeerde Van Merrienboer in het ED (3 nov 2016) ziet kansen “met windmolens kun  je veel geld verdienen en ook zonnepanelen zijn interessant“. “Met tijdelijke ‘energieweiden’ kunnen gemeenten hun verlies op energiegrond extra compenseren.”

Dat woordje ‘tijdelijk’ is trouwens typisch. Als het om de grote misschien – categorie gaat (ca 165 hectare) valt dit te volgen. Als het om de afgeschreven categorie gaat, valt niet goed in te zien waarom dit ‘tij-
delijk’ zou moeten zijn – behalve als die tijdelijkheid uit de vergankelijk-
heid van alle technische dingen voortvloeit.

Tweede update: bij de Eindhovense begrotingsbehandeling hebben B&W de SP-motie overgenomen. De inhoud is dus zonder stemming tot beleid verklaard.

Derde update:
een motie van gelijke strekking heeft het in de provincie niet gehaald omdat de Gedeputeerde zei dat ze het beoogde al deed.
Een week later (18 nov 2016) is er wel een motie breed aangenomen waarin gesteld werd dat er “in de Verordening Ruimte voorstellen moesten komen, waarin stond onder welke voorwaarden ruimte kan wordne geboden aan bottom up-initiatieven, zodat ook zonnevelden in de onbebouwde ruimte mogelijk gemaakt kunnen worden.” De Verordening Ruimte is een van de belangrijkste wapens van de provincie.
De tekst zie –> motie_18nov2016_zonnepanelen-in-verordening-ruimte

 

Mijn jaarafrekeningen door de jaren heen – update 1

Voor de update-1 één jaar (okt 2015-okt 2016) later zie onderaan dit artikel.

Ik kreeg onlangs (eind okt 2015) van Greenchoice mijn jaarafrekening van oktober 2014 t/m 2015, zowel de heen- als de teruglevering. Ik vind dat een geschikt moment om mijn eigen energiesituatie te schetsen.

Verstandig om even mijn morele positie te benoemen. Ik ben voor
duurzame energie en ik wil daar ook persoonlijk een bijdrage aan
leveren, zolang het financieel enigszins binnen de grenzen van het redelijke blijft. Ik zit er dus primair voor het milieu in met een knipoog naar het geld en niet omgekeerd.

Wat is “rendabel”?
Verstandig om hier ook even het begrip ‘rendement’ te definieren.
Bij een elektriciteits-groothandelsprijs onder de 5 cent/kWh is momen-
teel geen enkele duurzame energievorm qua zuivere kostprijs rendabel. De kolen worden momenteel voor zo’n weggeefprijs aan de man gebracht, dat daar niets tegen op kan concurreren. Zie ook mijn artikel over de SDE-regeling ( Voorbeelden van de SDE+ regeling voor duurzame energie )
Omdat aan de zuivere kostprijs een veelvoud aan opslagen wordt toegevoegd, kunnen staat en energieleverancier spelen met die opslagen. Voor mij als burger is daardoor een economische rentabiliteit haalbaar. Bij gewenst gedrag rekent men mij minder opslag en dat levert al gauw meer op dan mijn spaarrekening mij levert. Ik gebruik in het hierna volgende deze definitie.

Mijn huis en mijn gezinssituatie
Ik woon in een standaard rijtjeshuis in de Eindhovense wijk Woensel dat rond 1970 gebouwd is. Het heeft een bruikbare vloeroppervlakte van 143m2 over drie reële woonlagen en een opbergzolder. Er is in 2000 een Nefit Ecomline HRC30 2000 ingezet, die jaarlijks onderhouden wordt. Het huis heeft geen kruipruimte.

nefit ecomline HRC 30 2000
nefit ecomline HRC 30 2000

We hebben een doorsnee gezinssituatie, waarvan de wisselingen geen grote invloed op de hierna weergegeven cijfers gehad hebben.
Ik ben een uitgesproken nachtmens, hetgeen energetisch niet gunstig is. Door de jaren heen verbruikten wij met ons huishouden aan elektriciteit zo’n 15kWh/dag. Dit getal daalt autonoom wat nu de kinderen het huis uit zijn.

De energie-operaties
In aug. 2008 hebben we alle kozijnen vervangen door kunststof, en tevens alle glas door HR++ thermopane. De kosten daarvan reken ik grotendeels als  onderhoudskosten van de woning. Daarna had mijn woning energielabel D.
In april en mei 2011 heb ik (met technische ondersteuning van buiten) het dak en de muren geïsoleerd, een zonneboiler geplaatst en twee fatsoenlijke zolderdakramen. Toen had mijn huis het B-label.
Het is arbitrair welk deel van de kozijnenoperatie ik aan energiebesparing toereken en welk deel aan regulier onderhoud, dat ook nodig was. Met de kletsnatte vinger heeft het energie-geheel ons 10 mille gekost en dat resulteert in een besparing (bij de huidige gasprijs) van €455 per jaar. De terugverdientijd is dus zo’n 22 jaar. Daarnaast is het huis aangenamer geworden om in te wonen en meer waard.

In maart 2014 hebben we drie standaard zonnepanelen laten plaatsen door ons reguliere installatiebedrijf. Dat kostte (na BTW-teruggave) €1970 en levert ca 600kWh/y op. Bij Greenchoice is 1 kWh 23 cent waard, dus deze investering levert ca €138/y op. De terugverdientijd is dus ca 14 jaar. De technische levensduur wordt meestal op zo’n 20 jaar geschat.
Ik ben nu 68 jaar, dus benieuwd of ik dat nog in mijn eigen huis meemaak.

De Blauwe Reiger
De Blauwe Reiger

Op 1 mei 2014 heb ik drie winddelen in de windmolen De Blauwe Reiger gekocht in Noord-Holland. Dat kostte €645 en het ding levert mij ergens rond de 1800kWh/y op, goed voor ruim 7 cent/kWh, dus ergens rond de €140/y. Dat wordt in mindering gebracht op mijn elektriciteitsrekening.
Daar moest een kleine €80 onderhoudskosten van af, dus de terug-
verdientijd zit ergens rond de elf jaar. De technische levensduur van windturbines wordt op 15 a 20 jaar geschat.

Benadrukt moet worden dat terugverdientijden breuken zijn met zowel in de teller als de noemer forse onzekerheden. Vast staat dat ik op mijn spaarrekening minder vang.

Al met al halen zon en wind pakweg 40 a 50% van mijn bruto elektrisch verbruik af.

Nul op de meter
De provincie wil ervoor zorgen dat in 2050 800.000 huizen in Brabant Nul op de meter worden. Ik ben benieuwd hoe dat met mijn huis en mijn leefwijze moet.

Oktober 2015 – okt 2016
Ons huishouden was gedurende de vorige periode kleiner geworden. In deze periode is de huishoudelijke situatie ongewijzigd gebleven. Het verbruik over deze periode is dan ook, vergeleken met de vorige periode, flink gedaald.

Mijn zonnepanelen zijn goed voor ongeveer 600kWh per jaar, waarvan iets meer dan 200kWh zichtbaar als teruglevering. Bij de huidige elektriciteitsprijs, die kleinverbruikers betalen (bij Greenchoice 20,23 cent/kWh), levert mij dat op €121. De aanschaf van deze drie panelen kostte toen nog (na BTW-teruggave) €1970 en exploitatielasten zijn er niet. De panelen leveren mij bij de huidige consumenten-stroomprijs 6,1% van de aanschafsom op. Andersom uitgedrukt, een terugverdientijd van 16 jaar als men de restwaarde van de panelen nadien op 0 stelt. Dat is waarschijnlijk te pessimistisch, maar daar valt geen getal aan te verbinden.
Kortom, het geheel levert mij meer op dan op dit moment een bankrekening doet. Ik ben tevreden en ik help het milieu.Mijn PV-panelen zijn gelegd voor de grote prijsdaling begon, en het zijn er maar drie (dus een relatief ongunstige overhead). Wie tegenwoordig zonnepanelen legt, is financieel beter af.

Mijn Blauwe Reiger draait in  Noord-Holland. Drie winddelen hebben mij eenmalig €645 gekocht. Die staan in de verslagperiode voor 1515kWh waarvoor Greenchoice mij 6,87 cent/kWh kwijtscheldt, goed voor €104.
De exploitatiekosten in deze periode bedroegen €84, zodat ik netto €20 wijzer wordt van het bezit. Dat bezit wordt in principe niet minder waard, want ik kan ze weer verkopen. De winddelen leveren mij dus 3,1% van de aanschafsom op.

Overigens was de groothandelsprijs voor elektrische energie in deze periode rond de 4 cent/kWh. 

Zwitserse kerncentrales te koop voor een euro

Kerncentrale Leibstadt Zwitserland

Dit bericht heb ik overgenomen van WISE (07 nov 2016) (WISE = World Information Service on Energy).

Ik ben het overigens niet altijd met WISE eens. Ik ben niet a priori tegen kerncentrales, maar ik ben in praktijk niet erg blij met de bestaande modellen. WISE staat daar bijna fundamentalistisch in en ik niet.

Verder onderschat WISE het probleem van een elektriciteitsprijs van 3 cent/kWh. Men kan er triomfalistisch over doen dat kerncentrales en gascentrales daardoor in de min komen, waarschijnlijk zelfs ook kolencentrales, maar evengoed alle vormen van duurzame energie in Europa komen in de problemen. Alleen wordt dat meestal met subsidie aangevuld in de verwachting dat deze subsidie een tijdelijke overbrugging is naar een toekomst waarin de duurzame energie-kostprijs onder de stroomprijs ligt.
Het leven zou een stuk eenvoudiger zijn bij een kWh-prijs van bijvoorbeeld 8 cent per kWh.

Maar goed, ik vond dit een leuk bericht van WISE. Mocht u zichzelf de trotse eigenaar van een kerncentrale willen gaan noemen, dan weet u waar u terecht moet. Ik begin er niet aan.
——————

Zwitserse kerncentrales lijden verlies van omgerekend 600 miljoen Euro per jaar. Daarom wil de directeur van het elektriciteitsbedrijf Alpiq zijn kerncentrales Gösgen en Leibstadt voor het symbolische bedrag van 1 Zwitserse Franc (omgerekend 1 Euro) verkopen aan de overheid.

Kerncentrale Beznau Zwitserland
Kerncentrale Beznau Zwitserland

De directeur, Alder, heeft eerst geprobeerd de kerncentrales aan buitenlandse ondernemingen zoals het Franse EDF te verkopen, maar dat is niet gelukt. Niemand wil die kerncentrales hebben.[i] [ii] De verkoop voor een symbolisch bedrag komt op een belangrijk moment: op 27 november is er een referendum om de kerncentrales eerder stil te leggen dan aanvankelijk gepland. Ze waren oorspronkelijk gebouwd voor een levensduur van 60 jaar. Als de bevolking instemt met de vervroegde sluiting gaan de kerncentrales Mühleberg, Beznau I en Beznau II eind 2017 dicht. Voor Gösgen valt dan het doek in 2024 en voor Leibstadt in 2029.[iii]
Update: in het referendum hebben de Zwitsers de vervroegde sluiting afgewezen (55% tegen vervroegde sluiting).

Op de Zwitserse elektriciteitsmarkt bedraagt de prijs die een afnemer betaald voor een kilowattuur (kWh) stroom op dit moment omgerekend 3 eurocent. Daar staat tegenover dat de gemiddelde totale onderhouds- en reparatiekosten voor genoemde kerncentrales in de periode 2010 tot 2016 al opliepen tot ongeveer 4 cent per kWh. Er van uitgaande dat er aan die omstandigheden (zowel aan de kosten- als aan de opbrengstenkant) niet veel veranderd is in de afgelopen maanden, is er nu door het Zwitserse consultancy bureau Re-solution.ch uitgerekend dat er alleen al in 2016 een verlies zal worden geleden van 637 miljoen Zwitserse Franc (ruim 600 miljoen Euro).[iv] [v] Blijkbaar verwacht de directeur van Alpiq niet dat de marktprijs voor elektriciteit de komende jaren zal stijgen, want anders zou hij zijn kerncentrales niet voor 1 Franc (Euro) te koop aanbieden.

Ideetje voor Borssele ?

Kerncentrale Leibstadt Zwitserland
Kerncentrale Leibstadt Zwitserland
Naam kerncentrale Vermogen (Megawatt) In bedrijf sinds Sluitings-
datum
Referendum vraagt om sluiting in
Mühleberg 390 1971 2031 2017
Beznau I 380 1969 2029 2017
Beznau II 380 1971 2031 2017
Gösgen 1060 1979 2039 2024
Leibstadt 1275 1984 2044 2029

[i] http://www.tagesanzeiger.ch/sonntagszeitung/alpiq-will-akw-verschenken/story/26004081, 5 november 2016.

Karel Knip schiet uit de bocht over zonnepanelen

Karel Knip is een bekende wetenschapsjournalist. Hij schrijft elke zaterdag een populair-wetenschappelijke rubriek in de NRC (welke rubriek ik bijna altijd lees).
Een zekere neiging tot provocatie is hem niet vreemd, maar op 22 okt 2016 ging die met hem op de loop. Daar beweerde hij dat een PV-paneel over zijn volledige levensduur meer energie verbruikt dan het oplevert. Om precies te zijn1/0,82 * zoveel als je in China geproduceerde panelen in Duitsland en Zwitserland plaatst.
Zonnepanelen zouden in de afgelopen 30 jaar niets bespaard hebben.

Knip baseerde zich op een artikel van Ferroni en Hopkirk uit Energy Policy van juli 2016 (het artikel is te lezen op www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0301421516301379 .
De auteurs hebben een zogenaamde LCA gemaakt van in China vervaardigde zonnepanelen. Een LCA is een Life Cycle Assessment. Daarin wordt de energie, die nodig is voor de volledige levenscyclus van een product, uitgerekend, dus inclusief productie, montage en sloop. Omdat voor de productie van de panelen veel stroom nodig is, wordt de duur-
zaamheid van PV-panelen over de volledige levensduur ongunstiger als die panelen gemaakt worden in een land dat veel steenkool stookt – zoals China, waar ca 70% van de panelen vandaan komt.

Nogal wat deskundigen zijn boos op Knip. Daaronder Jasper Vis, directeur Nederland van Dong Energy. Die heeft een energieblog dat zeer de moeite waard is, als je tegen lange technische artikelen kunt met veel grafieken. Hij is als het ware nog tien keer zo erg dan ik! Goed, wie zich daar niet door laat afschrikken, kan hem over dit onderwerp vinden op https://jaspervis.wordpress.com/2016/10/22/draaien-zonnepanelen-op-kolen/ .

Pepijn Vloetmans, 2015
Pepijn Vloetmans, 2015

Vis wilde zo snel mogelijk tegen Knip ingaan en hield het daarom bij een literatuuronderzoek. Dat gaf bijvoorbeeld het EROI-plaatje van hiervoor (de EROI is de Energy Return On Investment – 10 betekent dat het apparaat 10*zoveel energie produceert als nodig is om het te bouwen en te slopen).

De EROI is de ene manier om het te zeggen (de EROI bij Ferroni en Hopkirk zou dan dus 0,82 zijn).
De andere manier is de CO2 eq per kWh voor allerlei energiesoorten uitrekenen. Dat geeft dit:

((NREL/IPCC))
((NREL/IPCC))

Ook zo beschouwd kan de beschuldiging niet waar zijn.

Jasper Vis had bij zijn literatuurstudie geluk. De PVV (altijd als de kippen erbij om duurzame energie verdacht te maken) in de Eerste Kamer was zo vriendelijk geweest vragen te stellen over het in juli verschenen onderzoek. Inmiddels had de minister daar ook al antwoord op gegeven en dat kon Vis letterlijk overnemen. Ik zal dat ook doen, onder dankzegging.
De minister:
“Het artikel van Ferroni en Hopkirk heeft met deze conclusies ook de aandacht getrokken van internationale deskundigen op het gebied van levenscyclusanalyses en energiesystemen. Een gezelschap van 23 wetenschappers, waaronder twee Nederlandse, van diverse wetenschapsinstituten heeft in reactie op het artikel van Ferroni en Hopkirk een gedetailleerd response paper ingediend bij het blad ‘Energy Policy’ . In een begeleidend schrijven aan de redacteuren van ‘Energy Policy’ geven zij aan dat ze zich afvragen hoe het artikel van Ferroni en Hopkirk een degelijk peer review proces heeft doorstaan. In hun response paper bekritiseren en verwerpen zij de analyse en conclusies van Ferroni en Hopkirk. Zij stellen dat sprake is van inconsistente, slecht onderbouwde en misleidende cijfers. Zo:

  • worden cijfers van zonnepanelen uit de jaren ’80 en ’90 van de vorige eeuw gebruikt;
  •  wordt de levensduur van zonnepanelen ingeschat op 17 jaar in plaats van de gebruikelijke 25-30 jaar;
  • wordt de energieopbrengst van zonnepanelen bijna half zo hoog ingeschat als uit onderzoek blijkt;
  • worden de kosten van arbeid en kapitaal om panelen te produceren veel hoger ingeschat dan realistisch is;
  • worden (hoge) kosten van (veel) energieopslag in het toekomstige energiesysteem toegerekend aan zon pv;
  • wordt geen rekening gehouden met recycling van zonnepanelen.

Deze deskundigen wijzen er op dat uitgebreid onderzoek laat zien dat de gemiddelde energieopbrengst van de meest gebruikte (multikristallijn silicium) zonnepanelen 11,6 zo hoog is als de energie die het kost om ze te produceren.”

Pay-back tijd van PV-panelen bij verschillende aannames
Pay-back tijd van PV-panelen bij verschillende aannames

Waar wel iets in kan zitten (en waar Vis niet over schrijft) is dat China het plaatje minder mooi maakt.
Wie daar wel over schrijft is Kris de Decker op zijn website www.lowtechmagazine.be die, meer dan ik, een adept is van het sobere en zuinige leven. Ik vind het politiek onhaalbaar. Maar binnen zijn denkkader heeft hij soms gelijk. Zie http://www.lowtechmagazine.be/2015/04/zonnepanelen-steeds-goedkoper-maar-ook-minder-duurzaam.html (27 april 2015).
Hij stelt dat door het grotere aandeel steenkool, het slechtere stroomnetwerk en de lagere kwaliteit en daardoor levensduur, het totaalplaatje minder gunstig is dan het zou kunnen zijn. Chinese zonnepanelen produceren bijna drie keer zo weinig CO2 per kWh als standaard Europese grijze stroom, terwijl Europese zonnepanelen 13 keer zo schoon is.
Maar ook een techniekciticaster als De Decker haalt het niet bij het negativisme van Knip.
Bovendien, stelt De Decker, is China pas sinds 2009 een grote speler (zie het sprongetje in de grafiek hieronder). Ze kunnen dus niet de schuld krijgen van 30 jaar geschiedenis.

Prijs zonnepanelen door de jaren heen. In 2009 begon China grootschalig te leveren.
Prijs zonnepanelen door de jaren heen. In 2009 begon China grootschalig te leveren.

Bovendien, en dat zegt noch De Decker noch Knip, is China in hoog tempo aan het verduurzamen, en zich technisch aan het ontwikkelen. Het is dus zeer wel denkbaar dat over niet al te lange tijd Chinese panelen een stuk betere kengetallen hebben.