Circulair cement?

Inleiding
De fabricage van cement is goed voor ca 5% van de mondiaal geloosde CO2 – uitstoot. Alle reden om te kijken of dat niet minder kan. In Nederland wordt daar al veel aan gedaan en daardoor loost de Nederlandse betonfabricage in verhouding minder (ca 1,6% van de Nederlandse CO2 -lozing). Dat is echter nog steeds veel.

De betonwereld is daar al lang bezig. In 2014 kwam er een studie uit van CE met de boodschap, dat het tot 2020 30% minder kon. Zie https://mvonederland.nl/publicatie/onderzoek-ce-delft-betonketen-kan-tot-30-procent-besparen-op-co2-uitstoot-2020 . Er kon van alles, maar er was nog een lange weg te gaan. De relatieve CO2 – lozing is al een eind gedaald.

BPMN, een van de grootste betonindustrieën in het Belgische Malonne (eigen foto bedrijf, Wikipedia)

Dat cement echt circulair kan worden ligt niet voor de hand. Je maakt cement door kalksteen te branden of een mengsel van kalksteen net kleiachtige toeslagstoffen. Daarvoor moet de oven heel heet worden (wat op zich al veel CO2 loost) en splitst de kalksteen een heleboel CO2 af, waardoor je ongebluste kalk krijgt of een mengsel waar ongebluste kalk in zit. Aan dat primaire proces zelf is niet wat te doen.
De cement wordt gemengd met zand en grind en eventueel andere stoffen (bijv. vliegas), en met (als het goed is) de juiste hoeveelheid water. Het water reageert heftig met de ongebluste kalk en er ontstaat een mix van calciumhydroxide (‘gebluste kalk’), vaak een flink restant ongebluste kalk (de hoeveelheid water klopte dan niet) en toeslagstoffen. Dat geheel heet beton.

Ouderwetse betonrecycling betekent lomp maalwerk en de korrels als fundering gebruiken, bijvoorbeeld voor wegen. Waarna voor nieuwe toepassingen weer geheel nieuw beton aangemaakt moet worden. Zonde van de CO2.

Koos Schenk uit Oss probeert al jaren betonrecyclingstechnieken te ontwikkelen. Zijn SmartCrusher kreeg in 2014 de Wereldprijs van de ASN-bank. Dat leverde 10 mille op voor doorontwikkeling. Het artikel in BouwWereld, waar dat in staat, geeft eigenlijk al een goed inzicht in de essentie van het idee. Zie www.bouwwereld.nl/nieuws/oud-beton-slim-hergebruiken/ .
De TU/e bewees dat het ontwerp van Schenk werkte.
Aan de basis ligt de observatie van Schenk dat er als regel in beton meer cement gebruikt wordt (of minder water toegepast) dan nodig.

De recente presentatie: PR of echt waar?
Nadien heeft Schenk partners gevonden in, of zijn uitvinding verkocht aan, twee ondernemingen, New Horizon Urban Mining en de Rutte Groep, een wegenbouwer. Die kwamen er op 5 juni 2018 op de Provada mee voor de dag, begeleid door een behoorlijk ronkende PR-campagne “Nederlandse primeur: circulair cement schudt de betonsector op” (Trouw) of “Nieuwe betonvreter is de ‘heilige graal’”(NRC – www.nrc.nl/nieuws/2018/06/05/deze-betonkneuzer-is-de-heilige-graal-in-de-bouw-a1605490 ). Het ding heet de “New Liberator”.
Ongeacht de waarde van de bewering, weet men in elk geval een pakkende naam te verzinnen.
Maar gegeven het rauwe productieproces van nieuwe cement leek het me sterk dat het echt “circulair” was. Is de circulair-claim nou waar, half waar of niet waar? Ik wilde het wel eens uitzoeken.

Half waar
Nu ben ik zeker geen betondeskundige, maar de basisbeginselen zijn niet zo moeilijk en met een wat achtergrondkennis van de chemie kom je al gauw een heel eind.

De Smart Liberator (foto Rutte Groep)

Het NRC-artikel is goed en het artikel in BouwWereld van 2014 ook.
Oude puinbrekers breken lomp. Met grof geweld maalt men alles middendoor, tot en met de kiezelstenen –  wat nergens voor nodig is. Daardoor krijg je gemengde brokken waar je eigenlijk niets anders meer mee kunt als onder wegen stoppen.
De essentie van het proces is dat de Smart Crusher echt smart crusht. Subtiel zogezegd. Hij herkauwt als het ware als een koe, om het onnavolgbare PR-proza te blijven gebruiken.
Daardoor komen het grind, het zand, de wel-uitgeharde en de niet-uitgeharde fracties er gescheiden uit. De gescheiden niet-uitgeharde cement (Freement” gedoopt) kan gewoon weer als cement gebruikt worden in toepassingen waar het niet erg kritisch komt (putten en zo) en tot 30% in constructiebeton.

Al met al vind ik, dat het woord “circulair” niet op zijn plaats is. Het proces is niet cyclisch.
Maar het proces spaart wel flink CO2, op drie manieren:

  • De ongebruikte cement wordt alsnog gebruikt en hoeft niet nieuwe gemaakt te worden. Dat spaart een deel van het CO2-uitbrakende primaire proces uit
  • De wel-uitgeharde cement moet terug het primaire proces in, maar bevat geen of weinig CO2 en daardoor komt er alleen de CO2 van de ovenbrandstof vrij
  • Het maalproces is minder lomp (men maalt niet overbodig kiezelstenen middendoor) , en dat zal wel minder energie kosten.
Het eindproduct (foto Urban Mining)

Per saldo is het oordeel dat de fraaie PR (die eigenlijk een prijs in eigen recht zou moeten krijgen) maar half waar is, maar dat de helft die waar is een grote verbetering is.

Juridisch gedoe rond Jansen Recycling wordt absurdistische klucht (update 01feb2017)

Jansen Recycling is een dochterbedrijf van de (op dezelfde plek gevestigde) holding A.Jansen BV. Dit recyclingbedrijf voert een aantal werk-
zaamheden uit, waaronder de ‘recycling’ van Teerhoudend Asfalt Granulaat (TAG). Dat is koolteerhoudend asfalt, dat al jaren verboden is, maar nog steeds bij wegrenovaties naar boven komt. Het spul staat stijf van de PAK’s, maar bevat ook hulpstoffen als zand en grint die teruggewonnen kunnen worden. Thermische reiniging in Nederland (wat in praktijk gecontroleerd verbranden betekent) is de voorgeschreven standaard. Dat is een beproefd proces (een Thermische Reinigings Installatie TRI) en met een juiste milieuvergunning (en handhaving daarvan) zou het op die locatie aanvaardbaar zijn.

Jansen Recycling BV ligt op dezelfde plaats als Jansen BV, aan de Kanaaldijk Zuid in Son, op Ekkersrijt.

Aan de andere kant van een rij bomen ligt het grote recreatiebedrijf Aquabest van buurman Van Pelt. De twee verkeren in heftige juridische onmin.

Ik heb hier al veel over geschreven, ga dat allemaal niet herhalen, en verwijs daarvoor naar het voorlaatste artikel (Raad van State gelast verwijdering TAG van Jansen Recycling ). Daarna: volg het spoor terug.

Wel ingenomen, niet verwerkt
Jansen Recycling is in 2007 begonnen met TAG in te zamelen. Voor wegbeheerders is TAG chemisch afval, en ze moeten betalen om er van af te komen. Zo streek Jansen €32 per ton op, en er lag een tijd geleden 600.000 ton.
Klein probleem is dat Jansen niets kon verwerken, want hij had geen machine en dat was zijn eigen schuld. Ondertussen hoopte het spul zich op tot een TAG-berg berg van tientallen meter hoog, waarop Van Pelt
vanuit Aquabest een vrij uitzicht had.
En omdat Jansen Recycling binnen uiterlijk drie jaar moet verwerken, en omdat na die drie jaar de opslag een stort wordt waarvoor geen vergunning gegeven is, is Jansen al vanaf 2010 in overtreding en is de TAG-berg illegaal.
Maar hij bleef inzamelen en dat mocht allemaal van de Provincie (bevoegd gezag), want die greep niet in. Tot 2011, toen SP-er Johan van den Hout belast werd met de erfenis van zijn voorgangers in de vorm van dit toen al uit de hand gelopen hoofdpijndossier.

De opslag wordt gereguleerd in de algemene milieuvergunning van het terrein, waarop in augustus 2012 een Revisievergunning aangevraagd is. Die uiteindelijk, na veel heen en weer geprocedeer,  in december 2015 verleend met o.a. extra bepalingen over de hoogte en de omvang van de TAG-berg, een opslagtermijn van drie jaar en maximaal 850.000 ton opslag.
Ondertussen was er dus nog steeds geen operationele TRI-machine en dat ding vereist een aparte vergunning.

Paradoxen
De paradox is dat het Bevoegd gezag (de provincie) uiteindelijk gelijk gekregen heeft van de Raad Van State, dat Jansen Recycling de illegale stort (inmiddels 1 miljoen ton) onder een provinciale dwangsom gefaseerd af moet voeren, en dat de provincie niet blij mee is met de eigen overwinning omdat die (niet ondenkbeeldig) bang is dat Jansen Recycling failliet gaat, waarna de provincie voor de verwijdering opdraait.
Bovendien gaat al dat TAG, ten koste van veel autokilometers want er zijn maar drie van dit soort bedrijven in Nederland, naar een collega-bedrijf wat er vervolgens precies hetzelfde mee doet. Namelijk het goede, vernietigen.

Aquabest (het water onder) en het terrein van Jansen Recycling (boven). De grijze pyramide is de TAG-berg.

Ondertussen liep op het parallelle spoor sinds november 2014 de aanvraag voor de vergunning van de TRI. Dat spoor mondde uit in een concept-beschikking (waarover ik voor de Eindhovense wijk Achtse Barrier een zienswijze geschreven heb), en uiteindelijk op 19 januari 2017 in een definitieve beschikking, waartegen ongetwijfeld door Van Pelt geprocedeerd zal worden.
Over x maand of jaar wordt die vergunning, naar alle waarschijnlijk-
heid, definitief van kracht en de tweede paradox is hoe het verwerkingstempo van de eenmaal draaiende installatie (aan TAG, grond en dakafval samen 300.000 ton per jaar)  zich verhoudt tot wat er dan nog ligt.
De Raad van State doet alsof er geen TRI-machine is (want dat was inderdaad nog volstrekt onduidelijk ten tijde van de uitspraak), de provincie doet in zijn revisievergunning alsof de machine er wel is .
Een klein conflict is nog dat de gemeente Son en Best het er niet over eens zijn hoe al die vrachtwagens moeten rijden. Je kunt in praktijk alleen bij Jansen komen vanuit westelijke richting (over de Terraweg), en die wil de gemeente Best eigenlijk het liefste sluiten.

En toen kwam het Openbaar Ministerie
En of het allemaal nog niet ingewikkeld genoeg was, kwam  toen het Openbaar Ministerie met een strafrechterlijk traject. De feiten zijn dezelfde als die in het bestuurlijke traject een rol spelen, maar het OM vindt dat alles ook strafrechterlijk relevant.
Op 17 jan 2017 eiste de Officier van Justitie 100 uur werkstraf (helft voorwaardelijk) tegen holding-directeur Toon Jansen en €30.000 tegen twee dochter-BV’s (helft voorwaardelijk). Op zich te volgen.
Maar als het tot een veroordeling komt, wil het OM ook aan Jansen als privépersoon onrechtmatig verkregen voordeel te ontnemen ter waarde van 12,5 miljoen. En dan wordt het tricky: het voordeel is onrechtmatig omdat Jansen wel geld aannam, maar de tegenprestatie niet uitvoerde. In hoeverre bedreigt dat de verwijdering en/of de verwerking van het TAG als Jansen deze tegenprestatie met veel vertraging alsnog zou gaan uitvoeren? In hoeverre is die 12,5 miljoen dan alsnog onrechtmatig?
Ik kan er geen verstandig woord over zeggen.

De advokaat van Jansen vond het allemaal onzin. Het lag allemaal aan Van Pelt en Jansen had veel meer kunnen verdienen door het afval te exporteren.
Wat beide kul is.
Jansen heeft specifiek geld aangenomen voor de Thermische Reiniging. Als hij had willen exporteren (wat soms wel en soms niet verboden is, en hoe dan ook niet de officiele voorkeur), had hij een heel ander verhaal moeten vertellen.
De procedures van Van Pelt gingen over de revisievergunning, niet over de TRI. Dat had ook moeilijk gekund, want je kunt nou eenmaal moeilijk procederen tegen een apparaat waarvoor nog niet eens een vergunning aangevraagd is. Die werd, zoals gezegd, pas aangevraagd in nov 2014 en verleend in januari 2017. Pas nu kan Van Pelt gaan procederen tegen de TRI.

Inmiddels heeft de Rechtbank in Den Bosch op 31 januari 2017 de persoon Toon Jansen tot 50 uur werkstraf veroordeeld en ligt er een ontnemingsmachtiging tot €11 miljoen. De feitelijke ontneming kan nog maanden duren, maar er is al beslag gelegd op eigendommen.
Twee werkmaatschappijen kregen elk een boete van €10.000.

Benieuwd hoe deze kluwen ooit nog ontward gaat worden.

Afvalcowboy Bruekers en geblokkeerde rekeningen

Recyclen is nodig en er moeten ondernemingen zijn die dat doen, maar ik wantrouw elk recyclingbedrijf uit principe zolang het bona fide karakter niet deugdelijk bewezen is.

De gang van zaken bij Bruekers bevestigt dit vooroordeel nog maar weer eens. Bruekers heeft minstens twee ondernemingen, waarvan er één vestigingen had in Helmond en Maasbracht, terwijl een andere in Weert gevestigd is.

Schoonmaak van het pand van Bruekers (foto ED, 2016)

Maasbracht en Helmond
Bruekers nam in Maasbracht allerlei afvalstoffen aan, waaronder veel gevaarlijk chemisch afval. Degene die dat afgeeft, betaalt daarvoor op zeer korte termijn geld als vergoeding voor de kosten van de verwerking, die soms op de zeer lange termijn plaats vindt. Of helemaal niet – bij Bruekers Maasbracht en Helmond is nergens aangetoond dat er überhaupt verwerkt is. Er is alleen maar opslag aangetoond. In Maasbracht in de panden Hazenloop 6 en 8 boven de vergunning, in het pand Hazenloop 4 zelfs zonder vergunning.
In Helmond bleek het uiteindelijk om 680 vaten te gaan, gevuld met 500.000 liter afval, waarvan een heleboel zoutzuur en salpeterzuur. Een aantal van die vaten waren gaan lekken en de drab had zich door de muur met buurman Matrho gevreten. Daar zagen ze ineens een groene borrelende massa binnenstromen. Matrho is al vanaf 12 augustus gesloten en medewerkers mogen er alleen nog met een gasmasker naar binnen.
Op 20 september ging Bruekers Recycling BV te Maasbracht failliet. Er was financieel nauwelijks wat te halen.
De provincie Limburg was twee ton kwijt aan het opruimen, de provincie Brabant 1 miljoen.

Weert
Wim Bruekers heeft ook een recycle-onderneming in Weert, Metaalhandel Bruekers aan de Moeselpeelweg. Daar werd ‘verwerkt’, wat er in praktijk uit bestond dat het bedrijf oude metalen in nam en opsloeg, kabels en machineonderdelen afbrandde, met het doel edele metalen terug te winnen. Dat gebeurde nabij woonhuizen, aan de rand van een beschermd natuurgebied, jaren achtereen illegaal. De stank en de giftige lozingen moesten de omwonenden maar verdragen. Uiteindelijk werd de illegaliteit opgelost door een vergunning te geven (2012). De inspraakreacties uit de omgeving circuleren nog op het Internet en spreken boekdelen (zie Tekst spreekrecht dhr Bausch_Bruekers_Weert en Tekst spreekrecht dhr Kruitwagen_Weert ). Een redelijke samenvatting van dat verslag is te vinden op www.wijlimburg.nl/nieuws-overzicht/verhuurder-ziet-verkoop-afketsen-waarna-hij-provincie-vraagt-op-te-treden-tegen-bm-recycling-b-v/ .

Het terrein van Bruekers aan de Moeselpeelweg in Weert

Uiteindelijk gelastte de gemeente Weert op 31 oktober 2016 om de illegale opslag binnen twee weken af te voeren. Dat gebeurde niet en toen moest de gemeente Weert het doen. Die is daar dus ook nog eens een mij onbekend bedrag aan kwijt geraakt, waarvoor nog enigszins het beginsel “eigen schuld, dikke bult” geldt. Op 30 november is het terrein verzegeld. Bij het opruimen waren zakken gescheurd, waardoor er allerlei troep in de grond was gelopen.

Er loopt een strafrechtelijk onderzoek tegen Bruekers.

Betalen op een geblokkeerde bankrekening
Zowel de provincies Brabant als Limburg hebben nog de nodige andere akkefietjes gehad, waarbij de provincie voor veel geld rotzooi mocht ruimen. Ook andere provincies hebben zulke toestanden meegemaakt. Ze hebben er genoeg van.
De Brabantse SP-gedeputeerde Johan van de Hout is met staatssecretaris Dijksma van Milieu (PvdA) in overleg gegaan, mede namens de andere provincies. Hij wil dat betalingen ter verwerking van (chemisch) afval op een geblokkeerde rekening gestort worden. Zulke “escrow-rekeningen” zouden wettelijk verplicht moeten worden. Dijksma reageerde begripvol en zou het gaan oppakken. Dat zou een hele goede zaak zijn.

Jansen Recycling
In feite bestaat dezelfde situatie bij Jansen Recycling op Ekkersrijt (Son en Breugel, nabij Eindhoven). Jansen zamelt al sinds 2007 Teerhoudend Asfalt Granulaat (TAG)  a raison van €32 per ton, meteen te betalen, en verwerkt in 2016 ook nog steeds niet. De vergunningaanvraag voor de machine die die verwerking zou moeten doen, loopt nog. Inmiddels ligt er 600.000 ton TAG, veel meer dan de vergunning toe staat. Als dat mis mocht lopen (bijv. omdat Jansen Recycling failliet gaat), zit de provincie met een nog veel duurder probleem opgezadeld.

Aquabest (het water onder) en het terrein van Jansen Recycling (boven). De grijze pyramide is de TAG-berg.

Als de voorgangers van Johan van de Hout zo slim waren geweest om in 2007 een escrow-rekening te eisen, was de verhouding tussen provincie en Jansen recycling nu een stuk minder gecompliceerd geweest.

 

Raad van State gelast verwijdering TAG van Jansen Recycling

De Raad van State heeft zich over het Teerhoudend Asfalt Granulaat (TAG) van Jansen BV in Son en Breugel gebogen. Op het terrein van werkmaatschappij Jansen Recycling BV aan de Kanaaldijk-Zuid in Son en Breugel ligt een enorme berg met dat spul, veel meer dan de vergunning voor dat terrein toestaat.

Aquabest (het water onder) en het terrein van Jansen Recycling (boven)
Aquabest (het water onder) en het terrein van Jansen Recycling (boven). De grijze berg is het TAG.

TAG bestaat uit verbrokkelde restanten van wegen, die vroeger met (kool)teer houdend asfalt aangelegd zijn. Die wegen worden vroeg of laat gerenoveerd en dan komt het spul weer vrij. Maar inmiddels kan het, afhankelijk van de samenstelling, chemisch afval zijn geworden omdat het materiaal stijf staat van de PAK’s (Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen). Wegbeheerders kunnen dat a raison van bijbetaling van ca €32 per ton aanleveren bij erkende verwerkers. Jansen is in 2007 met inzamelen gestart en inmiddels ligt er bij Jansen Recycling 600.000 ton.
Maar het terrein dient voor overslag en niet voor eindopslag en daarom mag het TAG er maar een jaar liggen (drie jaar als het nuttig verwerkt wordt). De oudste brokken liggen er echter al negen jaar.

Veel te laat is de provincie (bevoegd gezag) gaan handhaven, eigenlijk pas toen Johan van der Hout gedeputeerde werd in 2011. Dat zijn slepende procedures. Op een gegeven moment ging de provincie dwangsommen opleggen en de kern van de Raad van State-uitspraak van 23 nov 2016 is dat dat mocht.
Dat betekent dat Jansen voor 1 april 2017 200.000 ton afgevoerd moet hebben, voor 1 okt 2017 400.000 ton (incl het eerdere tonnage), en voor 1 april 2018 alles wat er langer dan drie jaar ligt.

Inmiddels heeft Jansen BV op 3 nov 2014, dus nog veel later te laat, een vergunning aangevraagd voor de machine die de vernietiging van het TAG moest uitvoeren (de Thermische Reinigingsinstallatie TRI). De Raad van State oordeelde, in lijn met de provincie, dat Jansen met zijn TRI onvoldoende zekerheid bood voor een tijdige afwikkeling van het illegaal liggende TAG.

De ontwerp-beschikking voor de TRI lag van 3 okt t/m 14 nov 2016 ter inzage. Ik heb voor de Werkgroep Geluid en Milieu van het Leefbaarheidsteam van de Achtse Barrier een zienswijze opgesteld, welke meegaat in de officiele procedure. Zie Ontwerpbeschikking TRI Jansen Recycling . De bewoners hebben geen principieel bezwaar tegen de TRI, maar willen een optimale bescherming van hun (op ca 800 m afstand gelegen) leefmilieu.

Het is nu de brandende vraag hoe het verder gaat. De uitvoering van het vonnis gaat Jansen heel veel geld kosten, met de natte vinger ergens rond de 20 miljoen. Ik ben benieuwd of ze dat hebben. plaatje_jansen

Ded volledige uitspraak van de Rada van State is te vinden op  https://www.raadvanstate.nl/uitspraken/zoeken-in-uitspraken/tekst-uitspraak.html?id=89509&summary_only=&q=asfalt .

 

Ontwerpbeschikking TRI Jansen Recycling

Ontwerp-beschikking en zienswijze
Er is in deze kolommen al veel geschreven over het recyclingbedrijf Jansen Recycling aan de Kanaaldijk-Zuid in Son, tegenover de destructor. Zie Vergunning Thermische Reiniger Jansen Recycling ter inzage  voor het laatste artikel. Dat artikel geeft een goed overzicht van de geschiedenis. Ik eindig daar met de belofte dat ik de ontwerp-beschikking zou gaan inzien, en dat heb ik gedaan.
Ik heb mijn bevindingen neergelegd in een stuk voor het Leefbaarheidsteam Achtse Barrier (de aangrenzende Eindhovense wijk), Werkgroep Geluid en Milieu, en dat heeft geleid tot een zienswijze.

Aquabest (het water onder) en het terrein van Jansen Recycling (boven)
Aquabest (het water onder) en het terrein van Jansen Recycling (boven). Het TAG is de grijze berg die er ligt.

De belangrijkste punten in het kort:

  • Gezien de voorgeschiedenis mag Jansen pas weer TAG (Teerhoudend Asfalt Granulaat) innemen als de Thermische Reinigings Installatie (TRI) feitelijk werkt
  • door ingrepen in de layout en in het productieproces kan de geluidsbelasting op de meest Noordelijke woningen in de Achtse Barrier ongeveer 3dB omlaag (die liggen op ruim 700m afstand). Slechts financiele overwegingen verzetten zich hiertegen.
    Met name het pieklawaai (‘s nachts bijv. 60dB(A)) van deze continu doordraaiende inrichting is te soepel gereguleerd
  • de afgasbehandeling voldoet aan wat de wet de Best Beschikbare Technieken vindt, maar het kan beter (een extra voorziening bovenop de twee die zijn voorgeschreven). Per slot van rekening gaat het feitelijk om een gespecialiseerde vuilverbrander, die ook vervuilde grond mee kan laten lopen. Daar kunnen chloorhoudende verbindingen in zitten en die kunnen dioxinen en furanen veroorzaken, als de installatie slecht gerund wordt.
  • de Werkgroep zag graag extra zekerheid tegen geuroverlast door storingen
  • Gezien de voorgeschiedenis is een stringente handhaving nodig.

De volledige tekst is te vinden op zienswijze-jansen-recycling-13nov2016-1 .

Jansen doet weer raar
De Ontwerp-beschikking voor de TRI is een normaal document en in zijn soort niet slecht, hoewel het altijd beter kan (vandaar de zienswijze).

Maar op gezette tijden doet Jansen uitspraken die de vraag oproepen wat hij nou eigenlijk wil en of de installatie bij hem in goede handen is.
Zo schreef het ED op 15 oktober dat Jansen “maandag 17 oktober met het wegwerken van de grote berg TAG begint met een verwerkingsmethode die het bedrijf geheim wil houden.” ?????
Het is ook de provincie NBrabant (het bevoegd gezag) een raadsel wat Jansen bedoelt. Mij ook. Nu juist de TRI, waarvoor op dat moment de Ontwerp-beschikking ter inzage lag, is het apparaat wat voor het wegwerken bedoeld is, en daar is niets geheims aan.
Advokate Bier van Jansen zei (in het ED) dat “het vier jaar kan duren voordat de vergunning van kracht is“. Misschien, maar die termijn lijkt me aan de lange kant.

Ik blijf het niet helemaal vertrouwen.

Vergunning Thermische Reiniger Jansen Recycling ter inzage

De Provincie Noord-Brabant heeft op 30 september 2016 besloten de WABO-ontwerpbeschikking ten behoeve van de oprichting van de thermische TAG-reiniger door Jansen Recycling op het Sonse industrieterrein Ekkersrijt ter inzage te leggen. Van 3 oktober t/m 14 november kan men de stukken doorlezen in het gemeentehuis van Son en Breugel.

Ruimtelijke ordening in het verleden misgelopen

Aquabest (het water onder) en het terrein van Jansen Recycling (boven)
Aquabest (het water onder) en het terrein van Jansen Recycling (boven)

Het probleem is ooit in de wereld geholpen doordat de gemeente Son een gezoneerd bedrijventerrein t.b.v. recyclingbedrijven bestemd heeft naast een door zandwinning ontstane kuil, die later tot een (inmiddels druk bezocht) recreatiegebied Aquabest omgevormd is.
Het recreatiegebied ligt in de gemeente Best en de gemeentegrens tussen Son en Best moet dus ongeveer tussen de bomen langs de oever lopen.
Deze layout leidt onvermijdelijk tot een spanningsveld tussen de exploitant Van Pelt  van Aquabest enerzijds en de exploitant van het recyclingbedrijf, Jansen Recycling, anderzijds (Jansen Recycling is een werkmaatschappij van de holding A.Jansen BV).

Daarnaast houdt de op 700m afstand gelegen woonwijk Achtse Barrier de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten.

Juridische wirwar
Het spanningsveld heeft geleid tot een wirwar aan juridische procedures, die hier niet volledig uit te leggen is. Ik verwijs naar eerdere artikelen op deze site.

De steen des aanstoots is de grijze berg midden op de foto. Dat is TAG (Teerhoudend Asfalt Granulaat). Dat is verbrokkeld oud asfalt uit de tijd dat daarvoor nog koolteer gebruikt werd. Dat staat stijf van de PAK’s (Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen). Die kunnen behoorlijk kankerverwekkend zijn als ze vrijkomen – wat echter niet makkelijk gebeurt.
Het materiaal komt naar boven als oude wegen gerenoveerd worden.
Jansen Recycling heeft inmiddels 600.000 ton TAG in ontvangst genomen, die met zo’n €32 per ton subsidie door wegbeheerders ter vernietiging aangeboden zijn. aangeboden zijn.

Alleen had Jansen Recycling daar geen apparaat voor, een thermische vernietiger (= in praktijk verbranden). En heeft die nog steeds niet. Er is voor dat doel een tweedehands grondreiniger aangeschaft in Engeland, maar die ligt nog, deels gedemonteerd, op het terrein. Wel aanvoer en geen verwerking leidt noodzakelijk tot een steeds grotere berg en die werd na drie jaar (en dat is al lang geleden) geruisloos van ‘werkvoorraad’ (wat wel mag) tot ‘stort’ (wat daar niet mag). Maar het bevoegd gezag, de provincie, deed al die tijd niks. Nu is de berg te hoog en voldoet deze niet aan de afvalvoorschriften.

De tweedehands machine toen hij nog vervuilde grond verwerkte in Chesterfield (UK) - over het resultaat waarvan ik overigens alleen goede berichten heb kunnen achterhalen
De tweedehands machine toen hij nog vervuilde grond verwerkte in Chesterfield (UK) – over het resultaat waarvan ik overigens alleen goede berichten heb kunnen achterhalen

De zaak ging rollen toen Jansen Recycling een revisievergunning voor het hele terrein aanvroeg, inclusief de berg (het eerste spoor). Van Pelt, niet ten onrechte, boos want de berg kwam boven de bomen uit en zou zijn zwemvijver kunnen gaan vervuilen. Een hoop gedoe, de berg moest lager en moest uiteindelijk in zijn geheel worden afgevoerd. Of toch weer niet? De Rechtbank en de Raad van State waren er druk mee. Het is mij nog steeds niet duidelijk.
Wel duidelijk dat Jansen Recycling op Ekkersrijt geen nieuw TAG meer mag innemen.

Ondertussen had Jansen Recycling in nov. 2014 (vele jaren later dan het begin van de inzameling) een aparte vergunningsaanvraag  (inclusief MER) ingediend voor de thermische vernietiger – het tweede spoor. Het College van GS had die terzijde gelegd omdat er op het eerste spoor zoveel juridisch gedoe was. (Het ED-artikel van 30 sept zegt ten onrechte dat de Rechtbank en de Raad van State al een uitspraak gedaan hebben over de thermische vernietiger).
Nu de achterhoedegevechten op het eerste spoor voorbij lijken te zijn, komt de trein op het tweede spoor ook weer op gang. Het College van GS heeft de vergunningaanvraag uit 2014 in behandeling genomen en een ontwerpbeschikking ter inzage gelegd.

Mijn positie
Mijn positie is tweevoudig.

Als politiek persoon deel ik het SP-standpunt dat TAG (dat voor een belangrijk deel chemisch afval is), niet geëxporteerd moet worden, maar in Nederland vernietigd. Anders komt het weer in het milieu. Omdat het heel wat autokilometers bespaart, is het een voordeel als de verwerking in ZO Brabant plaatsvindt, maar dat voordeel is niet oneindig groot. Er zijn elders in Nederland ook inrichtingen.
Als adviseur van het Leefbaarheidsteam in de Achtse Barrier wil ik, dat het TAG geen problemen in de wijk gaat maken.
De twee posities zijn niet strijdig, omdat ik inschat dat de wijk minder te vrezen heeft van een oordeelkundige bewerking dan van een eindeloze opslag die tot stuiven of lekken zou kunnen gaan leiden. Ook de tienduizenden vrachtauto’s, die met veel stuivend gegraaf gevuld zouden moeten worden als het materiaal inderdaad naar elders zou moeten worden afgevoerd, lijken mij niet in het belang van de omwonenden.

Ik kan mij het ongenoegen van Van Pelt overigens goed voorstellen. Geen enkel scenario is in zijn belang.

Maar in voorgaande zin zitten impliciet twee aannames verwerkt:
a)  dat er überhaupt een bewerking komt
b)  dat die oordeelkundig is

Ad a): Jansen Recycling traineert de voortgang al vele jaren. Er moet inmiddels voor ca 15 a 20 miljoen aan subsidie geïncasseerd zijn, tot nu toe zonder enige tegenprestatie. Het lijkt er soms op dat Jansen Recycling er niet zoveel bezwaar tegen heeft dat deze toestand nog geruime tijd voortduurt. Wie er dirty thoughts in een dirty mind op los laat, zou zich zelfs kunnen voorstellen dat een faillissement aantrekkelijker is dan de tegenprestatie. Na welk faillissement er 15 a 20 miljoen overheidsgeld zoek zou zijn, en er alsnog op overheidskosten 600.000 ton chemisch afval naar de Moerdijk gebracht moet worden.

Ad b):  of de bewerking op papier oordeelkundig is, moet blijken uit de tekst van de aanvraag. De Commissie MER ziet in een advies dd januari 2016 geen grote problemen. Er zijn wat duurzaamheidsvragen (biomassabijstook en rookgasrecirculatie) en de installatie kan over de grens van het ETS heen schieten (het Emission Trade System van de EU). Men denkt dat het vermogen in praktijk 18MW thermisch zal zijn, terwijl de ETS-grens op 20MWth ligt.
Ik ga in elk geval proberen om de ontwerp-vergunning zelf ook in te zien.
Of de bewerking in praktijk ook oordeelkundig is, moet blijken. Jansen Recycling had problemen met de BIBOP-procedure en “geniet” een redelijk straf handhavingsregime.

Het is zeer wel denkbaar dat dit verhaal nog niet afgelopen is. Waak-
zaamheid blijft geboden.

Zie Provincie gaf Jansen Recycling ten onrechte omgevingsvergunning voor TAG -update   en het TAG voor de rechter

Provincie gaf Jansen Recycling ten onrechte omgevingsvergunning voor TAG -update

TAG staat voor Teerhoudend Asfalt Granulaat.
Vroeger werd er vaak koolteer voor wegen gebruikt. Dat zit stikvol met PAK’s en is daarom ongezond, met name voor de wegwerkers. Na enig vijven en zessen is in het verleden besloten om teerhoudend asfalt uit het milieu te halen, eerst bij de aanleg van nieuwe wegen en daarna ook bij het renoveren van oude wegen. Dat was een prima gedachte.

Als er zo’n oude weg opgebroken wordt, moeten ze ergens met het TAG naar toe. Er zijn drie bekende, grote verwerkers in Nederland (buiten de regio ZO Brabant). Jansen had de vierde willen worden en neemt daarom al zeven jaar via zijn dochteronderneming Jansen Recycling op zijn terrein aan het Wilhelminakanaal (tegenover de destructor) TAG in.
plaatje_jansen
Alleen, Jansen heeft geen machine om het te verwerken. Verwerken betekent feitelijk ‘gecontroleerd verbranden’ (dat heet officieel ‘thermisch reinigen’) , waarna alleen de vroegere hulpstoffen overblijven en warmte vrijkomt. Op zich is dat een beproefd procedé, als het goed gebeurt. Of het goed gebeurt, valt nog niet te beoordelen want er is nog geen vergunning. De aangeschafte tweedehands machine ligt nog steeds gedemonteerd op het terrein. De provincie (bevoegd gezag)  is met die vergunning bezig.

De tweedehands machine toen hij nog vervuilde grond verwerkte in Chesterfield (UK) - over het resultaat waarvan ik overigens alleen goede berichten heb kunnen achterhalen
De tweedehands machine toen hij nog vervuilde grond verwerkte in Chesterfield (UK) – over het resultaat waarvan ik overigens alleen goede berichten heb kunnen achterhalen

De omgeving kijkt met diep verdriet naar de TAG-berg en de voornemens van Jansen. Dat betreft vooral Van Pelt, de exploitant van Aqua Best en de gemeente Son en Breugel en, op wat minder urgente afstand, het Leefbaarheids Team Achtse Barrier, waarvan ik adviseur ben. Eerstgenoemde twee spanden een proces aan.

Verder verwijs ik naar het TAG voor de rechter .

Op 24 juli 2015 deed de Rechtbank in Den Bosch uitspraak (zie Uitspraak Rechtbank Den Bosch 24juli2015 volledig).

De bezwaarmakers hebben als met een schot hagel op de provinciale vergunning geschoten en vijf korrels waren raak.
1)         De provincie heeft de bedrijfstijden van de puinbreker en de
bijbehorende zeef onvoldoende duidelijk vastgelegd
2)         De geldende regelgeving spreekt een voorkeur uit voor inpandige opslag van (mogelijk stuivende) bulkgoederen, maar legt dat niet met zoveel woorden dwingend vast. De provincie had misschien tot het besluit kunnen komen dat de opslag van TAG in de open lucht aanvaardbaar was, maar dan had daar een betere motivering onder moeten liggen.
3)         De Rechtbank vindt dat er feitelijk sprake is van een stortplaats en niet van een werkvoorraad. Er wordt inmiddels al zeven jaar TAG ingenomen zonder dat er noemenswaardige verwijdering plaatsvindt, terwijl dat hooguit drie jaar had mogen duren.
4)         Daarom moet de TAG-berg aan de eisen van een stortvoorziening voldoen en die zijn strenger als aan een werkvoorraad. Met name de vloeistofdichte bodem is van belang, omdat TAG een potentieel bodembedreigende stof is. Deze vloeistofdichtheid is echter niet te beoordelen, omdat het TAG erop ligt. Ten tijde van de zitting was nog steeds niet duidelijk hoe de grondwatermonitoring zou moeten plaatsvinden.
5)         De provincie ging ervan uit dat voor de aangevraagde revisievergunning met een ‘vormvrije MER’ volstaan kon worden en heeft in zijn vergunning geen enkele passage gewijd aan het al dan niet nodig zijn van een MER.

De Rechtbank stelt dat de provincie “mede gezien de aard van de gebreken” binnen zes maanden na 24 juli 2015 “een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.” Er moet namelijk toch een vergunning voor de thermische reiniger komen en het is het meest logisch om alles in één keer goed te doen (aldus vrij vertaald de Rechtbank).
In afwachting van deze nieuwe vergunning mag Jansen Recycling geen TAG meer innemen.

De provincie is veroordeeld tot de proceskosten, alles samen €1790.

Op 10 sept 2015 werd bekend dat Jansen BV en de provincie in hoger beroep gegaan zijn tegen het vonnis. Deze zaak zal zich dus nog wel even voortslepen.

Op 4 november 2015 heeft de branche-organisatie BRBS Recycling opheldering geeist bij de provincie vanwege de voorlopige voorziening in dit beroep. De brancheorganisatie vroeg zich af hoe het kon, dat tegen hen altijd verteld wordt dat een berg TAG er maar één jaar mag liggen (hooguit drie als er onmiddellijk een nuttige toepassing op volgt), terwijl de provincie het bij Jansen Recycling probeert te verkopen alsof zeven jaar nog steeds een tijdelijke opslag is, die bovendien door de regen steeds schoner wordt. Inderdaad een merkwaardige redenering.
Op 11 februari 2016 had BRBS Recycling, ondanks enkele aanmaningen, nog steeds niets gehoord van de provincie. Daar klaagt BRBS over in een op die dag gedateerde brief aan PS en GS. BRBS wil snel antwoord want “de zienswijze van de provincie heeft namelijk ook bij andere recyclingbedrijven een stevige impact op de dagelijkse gang van zaken.
De ergernis is begrijpelijk, maar het antwoord zou op dit moment ongetwijfeld zijn dat de kwestie nog onder de rechter is (namelijk bij de Raad van State). En dat had BRBS Recycling dan ook wel weer kunnen weten.

Op 1 maart heeft de Raad van State zich over de omgevingsvergunning gebogen en over de handhavingssituatie rondom het TAG. Dat resulteerde in een uitspraak op 6 april, die alleen over de TAG-berg ging.
De eerdere uitspraak van de Rechtbank werd bevestigd, Jansen en het Brabantse College van GS kregen geen poot aan de grond, en buurman Van Pelt, exploitant van Aquabest, en de gemeente Son en Breugel kreeg gelijk.
De Raad van State besliste dat het TAG al vanaf 2008 ingenomen wordt en dat heel veel TAG er dus veel langer dan drie jaar ligt. De RvS maakt korte metten met de redenering van Jansen dat de hoeveelheid die er ligt (zijnde 600.000 ton) minder dan drie maal de verwerkingscapaciteit van de gedroomde Thermische Reinigings Installatie is (zijnde 300.000 ton per jaar), en dat daarom er geen overtreding was. (Overigens staat deze TRI er nog niet en is zelfs nog niet vergund, dus de feitelijke capaciteit is momenteel 0 ton/jaar, maar daar is de RvS al niet eens meer aan toegekomen bg).
De RvS heeft bepaald
a)  dat de provincie binnen zes weken een nieuw besluit moet nemen met inachtname van wat er allemaal gezegd is.
b)  dat bij voorlopige voorziening het moment, waarop het TAG tot de vergunde hoeveelheid terug gebracht moet zijn, verlengd wordt tot 1 april 2017. Voordeel van de verlenging is de de grommende en stuivende machines en auto’s dan niet bezig zijn terwijl Van Pelts badseizoen loopt.

Wordt ongetwijfeld vervolgd

Gedachten bij de overname van Reiling in Sterksel

Een consortium onder leiding van Ruben van Maris van Maris Projects (http://www.maris-projects.nl/) uit Schijndel wil het bedrijfsterrein van Reiling in Sterksel opkopen. Van Maris wil er volgens de krant (het ED van 1 april 2015) tientallen miljoenen investeren met het doel
organische meststoffen, stroom en gas te produceren. Het klinkt als een moderne biovergister met toebehoren. OP de website van Maris Projects is nog geen informatie over het project te vinden.

De eerste reacties in de pers zijn voorzichtig optimistisch, waarbij
eenieder denkt aan wat er bij Reiling aan ellende naar buiten gekomen is in de afgelopen jaren (en er zijn ook wel wat dingetjes niet naar buiten gekomen). Men denkt dat het niet gauw slechter kan. Op zich heb ik dat gevoel ook wel een beetje.
Ik zie echter ook wel haken en ogen, die vooral te maken hebben met de ruimtelijke inpassing van het huidige complex, de ontsluiting en met de juridische structuur binnen het complex.

Pattegrond van de omgeving van Reiling
Pattegrond van de omgeving van Reiling

De ruimtelijke geschiedenis
Het ruitvormige paarse gebied in het midden is het Reiling-terrein. Daarboven ligt Sterksel.
De oude Reiling had in dit Landbouw Ontwikkelings Gebied een daglonersbedrijf. Zo stond het ook op het vroegere bestemmingsplan (BP) Buitengebied Heeze-Leende 2009. Er mocht één bedrijf staan en dat stond er.
Na het faillissement van Reiling heeft de Driessen Group het terrein gekocht. De Driessen Group heeft het terrein vol gezet met categorie 3, 4 en zelfs 5 – inrichtingen die allemaal iets anders doen met afval, en die gemeenschappelijke inrichtingen gebruiken als bijvoorbeeld een weegbrug. Aan deze ontwikkeling is nooit een wijziging van het BP te pas gekomen. Op de plankaart van het BP 2009 en op de kaarten bij de Verordening Ruimte van de provincie zal men op die plaats tevergeefs naar deze bestemming zoeken. In essentie heeft de Driessen Group het terrein gekraakt voor een illegale activiteit. Al die tijd stond de gemeente Heeze-Leende daarbij en keek er naar. Personele verbindingen tussen Driessen en de lokale politiek waren daaraan niet vreemd.

In 2012 en 2014 is het BP veranderd. Bijgevoegde kaart komt uit het BP Buitengebied Heeze-Leende 2014. Omdat de illegale aanwezigheid van de Driessen Group inmiddels de status had van een verworven recht, zit de onderneming er nu op basis van het z.g. ‘overgangsrecht’. Dat betekent dat de onderneming mag doorfunctioneren, maar dat de
strijdigheid met het BP niet groter mag worden. Met andere woorden: de onderneming mag niet uitbreiden. Het is nu de vraag hoe de (nog steeds eventuele, want het is nog niet rond) nieuwe eigenaar met dit probleem wil omgaan. Volgens de krant is er voor de tweede fase een wijziging van de vergunning nodig.

De vrachtauto’s door Sterksel en Maarheeze
De vrees in Sterksel en Maarheeze is dat er straks misschien nog wel meer vrachtauto’s door de dorpskernen komen (er zijn er 1230 per etmaal vergund, waarvan er ca 300 feitelijk plaatsvinden). Deze verkeersstroom vloeit logisch voort uit het ontbreken van een ordentelijke BP-procedure, want daarin is de wijze van ontsluiting een standaard
onderdeel. Gezond ruimtelijk verstand zou nooit op die locatie met die ontsluiting een dergelijke bedrijvigheid gepland hebben.
De (eventuele) nieuwe eigenaar Maris Projects loopt tegen hetzelfde probleem aan.

Men hoopt in Sterksel en Maarheeze dan ook op een rechtstreekse aansluiting op de A2. Als je de krant moet geloven, bestaat daartegen bij Rijkswaterstaat geen bezwaar, maar moet de provincie er acht ton startsubsidie voor neertellen, waarna nog een heleboel meer moet gebeuren. In feite komt het erop neer dat de Driessen Group de kosten, die voortvloeien uit zijn ruimtelijke kraak, afwentelt op de overheid met als argument dat anders de bevolking onder de vrachtauto’s lijdt.
Ik wil volgen hoe zich dit in de toekomst ontwikkelt.

De organisatie binnen het Reiling-terrein
Het heet wel ‘Reiling’, maar in feite gaat het om een half dozijn zelf-
standige bedrijven waarvan ‘Reiling’ er een is. De andere bedrijven zijn voor hun milieuvergunning ondergeschikt aan Reiling (een ‘paraplu-
situatie’). Op zich schijnt dat te kunnen omdat Reiling (lees Driessen) gemeenschappelijke voorzieningen aanbiedt en privaatrechterlijke contracten heeft met de andere bedrijven.
Het is mij niet duidelijk of Driessen juridisch in staat is bedrijven, die niet in de nieuwe opzet passen, weg te krijgen. Ik denk het wel, maar mogelijk vertraagt het. We zullen zien.

Milieuhandhaving
SP-gedeputeerde Johan van den Hout erfde de situatie, die ruimtelijk niet klopt, van zijn voorganger en moest de omgevingsvergunningen
ontwerpen en handhaven voor een situatie die eigenlijk niet had mogen bestaan. Daar had hij zijn handen vol aan. Hij deed er in elk geval meer aan dan zijn voorgangers, maar het bleef dweilen met de kraan open. Camera’s, heimelijk geplaatste GPS-trackers en vluchten met het politievliegtuig waren nodig om bewijs rond te krijgen.

De (eventuele) nieuwe eigenaar beweert dat het een modelonderneming gaat worden. Ik gun hem (zoals eigenlijk iedereen op dit moment) het voordeel van de twijfel.

Geurregelgeving rond industriële bedrijven in Brabant

Algemeen
Vanwege een verzoek van de Wijkraad Brouwhuis, waar mensen last hebben van de geur van het BZOB-terein (Geur Coppens en In gesprek over het BZOB-terrein), ben ik me gaan verdiepen in de regelgeving rondom geur. Ik kwam een heel eind met literatuuronderzoek, maar dat alleen is een beetje riskant. Vandaar een goed gesprek met twee ambtenaren van de Omgevings Dienst Zuid-Oost Brabant (ODZOB).

Een indeling.
Voor veehouderijen bestaat aparte wetgeving.
De niet-veehouderijen waar geen (groot) probleem bestaat (een fritestent) vallen onder het Activiteitenbesluit A of B en zijn niet vergunningplichtig. Daarover gaat dit verhaal ook niet.
Blijft over de categorie die wel vergunningplichtig is, waaronder de bedrijven op het BZOB-terrein.

Of de provincie of de gemeente bevoegd gezag is, is in de wet vastgelegd, maar dat is niet beknopt uitlegbaar. Voor de stinkende bedrijven op het BZOB-terrein is de provincie bevoegd gezag.

Het geurbeleid is alleen op hoofdlijnen vastgelegd. Het bevoegd gezag bepaalt wat een aanvaardbaar hinderniveau is. Daartoe volgt men een stappenplan uit de Handleiding Geur. Dat plan is vooral procedureel en bevat zelf geen inhoud.
Vaak levert de branche de inhoud middels een Bijzondere Regeling. Dat leidt tot een indeling naar branche. Bijv. Coppens valt onder de Bijzondere Regeling A3 “Diervoederindustrie”.

Dergelijke Bijzondere Regelingen zijn niet zelf de wet. De diervoederbranche stelt voor om als ‘acceptabel hinderniveau’ te definieren ‘een 98-percentiel van 1,4ouE/m3 in bestaande situaties en idem 0,7 in nieuwe situaties’. Dat wordt pas een wet als de provincie dat overneemt.

Wat zijn ouE’s en percentielen?
Ik stel me het ongeveer zo voor: een ambtenaar van de Omgevings Dienst Midden Brabant (daar zit dit specialisme) klimt met een speciale zak op een laddertje, houdt die zak in de schoorsteen, knoopt hem dicht en gaat ermee naar het lab. Daar zitten vier getrainde personen klaar. Die krijgen de lucht in gecontroleerde verdunningen toegevoerd. Als twee van de vier iets ruiken, heeft ruikt die verdunning met één (ouderwetse Nederlandse) geureenheid. Twee van die dingen heet een odour unit (ou). De E staat voor Europees. Dat wordt daarna teruggerekend tot de oorspronkelijke waarde.
Wat er uit de schoorsteen komt heet de emissie (in ouE/uur) en wat er bij de voordeur aankomt heet de immissie (in ouE/m3). Burgers ruiken dus de immissie.
Het verband tussen beide wordt vastgesteld met een rekenmodel, het NNM. De uitkomst daarvan is per definitie de waarheid. Er bestaat momenteel geen objectieve stankmeter die je bij je voordeur kunt hangen (zoiets als het stankequivalent van de dB-meter). Zie hieronder de E-nose.

Nu is de geur van jasmijn aangenamer dan die van stront, hoewel je ook niet je leven lang in de jasmijnlucht wilt zitten. Dat wordt in rekening gebracht met een “hedonische factor”. Dat is een getal 1,2,3,4 of 5 waardoor gedeeld wordt. Als er 200000 ouE/uur de pijp uitgaan, telt dat in de berekening voor mestlucht /1 en voor jasmijn /5 (in het voorbeeld dus 40000).

De ’98-percentiel” betekent dat de waarde gedurende 2% van het jaar overschreden mag worden. Dus 2% van 8760 uur, dus 175 uur per jaar.

De E-nose
Er zijn wel elektronische detectiesystemen van geurende stoffen ontwikkeld, maar die zijn nog experimenteel en alleen in beschermde en relatief eenvoudige situaties toepasbaar. Er loopt een pilot met E-noses op industrieterrein Moerdijk.
Probleem blijft vooralsnog dat de menselijke neus voor sommige stoffen zeer veel gevoeliger is dan elektronische sensoren.

De provincie
De provincie heeft op 3 november 2011 een beleidsregel vastgesteld “Beoordeling geurhinder omgevingsvergunningen industriële bedrijven Noord-Brabant” (Beleidsregel beoordeling geurhinder bedrijven Noord-Brabant). Daarin:
–           als er een Bijzondere Regeling is, wordt die gevolgd. Dit leidt
bijvoorbeeld bij Coppens tot genoemde 1,4 en 0,7 .
–           als er geen Bijzondere Regeling is, wordt een richtwaarde vastgesteld die iets strenger is (nl 1,0 resp 0,5). In speciale situaties mag dat worden opgehoogd tot het dubbele, de grenswaarde.
–           bij het vaststellen van het acceptabel hinderniveau “betrekken GS de ontvangen hindersignalen over de inrichting”. Daartoe bestaat een protocol. Dat kan mogelijk leiden tot een strengere vergunning, maar de details zijn me niet duidelijk.
–           de hedonische waarde van onbekende mengsels wordt op 0,5 gesteld (die tellen dus dubbel)

Best Beschikbare Technieken (BBT’s)
Verordeningen hebben de mond vol over BBT’s, maar de praktijk valt tegen. De eis is immers slechts dat op nabije woonbestemmingen de norm gehaald wordt (bijvoorbeeld 1,4 ouE/m3) . Als dat “gewoon” kan (bijvoorbeeld met een hogere schoorsteen) is het ook goed.
Vaak kan er meer dan de vergunning voorschrijft en worden de technische mogelijkheden niet optimaal benut. ‘Best’ is niet altijd ‘best’. 1,4 kon best 1,0 worden en 98% kon best 99% worden, maar dat is duurder, het hoeft niet en dus gebeurt het niet.

Cumulatie
Op het BZOB-terrein in Helmond staan meerdere bedrijven die geurhinder veroorzaken (Coppens Diervoeders, Den Ouden, mogelijk Ferm-O-Feed). Ik heb tot nu toe geen bepalingen gezien die iets zeggen over stank in woonwijken door meerdere stinkende bedrijven tegelijk. Als twee bedrijven elk 2% kans hebben om boven de 1,4 ouE/m3 te komen, is de kans dat een woning getroffen wordt ongeveer 4% als de oorzaken van de stank toevallig zijn, of is de blootstelling groter dan 1,4 als beide bedrijven (bijvoorbeeld door het weer) tegelijk stinken.

Dit vraagt mijns inziens aandacht.

het TAG voor de rechter

(Lees voor de duidelijkheid eventueel eerdere berichten.)

Gisteren (6 februari 2015)  kwam de berg Teerhoudend Asfalt Granulaat (TAG) van Jansen Recycling voor de rechter. Directe aanleiding is de revisievergunning, die de provincie wil geven met daarin ruimte voor een enorme TAG-opslag. Het is de bedoeling dat die TAG vernietigd wordt (door een soort gecontroleerde verbranding), waarna het zand en het grind en andere vulstoffen weer hergebruikt kunnen worden. TAG bevat veel PAK’s die, indien vrij in de lucht, kanker kunnen veroorzaken. Het is dus goed dat het vernietigd wordt en conform het Nederlandse beleid, als het goed gebeurt.
Alleen, de machine die dat moet doen staat er nog niet en er is zelfs nog geen vergunning voor (die is pas in november jl aangevraagd). Òf het goed gebeurt, is dus nu niet beoordeelbaar.

De letterlijke puinzooi is ook een juridische puinzooi. Jansen zamelt al zeven jaar TAG in en laat zich daarvoor het verwerkingstarief betalen zonder dat het verwerkt wordt. De provincie heeft dat al die tijd toegestaan terwijl dat helemaal niet mocht. De gemeente Son ziet tamelijk machteloos toe hoe op haar grondgebied zich een steeds grotere bedreiging opstapelt die ooit kan gaan lekken en stuiven. Buurman Van Pelt van Aquabest en de visvijver is bang dat de berg en een reutelende asfaltmachine de badgasten wegjagen. Son en Van Pelt hebben beroep aangetekend. Het Leefbaarheids Team Achtse Barrier (LTAB), waarvoor ik een zienswijze en een beroepschrift geschreven heb, heeft uiteindelijk uit vrees voor de mogelijke financiële consequenties van procederen afgezien.

Rechter Verhoeven mocht hier een punt aan draaien. Ik heb van de langdurige zitting, waarmee dit proces startte, alleen nog het bericht in het Eindhovens Dagblad ter beschikking. Dit oogt vrij betrouwbaar. Als het klopt wat daar staat, gaat een meervoudige kamer van de Rechtbank in Den Bosch op 16 juni een einduitspraak doen. Verhoeven wil dat:
– de provincie snel een concept-vergunning schrijft
– Son en Van Pelt daar snel op reageren
– Jansen moet het asfalt nat houden en aan eisen voldoen
Het ED meent begrepen te hebben dat Verhoeven een innamestop van nieuw TAG zal gaan gelasten. Uit het artikel wordt niet duidelijk wanneer dat gaat gebeuren.

Zo op het oog doet Verhoeven het verstandigste wat hij doen kan. Ik ben echter geen jurist, dus ik geef mijn mening voor wat het waard is. Deze stap zou betekenen dat de facto gebeurt waar ik voor het LTAB voor gepleit heb, namelijk een opslag ter grootte van twee maal de geschatte doorzet van de thermische vernietigingsmachine, dus 2* ca 300.000 ton. Dat is ongeveer wat er nu ligt.

Ik volg het proces met grote interesse.